Partnerpagina ICTU

- - - - -

Digitale proeftuin: een leerproces

artikelen, 19 april 2018

Het stimuleren van meer directe burgerbetrokkenheid in lokale beleidsontwik- keling. Dat is het doel van een proeftuin rond digitale democratie die onlangs is gestart. De proeftuin, waarin open source participatietools een voorname rol spelen, is een initiatief van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), met steun van ICTU, gemeenten en een aantal externe partners. Deze proeftuin is onderdeel van het actieprogramma versterking democratie en bestuur.

e-democratie

Digitale participatietools bieden nieuwe mogelijkheden om tot besluitvorming te komen. Op de website e-dem.nl staan open source tools voor lokaal gebruik én de handreiking die handvatten biedt voor implementatie

Het idee om een proeftuin rond digitale democratie te starten, komt niet uit de lucht vallen. Het is een vervolg op een eerder project vanuit het ministerie van BZK, waarbij kennis en ervaringen uit het buitenland rondom open source participatietools zijn opgehaald. Daarbij is gekeken naar verschillende initiatieven. Voor de proeftuin is uiteindelijk gekozen voor een aantal tools die zijn samengebracht in het D-CENT- programma (Decentralised Citizens ENgagement Technologies). D-CENT is een EU-initiatief om lokale overheden te helpen om gezamenlijk (open source) software tot ontwikkeling te brengen met betrekking tot democratische besluitvormingsprocessen.

Transparant

Het viel Koos Steenbergen, opdrachtgever proeftuin Digitale Democratie (BZK), op dat er nog niet veel Nederlandse gebruikers waren. “Op dat moment ontstond het idee om Nederlandse overheden kennis te laten maken met de tools en ze beschikbaar te stellen in het Nederlands, zodat de tools ook daadwerkelijk gebruikt kunnen gaan worden. Wat ons betreft blijft het daar niet bij. Het mooie van dit open source instrumentarium is dat de code publiek beschikbaar is, dat deelnemers met elkaar het gesprek kunnen voeren over het gebruik ervan, op elkaars bijdragen kunnen voortborduren én van elkaar kunnen leren. Wij hopen dat er op den duur ook in Nederland een gebruikersgemeenschap ontstaat van overheden die met open source participatietools werken. Hierdoor is voor gebruikers zowel het proces áls de uit- komst transparant en controleerbaar, een belangrijke voorwaarde voor democratisch vertrouwen.”

Bij het verder vormgeven van de plannen binnen overheden, werd geconstateerd dat de geïnteresseerde gemeenten veel vragen hadden over de inzet van de tools en het proces. Zoals: ‘Hoe gaan wij onze doelgroep bereiken?’, ‘Welke vraagstukken lenen zich nu goed voor digitale participatie?’, ‘Hoe zorgen we dat wij mensen niet uitsluiten?’, ‘Hoe richten wij de tool in?’ en ‘Wat is er voor technische ondersteuning en beheer nodig?’.

“Voor ons was dat reden om na te denken over een proeftuin, waarbij al dit soort vragen aan de orde zouden kunnen komen. Dat was ook het moment waarop ICTU in beeld kwam. Enerzijds omdat dat een organisatie is die de ontwikkeling en het beheer gedurende de proeftuin op zich kan nemen, anderzijds omdat ICTU in de afgelopen jaren veel ervaring heeft opgedaan met open source tools. Inmiddels is de proeftuin van start. Het is met name de bedoeling dat deelnemende gemeenten daarin met én van elkaar leren.”

Nieuwe vragen

“In feite is wat wij doen in de proeftuin, niet veel anders dan bestaande participatietrajecten”, aldus Giulietta Marani, adviseur innovatie bij ICTU. “Het enige wat wij doen is een digitaal kanaal toevoegen in de hoop dat er een grotere doelgroep bereikt wordt. Ook al omdat in onze samenleving digitalisering steeds meer een rol speelt.” Vanzelfsprekend levert het digitale aspect wel weer een reeks nieuwe vragen op, bijvoorbeeld rondom privacy. “Hoe lang bewaar je gegevens, voor welke doeleinden en hoe koppel je die gegevens terug? Wanneer doe je iets digitaals en wanneer iets fysieks? Daar gaan wij gemeenten bij helpen, waarbij het de bedoeling is dat gemeenten hun leerervaringen aan elkaar kunnen overbrengen. Ook dat past mooi in de gedachte van open source.”

Opzet proeftuin

De proeftuin gaat van start met een tiental gemeenten die aan de slag gaan met de open source tools. Gemeenten kunnen in de proeftuin ook hun eigen open source tool inbrengen. Zo brengt Amsterdam de tool ‘Stem van West’ in. De bedoeling is dat gemeenten in drie rondes leren hoe de verschillende tools te gebruiken zijn en hoe de responsiviteit te vergroten is. Het is belangrijk dat deelnemende gemeenten voldoende mensen en tijd beschikbaar kunnen stellen. Daarnaast wordt er ook kennis uitgewisseld met gemeenten die voor hetzelfde proces closed source tools gebruiken. Om in te springen op verwachtingen en kennisniveau van gemeenten, wordt er in de proeftuin een beroep gedaan op meerdere externe partijen. Zo zijn onder meer Netwerk Democratie, Waag Society en VNG Realisatie van de partij en worden ook internationale netwerken ingeschakeld.

Koos Steenbergen hoopt dat er over een jaar of twee, drie een situatie is ontstaan dat gemeenten het werken met digitale participatietools dusdanig hebben omarmd dat het onderdeel is geworden van hun dagelijkse werkwijze. “Dat voor gemeenten die interactief beleid willen maken en hun responsiviteit willen verhogen, deze aanpak en het gebruik van participatietools een vanzelfsprekendheid is geworden. Waarbij wat ons betreft, dat zal niemand verbazen, de voorkeur uitgaat naar gebruik van open source. “

tags: ,

- - - - -

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie.