Terug naar beroepsverboden?

Fatou van den Hoff

door: Fatou van den Hoff, 31 mei 2012

‘Schaf artikel 125a Ambtenarenwet af’, zei Paapst. Hij vindt dat de grondrechten van de ambtenaar bij normalisatie voldoende geregeld zijn wanneer hetzelfde rechtsstelsel geldt als nu voor werknemers.

Nee, juridisch is het niet wenselijk en mogelijk want artikel 125a Ambtenarenwet (AW) is onmisbaar voor de ambtenaar of de werknemer in overheidsdienst. Zeker in een tijd waarin volksvertegenwoordigers oproepen tot wetgeving om lidmaatschap van politieke partijen voor ambtenaren te verbieden en burgers openheid (geen lobby in achterkamertjes) vragen.

Rechtsbescherming

De discussie over de toepasselijkheid van grondrechten voor ambtenaren loopt sinds 1848. In 1983 is vastgesteld, dat de grondrechten ook voor ambtenaren gelden. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) erkent dat ambtenaren grondrechten hebben. De grondrechten werken rechtstreeks tussen overheidsinstelling en ambtenaar. Dit betekent dat de ambtenaar er altijd een beroep op kan doen. Een werknemer kan dat niet bij zijn werkgever.

Vrijheid van meningsuiting betekent dat je gevoelens en gedachten mag openbaren. Grondrechten kunnen alleen door de wetgever via wet beperkt worden, daarvoor dient 125a AW. 125a AW betreft vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vergadering. Het waarborgt deze vrijheden van ambtenaren en beperkt inmenging door de overheid. Het is geen beperking voor de ambtenaar zoals Paapst stelt. Voor de werknemer geldt een minder beschermd regime.
125a AW schetst kaders voor de rechten en plichten van de ambtenaar en de overheidsinstelling.

Zonder dit wetsartikel zou de ambtenaar enerzijds zijn volledige en onbeperkte grondrecht kunnen uitoefenen! Maar anderzijds zou de overheid de grondrechten vergaand kunnen beperken, zoals in de 19e en 20e eeuw door middel van beroepsverboden gebeurde.

125a AW beschermt de ambtenaar zodat hij bijvoorbeeld actief lid van een politieke partij kan zijn of zijn mening mag uiten.
Het wettelijke stelsel van 125a AW geeft objectiveerbare begrippen en ruimte van meningsuiting die vergelijkbaar zijn met de rechtsbescherming van de werknemer. Ook een werkgever kan werknemers instructies geven, bijvoorbeeld relatiebeding of bijklussen.

De EHRM-uitspraken (Sunday Times en Handyside), die Paapst aanhaalt, zijn belangrijk met betrekkng tot meningsuiting. Echter, ze gaan niet over de vrijheid van meningsuiting voor ambtenaren. Het EHRM heeft zich regelmatig over de grondrechten van ambtenaren uitgesproken. Zie met name de uitspraak in de zaak Vogt versus Duitsland waarin het Hof concludeert dat de grondrechten doorwerken in de verhouding tussen de ambtenaar en zijn overheidswerkgever.

Slingerbeweging – terug naar af?

Leidinggevenden en of bestuurders pas de wet beter toe! De publieke opinie lijkt nu soms belangrijker. Snel genomen besluiten (disciplinaire maatregelen), die niet proportioneel zijn, onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd, worden soms publiek toegelicht.
Ambtenaren gebruiken hun rechten niet en accepteren opgelegde maatregelen zonder de implicaties daarvan te overzien. Het strijden voor je recht is moeilijk, zeker in deze tijd waar banen verdwijnen. De juridische vertegenwoordigers van de ambtenaren die wel een bezwaar- en beroepprocedure aan gaan, beroepen zich weinig op de grondrechten en het EVRM. Zouden ze hiervan niet op de hoogte zijn?
Knelpunt is dat ook politici en burgers de inhoud van dit wetsartikel niet (voldoende) kennen. Velen denken dat de ambtenaar neutraal moet zijn. Niet lang geleden werden ambtenaren ontslagen omdat ze (actief) lid waren van de verkeerde politieke partij of hun mening uiten.

Paapst zegt, dat de ‘like’ achteraf gecensureerd is. Censuur of zelfcensuur? Ik weet het niet. Aannemend dat het censuur was ben ik blij dat het achteraf was. In Nederland bestaat geen censuur vooraf! Censuur vooraf is in strijd met artikel 7 Grondwet. Achteraf wordt beoordeeld of door gebruik van het recht van vrijheid van meningsuiting andere rechten geschonden zijn. Of in het geval van ambtenaren de functioneringsnorm (125a AW).

Mooie woorden van J.A. Peters (1979):” …. het historische overzicht waaruit blijkt dat de situatie t.a.v. de vrijheid van de ambtenaar niet altijd dezelfde is geweest, dat het een slingerbeweging is geweest. En ik geloof dat wat dat betreft het een hele goede waarschuwing zou moeten zijn: laten we nu in iedergeval de grondrechten van ambtenaren zo goed mogelijk verankeren, omdat het niet uitgesloten is dat men in de toekomst wat dat betreft toch weer een weg terug zou willen volgen.”

Fatou van den Hoff, adviseur Vrijheid van Meningsuiting

reacties: 2

tags: ,

- - - - -

  1. Mathieu Paapst, Rijksuniversiteit Groningen #

    31 mei 2012, 23:20

    Laat ik een ding heel duidelijk maken: uiteraard heeft een ambtenaar vrijheid van meningsuiting, en ik ben er helemaal voor dat die vrijheid blijft bestaan. Wanneer er echter in de praktijk gebruik wordt gemaakt van een onduidelijk wetsartikel waarmee die vrijheid aan banden wordt gelegd, dan wordt ik daar als ambtenaar niet blij van. De reactie van Fatou op mijn artikel waarin ik het afschaffen van art. 125a bepleit, lijkt het bewijs te leveren voor mijn stelling. Het artikel 125a is namelijk zo onduidelijk geschreven dat waar ik het zie als een beperking van het grondwettelijke recht op meningsuiting, het artikel is immers negatief geformuleerd, Fatou het juist ziet als een uitbreiding of waarborg van dat recht. Daar zijn we het duidelijk niet eens met elkaar. Wel is zij het met mij eens dat het voor een ambtenaar volstrekt onduidelijk is wat deze nu wel op niet mag zeggen en waar de grenzen liggen. En dat is nu juist de strekking van mijn artikel in iBestuur magazine geweest. Een wetsartikel dat een grondrecht beperkt moet duidelijk en begrijpelijk zijn, daar zou je überhaupt geen adviseur voor nodig moeten hebben, en naar mijn smaak is dat bij 125a niet het geval. Daarom mag het wat mij betreft worden afgeschaft. Vervolgens heb ik gekeken hoe er in het reguliere arbeidsrecht wordt omgegaan met vrijheid van meningsuiting onder werknemers, en ben ik tot de conclusie gekomen dat werknemers ook onder bepaalde voorwaarden gebruik kunnen maken van hun recht op vrijheid van meningsuiting, zelfs wanneer dat hun werkgever betreft, en dat ambtenaren heel goed onder die regeling zouden kunnen vallen. Het doembeeld van beroepsverboden lijkt me echt een brug te ver omdat, zoals Fatou zelf al aangeeft, het Europees Hof al heeft aangegeven dat ook ambtenaren gebruik mogen maken van hun grondwettelijk recht op de vrijheid van meningsuiting. Dat recht gaat ook na schrapping van art. 125a niet ineens weg.

    - - - - -

  2. Fatou van den Hoff - @Ixpressie #

    4 juni 2012, 18:25

    Mathieu en ik zijn het eens dat ambtenaren vrijheid van meningsuiting hebben. Ik vind niet dat artikel 125a AW onduidelijk is. Noch is het mijn persoonlijke mening dat 125a AW een beperking dan wel een ruimte biedt voor de ambtenaar. De Centrale Raad van Beroep heeft dit op grond van de wetsgeschiedenis in jurisprudentie geconcludeerd.
    Artikel 125a AW is noodzakelijk voor de rechtsbescherming van vrijheid van meningsuiting van de ambtenaar en noodzakelijk in ons rechtssysteem waar grondrechten alleen bij wet beperkt kunnen worden. Onduidelijkheid over het artikel ontstaat alleen wanneer betrokkenen niet naar het hele systeem van wet- en regelgeving aangaande meningsuiting kijken.

    Verband creëert duidelijkheid
    Mathieu meent dat artikel 125a AW onduidelijk is. Nu is mijn mening dat elk wetsartikel dat niet in zijn verband staat onduidelijk is. Laten we eens kijken naar artikel 7:611 Burgerlijk Wetboek. Het artikel waarop onder andere de inperking van de meningsuiting van de werknemer wordt gebaseerd. Artikel 7:611 zegt: “De werkgever en de werknemer zijn verplicht zich als een goed werkgever en een goed werknemer te gedragen”.
    Wanneer is er sprake van “goed gedrag”? Dit artikel maakt de definitie van “goed gedrag” niet duidelijk. Noch geeft het artikel aan welke verplichtingen (of rechten) over en weer gelden. Zo los bezien is dit artikel dat Mathieu waarschijnlijk voor de vrijheid van meningsuiting wil gebruiken voor ambtenaren onduidelijker dan artikel 125a AW.
    De in artikel 125a AW genoemde voorwaarden gelden op zijn minst voor werknemers. Particuliere werkgevers kunnen verdergaande beperkingen opleggen dan de overheidswerkgever. Denk aan de medewerker die is ontslagen omdat hij zijn leidinggevende “een eikel” noemde. In hoeverre zou de functioneringsnorm van artikel 125a geschaad zijn? Disciplinair ontslag zou voor een ambtenaar niet erg waarschijnlijk zijn, in deze casus. 125a AW geeft een functioneringsnorm die aangeeft dat meningsuiting het functioneren van de dienst of het functioneren van de ambtenaar niet mag schaden.

    Grondrechten alleen beperkt bij wet
    Artikel 125a AW is noodzakelijk in ons rechtssysteem waarin grondrechten tussen de overheid en derden, dus ook de ambtenaar rechtstreeks doorwerken. Dat betekent dat een ambtenaar altijd een beroep op de grondrechten kan doen als de overheidswerkgever iets doet waardoor zij grondrecht beperkt zouden worden. Deze rechtstreekse werking is een zeer belangrijk verschil met de werknemer en zijn werkgever. Tussen deze twee particuliere partijen werken de grondrechten niet rechtstreeks! Daarom is 125a zo belangrijk. Dit artikel geeft de kaders waarbinnen de rechten en plichten van de ambtenaar en de overheid als werkgever zich bevinden.
    Hoe wil Mathieu de grondrechten van ambtenaren beschermen zonder wetsartikelen? Het EHRM zegt dat ambtenaren grondrechten hebben op grond van artikel 10 EVRM. Daarin is wel bepaald dat de bescherming of de beperking ervan geregeld moet zijn. In Nederland kan dat volgens de grondwet alleen bij wet. Tenzij Mathieu de grondrechten minder fundamenteel wil maken door ze via lagere regelgeving te laten inperken. Ik ken politici die dit standpunt een warm hart toedragen.

    Grondrechten een verworvenheid
    Sinds 1848 wordt in Nederland gediscussieerd over de toepasselijkheid van grondrechten voor ambtenaren. Hierin is een slingerbeweging te herkennen. Bij de laatste grondwetsherziening in 1983 is opnieuw vastgesteld dat de grondrechten voor ambtenaren gelden in hun relatie met overheidswerkgever. Om die verworven ruimte van meningsuiting te verzekeren en beschermen is artikel 125a AW geschreven.
    Het afschaffen van deze verworvenheid vind ik geen goed idee. Noch het aanpassen van de grondwet om via lagere regelgeving grondrechten te kunnen inperken.

    ‘Voice of Holland’
    Ik vind niet dat de onbekendheid van de ruimte van meningsuiting onder ambtenaren veroorzaakt wordt door onduidelijkheid van artikel 125a AW, zoals Mathieu mij toedicht.
    Het grootse knelpunt is mijns inziens dat politici, bestuurders, ambtenaren en burgers artikel 125a AW niet kennen. Velen denken dat de ambtenaar nog steeds neutraal moet zijn. Het adagium “elke Nederland wordt geacht te wet te kennen” is mooi en door de hoeveel wetten die we hebben onrealistisch. Een ‘Voice of Holland’ over de grondrechten is misschien een wijze om aandacht en bekendheid te vergaren.

    Deze onbekendheid van artikel 125a AW onder leidinggevenden en of bestuurders leidt ertoe dat ze geen objectieve onderbouwing (kunnen) geven om de positie van de ambtenaar en zijn vrijheid van meningsuiting uit te leggen. De publieke opinie en de druk die daardoor wordt uitgeoefend lijken zwaarder te wegen dan het stelsel van wet- en regelgeving. Snelle besluiten, die soms verkeerd zijn (bv. overplaatsing, spreekverbod), worden genomen en soms publiek toegelicht.

    Daarom vraag ik aandacht voor het recht van vrije meningsuiting. Misschien moet ik me geen ‘adviseur vrijheid van meningsuiting’ noemen en past ‘marketeer artikel 125a AW’ beter. Hopelijk kan ik snel een andere functie uitoefenen, want dat betekent dat iedereen zijn rechten kent!

    Buiten kijf staat dat elke ambtenaar recht op vrijheid van meningsuiting heeft en artikel 125a AW (12a MAW) hem dat garandeert.

    - - - - -

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie.