zoeken binnen de website

Traditioneel kijken naar gebruik nieuwe technologie, vertraagt innovatie

door: Martin Pronk | 9 april 2019

Social media bieden, volgens Martin Pronk, voor ons land een uitgelezen kans om het voortouw te nemen om de wetgeving optimaal in te richten, waarbij we nadrukkelijk ook ruimte laten voor de vele mogelijkheden en kansen. Wanneer we dit signaal breder uitdragen, zullen we er op termijn de positieve gevolgen van zien.

Twitter - Facebook

Beeld: Pixabay/geralt

Vol verbazing las ik de kop boven het artikel van 19 maart met de kop ‘Facebook en Twitter hebben geen nutsfunctie’. Mijn verbazing werd nog groter omdat ik Tweede Kamerlid Verhoeven (D66) hoog heb zitten als het gaat om zijn kennis van technologische ontwikkelingen. In het stuk stelt hij voor dat de overheid eigen social mediakanalen gaat ontwikkelen om te communiceren met de burger. Grote techbedrijven worden gezien als een gevaar voor de samenleving, met alle gevolgen van dien. Natuurlijk, het is niet allemaal even zuiver en de wetgeving loopt nationaal (Archiefwet en Wob) en internationaal flink achter, maar om communicatie tussen burger en overheid geheel buiten social media te houden, getuigt van weinig realiteitszin.

Verwarring?

Maar is dit wel wat Verhoeven bedoelt te zeggen? Wekken het gebruik van algemene termen als ‘communicatie’ en ‘social media’ hier niet veel verwarring op? Ik lees bijvoorbeeld: ‘het presenteren van informatie aan burgers wordt door algoritmen bepaald’ en ‘Er is geen controle op de toegang en geen controle op identiteit’. In het eerste punt gaat het om het verstrekken van informatie via social media (welke kanalen is onduidelijk…) vergelijkbaar met TV-spotjes en advertenties in de krant. Bij het tweede punt gaat het vermoedelijk meer om een gesprek tussen overheid en burger. Ik kan me voorstellen dat het belangrijk is voor de overheid om in bepaalde gevallen meer duidelijkheid te hebben over met wie je in gesprek bent. Dan helpt een vage Twitternaam natuurlijk niet. Als voorwaarde voor een open dialoog zou je kunnen stellen dat het profiel identificeerbaar moet zijn met een profielfoto, de naam van de gebruiker en een ‘normale’ omschrijving.

De identiteit is minder relevant wanneer je op Facebook een algemene vraag stelt als ‘Hoe laat is het stadhuis morgen open?’. De angst is wel terecht dat de kans bestaat dat mensen onbewust persoonlijke informatie gaan delen via open kanalen. Al dan niet aangemoedigd door gemeenten. Social media kan de overheid bijvoorbeeld gebruiken om te zenden, om te monitoren, als helpdesk of voor het uitwisselen van persoonlijke gegevens. Voor het laatste is social media niet het uitgelezen kanaal en op dit punt heeft Verhoeven een punt. Het gebruik van social media-kanalen voor persoonlijke communicatie tussen burgers en overheid met privévragen over belastingen, vergunningen, uitkeringen kan beter niet via social mediakanalen plaatsvinden.

Grotere afstand

Aan het eind van het artikel lees ik dat wanneer de motie wordt aangenomen ministeries, gemeenten, bewindslieden, volksvertegenwoordigers en wijkagenten geen gebruik meer mogen maken van social media en de mogelijk kolossale gevolgen daarvan. Dit zou betekenen dat we de afstand tussen overheid en burgers nog verder vergroten dan nu al het geval is, terwijl social media juist de ultieme mogelijkheden in zich hebben om deze afstand te verkleinen. Deze beweging staat haaks op de beweging van de digitale overheid en versterkt het gevoel van wantrouwen en beïnvloeding.

Toch de Techvisie er nog even op nageslagen. Deze visie bevat een heldere analyse van de spagaat waarin de overheid zich bevindt. Optimaal gebruikmaken van de mogelijkheden, maar wel op een verantwoorde manier en binnen de wettelijke gestelde kaders. Zorgvuldigheid en snelheid lopen niet gelijk op, maar dat betekent niet dat het niet sneller kan zonder dat het ten koste gaat van zorgvuldigheid. Door het verbeteren van digitale vaardigheden bijvoorbeeld. Niet alleen in het onderwijs bij kinderen, maar minstens met evenveel aandacht bij mensen actief bij het bedrijfsleven, overheid en in de wetenschap. Wat we precies bedoelen met digitale vaardigheden ligt bij veel mensen anders. Ik versta hier onder meer onder het kunnen vinden, filteren, duiden, opslaan en delen van informatie.

Verbeteringsslag

Door als overheid de focus wat betreft social media breder te trekken dan uitsluitend het zenden en fungeren als helpdesk, maak je een grote verbeteringsslag. Bij individuele medewerkers die vaardigheden te ontwikkelen die nodig zijn om via social media actief te luisteren om (internationale) innovaties te ontdekken, interessante initiatieven te vinden, netwerken in kaart te brengen en gebruik te maken van lijsten op Twitter zou hoog op de agenda moeten komen. Het Leven Lang Ontwikkelen wordt op die manier ingevuld op een manier die niet alleen individuen, maar ook de hele maatschappij ten goede komt.

Social media bieden voor ons land een uitgelezen kans om het voortouw te nemen om de wetgeving optimaal in te richten, waarbij we nadrukkelijk ook ruimte laten voor de vele mogelijkheden en kansen. Wanneer we dit signaal breder uitdragen, zullen we er op termijn de positieve gevolgen van zien. Altijd bereid daarbij te helpen.

Martin Pronk is verbonden aan digidoen. Hij schreef dit artikel op persoonlijke titel.

tags: ,

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.