eerder verschenen nummers

zoeken binnen de website

Kees Verhoeven breekt lans voor digitale infrastructuur

door: Marjan Arenoe | 26 oktober 2021

Het economisch en strategisch belang van digitale infrastructuur moet veel beter in het vizier komen van de politiek. Voor de Europese Unie is digitalisering – naast klimaat – dé grote beleidsvraag. ‘Als we niet afhankelijk willen zijn, moeten we het zelf maken. Maar in Nederland hebben we geeneens een minister van Digitale Zaken,’ zegt Kees Verhoeven.’

Kees Verhoeven is ervan overtuigd: “Nederland moet een minister van Digitale Zaken krijgen.” | Beeld: ANP, Bart Maat

In de elf jaar dat Verhoeven lid was van de Tweede Kamer (D66) zette hij zich in voor digitalisering. Samen met collega’s kreeg hij voor elkaar dat er een vaste Kamercommissie Digitale Zaken werd ingesteld. Verhoeven begon na zijn afscheid het bedrijf Bureau Digitale Zaken. Hij doet adviesopdrachten, geeft lezingen en trainingen. Eén van zijn opdrachtgevers is de Dutch Data Center Association (DDA).

Is het moreel in de haak om vanuit Den Haag de databranche in te stappen?
“Ik wil daar graag twee dingen over zeggen. In de eerste plaats ben ik geen lobbyist voor de DDA. Ik adviseer datacenters hoe ze op een duurzame manier een rol in het digitale landschap kunnen blijven spelen. Ik probeer ze te helpen in hun energietransitie-vraagstuk. Ten tweede ben ik als Kamerlid nooit betrokken geweest bij beleid voor datacenters. Ik heb de opdracht naar eer en geweten afgewogen. Dit is heel iets anders dan wanneer je als minister overstapt naar de andere kant om te gaan lobbyen voor een bepaald belang.”

Datacenters zijn grote stroomvreters, moeten ze per se allemaal in Nederland staan?
“Datacenters verbruiken ongeveer 2 procent van de energie in Nederland. Een aanzienlijk percentage waar je terecht vraagtekens bij kunt zetten. Tegelijk wil iedereen een snelle, verbonden economie en gebruikmaken van digitale mogelijkheden, zoals kunstmatige intelligentie. Als je dat wil, moet je het faciliteren.”

Je kunt toch ook alleen datacenters faciliteren voor de eigen behoefte?
“Dit is een terechte vraag. Ik vind dat je er in het internationale speelveld niet aan voorbij kunt om zelf sterk te staan in een aantal onderdelen van de digitale economie. Nederland is heel erg trots op ASML, de sterkste fabrikant van chipmachines in de wereld. We zijn daardoor minder afhankelijk van China. Dit geldt ook voor onze sterke datapositie; we hebben daardoor een bepaalde soevereiniteit die je moet meewegen. De wereldeconomie werkt niet zo dat je alleen datacenters herbergt voor eigen gebruik. We zijn voor de cloud en 5G afhankelijk van Amerika en China, het is goed voor het evenwicht om digitale infrastructuur op eigen bodem te hebben.”

Datacenters zijn onderdeel van de digitale infrastructuur, wat is het eigenlijk allemaal nog meer?
“Het internet wordt vaak gezien als een virtuele wereld door termen zoals de cloud en cyberspace, maar in feite is het een wereld van kabels, kasten, leidingen, zenders en masten. Wifi is het enige – en laatste – stukje dat draadloos binnenkomt. Zonder zeekabels had je geen verbinding met Amerika of Japan. Connectiviteit bestaat bij de gratie van fysieke voorzieningen. Veel zeekabels landen hier aan, we hebben veel datacenters. Dankzij het feit dat Nederland sterk is in digitale infrastructuur, kon tijdens corona alles doorgaan. Digitale infrastructuur is een cruciaal onderdeel van het economisch ecosysteem.”

Heeft de overheid voldoende greep op digitale infrastructuur als die zo cruciaal is?
“Digitale infrastructuur is in handen van een keten van allemaal verschillende bedrijven die in contact staan met elkaar. De overheid kan eisen stellen waaraan die bedrijven moeten voldoen.”

“Het mandaat van de nationale digitale brandweer moet groter.”

Gebeurt dat voldoende?
“Nee, het kan beter. Aan de vitale infrastructuur – die van ziekenhuizen, het elektriciteitsnetwerk of het betalingsverkeer – worden eisen gesteld aan de leveranciers, vooral op het gebied van veiligheid. In feite zijn er veel meer organisaties en systemen die weliswaar minder vitaal lijken, maar die wel goed moeten functioneren. Het is de vraag of daar voldoende in wordt geïnvesteerd. Elke overheidsorganisatie of bedrijf moet eens in de zoveel tijd beveiligingsupdates draaien. Wanneer je dat niet doet, word je kwetsbaar voor inbrekers. Misschien moet de overheid het verplicht stellen dat je eens in de zoveel tijd je systemen updatet. Het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) mag niet alle dreigingsinformatie delen, terwijl inlichtingendiensten voortdurend waarschuwen voor de digitale weerbaarheid in Nederland. De bevoegdheden van het NCSC moet worden opgerekt, en je moet investeren zodat iedereen zijn stukje van het geheel beter op orde kan maken.”

Welke extra bevoegdheden moet het NCSC krijgen?
“Bijvoorbeeld informatie over digitale aanvallen, dreigingen en bepaalde softwarefouten sneller en beter kunnen delen. Dat past in beter samenwerken tussen de overheid en het bedrijfsleven om aanvallen op Nederlandse bedrijven te voorkomen en aan te pakken. De NCSC moet een sterkere rol krijgen, een wettelijke uitbreiding van zijn taken. Een bedrijf dat wordt aangevallen, heeft allerlei informatie waarmee je kunt voorkomen dat ook anderen slachtoffer worden. Daarom moet het NCSC die snel kunnen delen. Het mandaat van de nationale digitale brandweer moet groter.”

Is Nederland te afhankelijk van de grote techbedrijven?
Nederland – en heel Europa – is totaal afhankelijk als het gaat om platforms en sociale media. Alle clouddiensten draaien op Microsoft, Amazon, Google en Apple; bijna alle bedrijven en de overheid in Nederland zijn afhankelijk van Amerikaanse bedrijven voor de opslag van data. Voor de vijfde generatie internet (5G) zijn we bijna volledig afhankelijk van de zendmasten van het Chinese Huawei. De Europese aanbieders Nokia en Ericsson zijn onvoldoende concurrerend. In die zin zijn we heel erg afhankelijk.”

Is dat een argument om in te zetten op digitale infrastructuur?
“Het is een minpunt om te afhankelijk te zijn. We hebben dit niet, maar we hebben wel supersnel internet en een goede structuur van datacenters. Veel zeekabels landen zoals gezegd bij ons aan. Een gewild centrum voor connectiviteit, AMS-IX, is in Nederland van de grond gekomen. Vanwege de fijnmazige verbindingen is de Nederlandse digitale infrastructuur een groot pluspunt. Dat moeten we behouden, maar wel op een duurzame manier. De digitale wereldeconomie bestaat uit wederzijdse afhankelijkheid, het is ongezond om te afhankelijk te worden. Je kunt wel zeggen: we doen het voor de eigen behoefte, maar dan zou je dat ook moeten doen voor de cloud en 5G.”

“De digitale infrastructuur levert een grote bijdrage aan de economie en onze positie in de wereld. Maar wat is het ons waard?”

Doet Europa dit dan niet met GAIA-X?
GAIA-X is een programma voor het ontwikkelen van een Europese cloud, als alternatief voor de Amerikaanse aanbieders. Nederland kan er met z’n goede data-infrastructuur een voorlopersrol in spelen. De cloud is belangrijk, iedereen wil informatie opslaan. Niemand wil te afhankelijk zijn, daaruit vloeit voort dat je moet zorgen dat je zelf goed wordt. Niet alleen regels stellen aan Amerikaans en Chinese bedrijven maar het ook zelf gaan maken.”

Digitale infrastructuur vreet ruimte en elektriciteit. Het elektriciteitsnet staat al onder druk. Ook ruimte is in Nederland zeer schaars. Moet de landbouw plaatsmaken voor digitale infrastructuur?
“Ja, dit is een belangrijk en lastig vraagstuk. De landbouw heeft ons veel gebracht, maar nu is het de vraag of het minder ruimte-intensief kan en of het duurzamer kan. Dezelfde vragen spelen bij digitale infrastructuur. Het levert een grote bijdrage aan de economie en onze positie in de wereld. Maar wat is het ons waard? Hoeveel energie mag het kosten? Het is zoeken naar een balans tussen de voor- en de nadelen. Mijn ergernis is dat we praten over wonen, klimaat, landbouw, maar nooit over digitalisering. Nota bene één van de twee prioritaire onderwerpen van Europa. Digitalisering moet een volwaardige plaats krijgen in de afweging van alle belangen. Nederland moet een minister van Digitale Zaken krijgen.”

tags: , , , ,

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.