zoeken binnen de website

Loslaten is eng

Mark Herbold

door: Mark Herbold | 18 februari 2016

Als er één collectie is waarvan zoveel mogelijk mensen kennis moeten kunnen nemen, dan is dat het nationaal kunst- en cultuurbezit. Wat is er mooier dan de iconen van ons cultureel erfgoed voor iedereen toegankelijk maken, zodat iedere generatie opnieuw ze in het hart kan sluiten?

De praktijk blijkt een slag anders. In juni houden we een Open Data Estafette rond het thema cultureel erfgoed en recreatie, daarom verdiep ik me de laatste tijd wat meer in dit onderwerp. Ik krijg daarbij een sterk déjà vu.

Toen ik drie jaar geleden begon als boegbeeld van het Doorbraakproject Open (Geo)data, liep ik tegen het feit aan dat op veel geodata beperkende licenties rusten. En dat terwijl geodata, net als veel kunst- en cultuurdata, in handen zijn van de (semi-)overheid die beweert deze zoveel mogelijk te willen delen. Maar bijvoorbeeld de openbaarvervoerbedrijven gingen echt niet zomaar hun data ‘afgeven’. Dat kon ik natuurlijk niet over mijn kant laten gaan. Mijn streven is: drempelvrij. In vaktermen: cc-zero. En wat blijkt: wanneer je eenmaal het gesprek aangaat, verdwijnen de bezwaren vaak als sneeuw voor de zon. Er zit meer angst dan ratio achter de beperkingen: loslaten is eng, misschien benadelen we iemand, dus maar weer een drempel inbouwen.

In de culturele sector kom ik nu precies hetzelfde tegen. Overal drempels en beperkingen. De plicht tot bronvermelding is nog de meest onschuldige en komt het vaakst voor. Maar ook de restrictie dat hergebruik niet commercieel mag zijn is gemeengoed in cultuur. Of deze: dat je een kunstuiting wel mag hergebruiken maar vervolgens verplicht bent je product aan iedereen onder dezelfde voorwaarden beschikbaar te stellen.
Dit soort drempels druisen in tegen alles waarvoor open data staat. En dan gaat het niet alleen om het principe dat zoveel mogelijk data openbaar moet zijn maar ook dat open data innovatie en economische groei moet stimuleren door commercieel hergebruik. Het auteursrecht weegt zwaar, zeker in de creatieve sector, maar wordt naar mijn indruk ook vaak te onpas van stal gehaald.

Speelt bij de kunstinstellingen zelf misschien ook de commercie een rol? Is het voor hun voortbestaan wellicht van belang dat zij bijvoorbeeld het alleenrecht hebben op prachtige reproducties met hoge resolutie van belangrijke schilderijen? Dat is een reëel argument, maar laten we het daar dan over hebben.
Ik ben benieuwd wat precies de redenen zijn voor de beperkingen en hoe de sector de worsteling tussen openbaarheid en geestelijk eigendom zelf beleeft. Mij is wel duidelijk dat deze sector nog een weg te gaan heeft, voordat de kunst en cultuur die van ons allemaal is, gedragen wordt door een cultuur van openbaarheid.

Mark Herbold is CEO van Esri Nederland. Hij is sinds 2013 aanjager van het Doorbraakproject ‘Open geodata'.

reacties: 3

tags: , ,

  • Stefan de Konink #

    18 februari 2016, 14:50

    Als we het dan toch over beschikbaar zonder voorwaarden hebben zouden de organisaties die dit soort werk veelal gratis doen ook maar eens wat middelen moeten krijgen van de hergebruikers. ESRI is ook zo’n voorbeeldige hergebruiker, ESRI gebruikt de open geodata om haar eigen producten op te vrolijken met mooie datasets. Dat toont aan hoe nuttig de data is. Als ESRI aan de afdelingen die de open data (verplicht) publiceren nu eens wat enterprise licenties beschikbaar zouden stellen kan dit het proces mogelijk versnellen, de kosten per werkplek gaan immers omlaag en alle kleine beetjes helpen.

    Zo geldt dat natuurlijk ook voor de digitalisering van archieven, omgeving en musea: Wil als organisatie er het voortouw in nemen moet dat natuurlijk niet tegengewerkt worden door allerlei besprekingen, maar het “terugkopen” van de informatie door de bronhouder lijkt ook een herhaaldelijk probleem. Dus hoe voorkomen we dat er licenties nodig zijn om dat te realiseren maar licentie daar bij uitstek het middel voor zijn om een gelijkspeelveld te handhaven?

  • Joost van os #

    18 februari 2016, 19:43

    Ik kende ESRI niet, maar kennelijk heeft ze het doorslaggevende zetje gegeven in een moeizaam traject in het open krijgen van data uit het openbaar vervoer. Ik weet niet beter dat voor bijna iedere stap politieke druk nodig is geweest. En ook nu zijn er er nog niet helemaal: voor het spoor lijkt er data open te worden gesteld, maar geen brondata op basis waarvan de positie van treinen kan worden afgeleid. Ook in- en uitstapgegevens zijn nog bepaald niet open, soms zijn ze zelfs ronduit geheim. Misschien zou ESRI daar het gesprek willen aangaan, zodat de bezwaren daar “als sneeuw voor de zon verdwijnen”? Ik zie uit naar de geopende data.

    Voor cultuurdata zie ik een lastig punt van auteursrecht en creativiteit. Bij culturele punten is regelmatig sprake van een afgerond geheel, waar je niet zomaar aan moet klussen of fabrieken. Misschien is dit wel de achtergrond van dat er juist voor cultuurdata allerlei uitzonderingen worden gemaakt. Ik vind het in ieder geval niet goed vergelijkbaar met een nutsvoorziening zoals openbaar vervoer.
    Ik zou de pijlen liever gericht zien op zorgkosten: medicijnen, overhead, adviesdiensten. Of op onderwijs: open access, en delen van methoden.

  • Mark Herbold (Doorbraakproject Open geodata) #

    20 februari 2016, 15:50

    Bedankt voor de reacties, dat is precies waarom we vanuit het Doorbraakteam Open data dit soort columns schrijven.

    Dat tegenwerken waarover Stefan schrijft willen we juist voorkomen. Ik nodig Stefan van harte uit om daarover eens te komen sparren, zodat we een Open Data Estafette zonder barrières over het thema cultureel erfgoed en recreatie kunnen organiseren.

    @Joost: Esri zelf heeft geen betrokkenheid bij het open data maken van ov data (daar zijn de credits voor Stefan meer op zijn plaats), mijn punt vanuit het doorbraakteam is dat het gesprek aangaan helpt. Daarom hebben wij open data estafettes in het leven geroepen.

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.