zoeken binnen de website

Onderschatte complexiteit

Peter Mom

door: Peter Mom | 5 juni 2012

Als je achter elkaar leest dat (1) ‘het programmamanagement nu meer is ingericht op resultaatgerichte sturing’, (2) ‘de programmamanager en twee van de drie projectleiders vervangen’ zijn, (3) ‘het nieuwe programmateam […] een aantal belangrijke issues geconstateerd’ heeft, en ietsje eerder dat (4) het nieuwe team ‘elkaar vertrouwt’, dan voedt 1 + 2 + 3 + 4 toch wel een beeld van het vorige team als een club die met disfunctionerende voorlieden in onderling wantrouwen weinig voor elkaar kreeg en de moderniseringsexercitie zelfs met een aantal majeure obstakels (‘issues’) heeft laten zitten.

Een reviewteam heeft weer eens de thermometer in de modernisering van de GBA annex de invoering van de BRP gestoken en een noodzaak vastgesteld om consequent op product, tijd en geld te sturen. Dat gebeurde kennelijk niet. Of niet consequent. Wat de tijd betreft: de BRP-ontwikkeling heeft vier tot zes maanden vertraging opgelopen, onder meer ‘door een onderschatting van de complexiteit’. En producten zijn er ook nog amper.

Het reviewteam roept het programma op nu eens iets te tonen, zodat ‘stakeholders’ ergens enthousiast over kunnen raken, althans op z’n minst hun planningen kunnen afstemmen op wat vanuit Den Haag wordt aangekondigd. Zoals koppelvlakken naar externe componenten (Burgerzakenmodules en andere gemeentelijke systemen). De communicatie met de omgeving laat echter nog altijd te wensen over. Die moet aanzienlijk beter, ‘concreet en in “normale mensen”taal’. Ook van belang voor de migratie. Want de gekozen implementatiestrategie – oude en nieuwe systemen drie jaar lang tegelijk operationeel met gemeenten en afnemers die zelf hun overstap plannen (allemaal dus in het najaar van 2015) – vormt een groot risico.

Hoop

Maar er gloort hoop. Het nieuwe programmamanagement (ze worden ‘positief beoordeeld’ en ‘komen ook over als een sterk team’) heeft planning en businesscase herzien en een nieuwe risicoanalyse gemaakt, zodat de stuurgroep, die een dezer dagen bijeenkomt, ‘een geactualiseerd programmaplan met onderliggende planningen van mijlpalen’ kan vaststellen. Volgende gateway review: ‘rond de zomer van 2013’.

Wat dus zeker ook nog moet worden vastgesteld is hoe de landelijke BRP met gemeentelijke systemen (belastingen, werk en inkomen, vergunningen etcetera) communiceert. Volgens Lidwien Meijers, strategisch productmanager lokale overheid bij Centric, reagerend op de blog van 15 mei, moet je ter vermijding van een ‘binnengemeentelijke big-bang’ aanvaarden dat systemen nog steeds zelf basisgegevens opslaan voor eigen werkprocessen en zijn berichten uit de BRP daarvoor essentieel. Maar of zo’n bericht aan de gemeente wordt geadresseerd dan wel aan de betreffende afdeling en of alleen een mutatie wordt doorgeven dan wel de hele gemuteerde gegevensset?

“Allemaal onduidelijk,” aldus Meijers, die het wel relevant noemt ‘om ervoor te zorgen dat niet de gehele dienstverlening in gevaar komt’ of ‘bij invoering van de BRP direct alle werkprocessen volledig aangepast moeten worden’. Ze stipt ook aan dat de BRP voor gegevensuitwisseling niet de StUF-standaard gebruikt. Na het Nieuw Handelsregister nog een basisregistratie die zich niets gelegen laat liggen aan deze ‘verplichte’ standaard.

Wie snapt nog iets van deze complexe materie? Reacties graag naar petermom at ibestuur.nl.

Peter Mom is freelance journalist met e/i-overheid als specialisatie

tags: , ,