partnermenu

zoeken binnen de website

Partnerpagina IBM

IBM-logo

Datagebruik vraagt om scherpere verantwoording

door: Rob Nijman

artikelen | 30 januari 2018

Er is steeds meer aandacht voor het verantwoord gebruik van data. En dat is goed verklaarbaar, gelet op het toenemen van het genereren én verwerken van grote hoeveelheden data. En die data zijn ook nog eens afkomstig van een toenemend aantal bronnen.

IBM

Het Internet of Things: een oneindig netwerk van sensoren die data verzamelen en delen. Data afkomstig van ons eigen lichaam, onze auto, onze verwarmingsthermostaat, ons sociale-mediagedrag; het zijn maar een paar voorbeelden van zaken die ons gemak, onze veiligheid of onze gezondheid dienen. De rode draad is de enorme hoeveelheid data die gegenereerd wordt. Iedere interactie, transactie en elk product levert niet alleen nieuwe data op, maar wordt ook in data vastgelegd. En waar menigeen met het grootste gemak via de app een betaalverzoek met vrienden deelt, een film huurt of een afhaalmaaltijd bestelt, wordt een groot deel van onze data gedeeld met partijen waarvan we het bestaan niet eens kennen. Deze partijen stellen andere organisaties in staat met slimme algoritmes hun bestaande diensten en producten te verbeteren. Met de introductie van dergelijke technologieën komen echter ook nieuwe verantwoordelijkheden om de hoek kijken. Twee fundamentele vragen staan daarbij centraal: hoe kunnen organisaties op een transparante manier omgaan met de data van hun stakeholders – zoals burgers, bedrijven, consumenten en afnemers – en van wie zijn die data eigenlijk?

Grijze gebieden

De publieke discussie richt zich vooral op het beschermen van gegevens van burgers. Maar ook de overheids- en bedrijfsdata die tussen organisaties worden uitgewisseld krijgen steeds meer aandacht. Dat is nodig – in Nederland hebben we altijd de ambitie gehad om innovatie verder te stimuleren, maar de aandacht voor de verantwoordelijkheden die daarbij komen kijken is ondergesneeuwd. Met de nieuwe Europese Databeschermingswet (GDPR, in Nederland bekend als de Algemene Verordening Gegevensbescherming, de AVG) wordt beoogd beter toe te zien op onze rechten ten aanzien van persoonsgegevens, en de transformatie naar een data-driven economie beter te stroomlijnen.

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP), belast met de verantwoordelijkheid voor het toezicht op de AVG, benadrukt terecht de beide kanten van de medaille. Allereerst dat persoonsgegevensbescherming nodig is, omdat daarmee essentiële rechten van burgers gewaarborgd worden. Aan de andere kant dient een verantwoord gebruik van de data van overheden, bedrijven en burgers vele maatschappelijke belangen; er wordt voortdurend gezocht naar nieuwe manieren om data te benutten voor inno- vatieve diensten en producten. Die ontwikkeling is van groot belang. Daarbij zijn grijze gebieden soms onvermijdbaar. Een voorbeeld: gebruik van persoonsgegevens zonder toestemming is niet toegestaan. Maar op cruciale momenten kan de zorgplicht voor individu of maatschappij de verwerkers van dergelijke data wellicht nopen om zonder die toestemming te handelen.

Een ander voorbeeld: profiling, als gevolg van databewerking, kan in ultieme vorm neerslaan op een natuurlijk persoon, waardoor het wellicht in het aandachtsge- bied van de AVG terechtkomt. Maar vallen de algemene dataverzamelingen die zijn aangelegd als bron voor zulke analyses dan ook onder de werking van de AVG? Dat lijkt niet nodig, maar wordt er ook zo geredeneerd? De AP geeft ruiterlijk toe dat deze en andere kwesties aandacht behoeven, en soms wellicht pas aan de hand van de praktijk, gedurende de looptijd van de AVG, echt op hun merites beoordeeld kunnen worden. Zij verwijst dan ultiem naar rechterlijke uitspraken die zouden kunnen volgen, maar het is natuurlijk te verkiezen dat er al eerder duidelijkheid ontstaat.

Zorgvuldig en transparant

De data-driven economy brengt onmiskenbaar nieuwe kansen met zich mee. Tegelijkertijd is een groeiend aantal organisaties zich bewust van de gevolgen van het gebruik van externe diensten voor hun databeleid. Dit leidt tot beter toezicht op de locatie waar data opgeslagen worden, en de beveiligings- en privacymaatregelen die daarbij van kracht zijn. Die lijn moet doorgetrokken worden: iedere organisatie heeft een verantwoordelijkheid om zorgvuldig en transpa- rant om te gaan met de klant- en gebruikersdata waarover ze beschikt. Daarbij moet gelden dat de belangen van de klant vooropstaan. Organisaties die gebruikmaken van digitale diensten blijven eigenaar van hun eigen data. En als eigenaar moeten ze weten waar data worden opgeslagen en er zeker van kunnen zijn dat hun data niet toegankelijk zijn voor derden.

Daarnaast is het van belang dat organisaties die gebruikmaken van de nieuwste, slimme algoritmes en kunstmatige intelligentie, kunnen verklaren welke factoren een rol hebben gespeeld in de aanbevelingen die deze diensten leveren. Door inzicht te geven in welke data zijn gebruikt, en op welke manier, creëren organisaties meer begrip en vertrouwen voor de wijze waarop algoritmes tot bepaalde conclusies en aanbevelingen komen.

Vertrouwen wordt in een economie die steeds sterker leunt op technologische innovaties belangrijker dan ooit. Het verantwoord, veilig en transparant omgaan met data is het fundament waarop dit vertrouwen gebouwd is.

Rob Nijman is directeur Centrale Overheid IBM Nederland B.V.

tags:

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.