zoeken binnen de website

Van Europa kunnen we leren innoveren

door: Melanie Peters | 21 januari 2021


Als geopolitieke speler wil de EU het innovatiebeleid inzetten om Europa sterker te maken in strategische technologiegebieden.

Het Europese innovatiebeleid is, net als het Nederlandse, tot nu toe vooral gericht op technologie en bedrijven. Simpel gezegd: innovatie moet eraan bijdragen dat ondernemers hun geld kunnen (blijven) verdienen. De laatste jaren komt daar een beetje verandering in. Overheden proberen innovatiebeleid ook te gebruiken voor het aanpakken of voorkomen van maatschappelijke problemen.

Nederland kent sinds 2019 het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid. Dat wil niet zeggen dat het hele innovatiebeleid er ineens op gericht is om Nederland klimaatbestendig, waterrobuust, duurzaam, gezond en veilig te maken. Het leeuwendeel van wat de overheid aan innovatie uitgeeft, verdeelt ze nog steeds via generieke regelingen en programma’s. De maatschappelijke opgaven lijken nog in de eerste plaats te worden gezien als economische (export)kansen voor het bedrijfsleven.

De Europese Unie lijkt een stap verder te gaan, zo wordt duidelijk uit een rapport dat we als Rathenau Instituut vorige maand publiceerden. Dat komt met name door de Green Deal die de Commissie, onder leiding van Ursula von der Leyen en Frans Timmermans, eind 2019 presenteerde. In 2030 wil Europa 55% minder CO2 uitstoten dan in 1990. Twintig jaar later moet het klimaatneutraal zijn. Het innovatiebeleid moet deze doelen helpen realiseren.

Die ambitie om vanuit een complexe maatschappelijke opgave terug te redeneren welk innovatiebeleid daarvoor nodig is, is niet alleen te zien bij de klimaataanpak. Er staan meer dringende zaken op de Europese agenda. Zo zijn de grote Amerikaanse en Chinese platformbedrijven druk bezig om de wereld te veranderen via hun sociale media, data en nieuwe technologieën. Als geopolitieke speler wil de EU het innovatiebeleid inzetten om Europa sterker te maken in strategische technologiegebieden zoals kunstmatige intelligentie, en voor het promoten van wetenschap en kennis als Europese kernwaarden.

Om dit soort maatschappelijke opgaven gericht aan te kunnen pakken, zul je je innovatiebeleid ook op een andere manier moeten vormgeven. Je hebt een nieuw genre nodig. Hierin moeten grotere delen van de samenleving actief worden betrokken. Niet alleen bij het agenderen van onderzoek, maar ook bij het programmeren en uitvoeren, en bij het toepassen van de resultaten in innovatieve oplossingen. Belangrijk is dat er in de kennisagenda’s niet alleen deelbelangen van industrie en wetenschap meegenomen worden, maar ook de kennis en behoeften van maatschappelijke actoren. De EU lijkt hiermee voorzichtig te zijn begonnen.

Nederland zou actief moeten inspelen op dit soort vernieuwingen in het Europese innovatiebeleid. Allereerst natuurlijk omdat de maatschappelijke problemen waarvoor Europa oplossingen wil vinden natuurlijk net zo goed bij ons spelen. Samen kunnen we die beter aanpakken dan als Nederland alleen. Daarnaast om ervoor te zorgen dat Nederland een succesvolle deelnemer blijft in de EU-programma’s. Nederlandse onderzoeksinstellingen waren de afgelopen jaren goed in het binnenhalen van Europese onderzoeksopdrachten. Het zou prettig zijn als dat zo blijft.

Ten slotte kunnen de Europese initiatieven ook een inspiratiebron zijn voor de manier waarop Nederland innovatie organiseert. Meer burgers betrekken, vergroot de kans op resultaten die de problemen aanpakken waar burgers nu of in de toekomst tegenaan lopen. Maar dat vraagt nog wel wat van de bestuurders die dit op de verschillende niveaus moeten vormgeven.

Gelukkig is het nieuwe jaar pas net begonnen.

Melanie Peters is directeur van het Rathenau Instituut
In december publiceerde het Rathenau Instituut het rapport De belofte van opgavegericht innovatiebeleid

tags:

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.