eerder verschenen nummers

zoeken binnen de website

Is de overheid in 2017 volledig digitaal?

SG Maarten Camps van EZ is aanjager digitalisering rijksdienst

door: Marieke Vos | 14 februari 2014

In 2017 wil de rijksoverheid volledig digitaal werken. De secretarissen-generaal van diverse departementen moeten ervoor zorgen dat deze ambitie wordt gerealiseerd. Maarten Camps, secretaris-generaal van Economische Zaken, richt zich op de digitalisering van de rijksdienst.

Maarten Camps

Maarten Camps, secretaris-generaal van Economische Zaken

Negen projecten zijn er gestart om de ambitie van digitale dienstverlening uit het regeerakkoord te realiseren, elk ondergebracht bij een secretaris-generaal (SG). EZ trekt het negende project, het zogeheten SGO9 of ‘Digitaal Rijk in 2017’. Dit project gaat ervoor zorgen dat voorzieningen, zoals die van i-NUP, volgens afspraak worden ontwikkeld, ingevoerd en gebruikt. Daarnaast moet het ervoor zorgen dat met deze voorzieningen daadwerkelijk de geraamde besparingen worden behaald, want digitaal werken moet bijdragen aan de beoogde bezuiniging bij de rijksdienst. Tot slot moet SGO9 voor burgers het recht realiseren om gegevens eenmalig aan te leveren bij het Rijk, zo staat in de projectomschrijving.

Concrete acties en resultaten

Wat voegen deze nieuwe projecten toe aan bestaande plannen? Er is immers al een i-strategie (over de ICT binnen het Rijk), een Digitale Agenda (vooral gericht op bedrijven) en i-NUP (vooral voor dienstverlening aan burgers, gericht op decentrale overheden). Maarten Camps: “Het lijkt misschien alsof de plannen over elkaar heen buitelen, maar dat is niet zo. SGO9 is een verdere concretisering van de bestaande plannen.” Het gaat erom dat er ‘concrete stappen’ worden gezet om de digitalisering te realiseren en SGO9 heeft daarin ‘een sterke aanjaagfunctie’. De projecten zijn niet voor niets belegd op het niveau van de SG’s. “Dat heeft te maken met doorzettingsmacht en met het feit dat dit iets is dat we gezamenlijk moeten oppakken. Als SG ben je verantwoordelijk voor een departement, maar ook voor de rijksdienst als geheel. De SGO-projecten raken de hele rijksdienst.”

Samen voorzieningen realiseren

SGO9 zal zelf geen projecten voor nieuwe voorzieningen starten, maar haakt aan bij bestaande projecten. “Het is daarbij de bedoeling dat rijksoverheid en ZBO’s als RDW en UWV samen concrete projecten realiseren”, zegt Camps. Als voorbeeld noemt hij de berichtenbox voor burgers, die nu door de Belastingdienst wordt ingevoerd. Hierin krijgen burgers berichten van de overheid. “Deze berichtenbox moet dé mailbox worden voor berichten tussen overheid en burgers.” Want als een voorziening eenmaal gereed is, moeten alle ZBO’s en departementen deze gaan gebruiken. Vooralsnog gebeurt dat op vrijwillige basis. Indien nodig kan de minister van Wonen en Rijksdienst zijn doorzettingsmacht gebruiken om ZBO’s te verplichten deze voorzieningen te gebruiken, zo staat in de projectomschrijving van SGO9. Camps: “We beginnen met de ZBO’s die willen meedoen, de ‘coalition of the willing’. Ik voel mij meer thuis bij deze aanpak dan bij het gebruiken van doorzettingsmacht. Tot nu toe zien alle betrokken partijen het belang van de gekozen weg.” Maar wat als straks toch niet iedereen wil meedoen? “Dat probleem lossen we op als het er is. Uiteindelijk staat verplicht aansluiten ook op de agenda, maar we beginnen met diegenen die nu de kar willen trekken.”

Focus op vijf projecten

De stuurgroep van SGO9 stelde een longlist op van projecten die prioriteit krijgen, in de vorm van bestuurlijke aandacht. Camps verwoordt het zo: “Heel veel dingen kunnen wel, maar gebeuren niet omdat men er geen afspraken over maakte. Wij gaan die afspraken nu wel maken.” Inmiddels zijn uit de longlist vijf projecten gekozen die als eerste alle aandacht krijgen. “Dit zijn projecten waarmee we snel resultaat kunnen boeken en die nodig zijn om later andere projecten te realiseren.” Het zijn de al genoemde berichtenbox voor burgers, die wordt opgepakt door de Belastingdienst. De berichtenbox voor bedrijven is het tweede project, vergelijkbaar met die voor burgers, behalve dat in deze mailbox ondernemers ook berichten naar de overheid kunnen sturen.

Derde project is het Digitale Ondernemersplein, waar alle informatie van de overheid voor bedrijven beschikbaar moet komen. “Ook informatie van andere overheden.” Het vierde project is de Digitale Kluis, waarin burgers hun eigen gegevens gaan beheren en deze aan de overheid beschikbaar kunnen stellen. De borging van de continuïteit van digitale voorzieningen is het vijfde project. Als de overheid volledig digitaal gaat werken, dan wordt de kwetsbaarheid ook groter. “We gaan onderling afspraken maken om elkaars continuïteit te waarborgen. Zodat als er een server uitvalt bij de ene ZBO, de andere ZBO zijn capaciteit beschikbaar stelt en de dienstverlening geleverd kan blijven.” SGO9 richt zich nu eerst op deze vijf projecten, later kunnen meerdere volgen.

Burger regie over eigen gegevens

Naast die sleutelprojecten wordt in SGO9 ook het recht op eenmalige gegevensverstrekking van burgers onderzocht. Het scheelt tijd en ergernis als burgers hun gegevens maar één keer aan de overheid hoeven te verstrekken. Een breed wettelijk recht realiseren is lastig, weet Camps nu al: “Een recht op eenmalige gegevensverstrekking komt in conflict met de Wet bescherming persoonsgegevens. Als je nu bijvoorbeeld je bankrekeningnummer verstrekt aan de Belastingdienst, dan mag deze dat nummer alleen gebruiken voor het doel waarvoor het is gevraagd. Een andere dienst van de overheid mag dit niet gebruiken.”

De Wet bescherming persoonsgegevens aanpassen is lastig en tijdrovend en daarom kiest men een andere weg: “Een van de projecten die wij prioriteit geven, is de ontwikkeling van een Digitale Kluis. Hierin bewaart een burger zelf zijn eigen gegevens en kan hij een overheidsinstantie toestemming geven om die gegevens te gebruiken. We gaan de burger dus zelf de regie geven over zijn gegevens, net zoals we dat voor bedrijven doen met het Ondernemingsdossier.” Het Ondernemingsdossier stelt een ondernemer in staat bepaalde informatie uit de bedrijfsvoering eenmalig vast te leggen en meerdere keren beschikbaar te stellen aan overheden, zoals toezichthouders en vergunningverleners.

De overheid heeft vaker de ambitie gehad om geheel digitaal te werken, maar eerder gestelde deadlines werden niet gehaald. Gaat het nu wel lukken? Camps is er stellig over: “Ik zou niet weten waarom niet.” Hij ziet een ‘gedeelde wens’ binnen de overheid om samen te werken aan deze digitalisering. “Men ziet in dat het makkelijker is voor burgers en bedrijven en efficiënter voor de overheid. Bovendien levert het geld op. De noodzaak om mee te doen is daardoor nu groter dan in het verleden, door de huidige budgettaire krapte.” Ook belangrijk is dat de ontwikkelingen in ICT het steeds gemakkelijker maken geheel digitaal te werken en dat ICT inmiddels ook bestuurlijke aandacht heeft. “Het is geen dingetje van de bedrijfsvoering meer. Men ziet in dat dit gaat over het verbeteren van de dienstverlening. ICT is veel dichter bij beleid en het primaire proces gekomen.”

Financiering

De rijksoverheid wil volledig digitaal gaan werken, omdat dit gemakkelijker en goedkoper is voor burgers en efficiënter voor de overheid. Soms komen de nodige ICT-voorzieningen echter niet van de grond omdat de financiering een probleem is. Daarvoor wordt nu een oplossing gezocht. Camps: “We willen voorkomen dat bepaalde voorzieningen die nodig zijn niet worden ontwikkeld omdat ze te duur zijn voor één partij om te ontwikkelen, of omdat de baten voor deze partij te beperkt zijn. In andere landen, bijvoorbeeld Denemarken, wordt dit soort projecten centraal gefinancierd. Wij gaan in Nederland niet naar dat Deense model, maar we zullen wel veel nadrukkelijker gaan sturen op financiering.” Welke financieringsmethodiek gekozen gaat worden, wordt komend voorjaar duidelijk. Dit wordt momenteel in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken onderzocht.

tags:

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.