zoeken binnen de website

'Burgemeesters hebben weinig behoefte aan meer online bevoegdheden'

Ruim twee derde van de burgemeesters heeft voldoende instrumenten om online aangejaagde ordeverstoringen te kunnen voorkomen. Dat is een van de belangrijkste conclusies die Willem Bantema trekt in zijn nieuwe boek ‘Niet bevoegd, wel verantwoordelijk’. Bantema, senior onderzoeker aan de NHL Stenden Hogeschool – Leeuwarden, vroeg 107 burgemeesters en wilde weten of zij behoefte hebben aan meer bevoegdheden om preventief online in te kunnen grijpen.

Gemeentehuis Zaanstad

Het gemeentehuis van Zaanstad. In veel gevallen worden online onruststokers uitgenodigd op het gemeentehuis of het politiebureau voor tekst en uitleg. Beeld: Pixabay

De behoefte aan meer bevoegdheden om preventief online in te kunnen grijpen, is (onder meer door corona) uiterst actueel. Recent lieten onder anderen burgemeesters Rob Bats (Steenwijkerland) en Peter den Oudsten (waarnemend burgemeester van Utrecht) weten de behoefte om in te kunnen grijpen, sterk te voelen. De oproep van Bats en Den Oudsten wordt echter niet gesteund door het gros van de (ondervraagde) burgemeesters. Zij (68 procent) zien meer heil in het aangaan van een (fysiek) gesprek met de online onruststokers. Daarover zegt Bantema: “Dit gesprek vindt vaak offline plaats. De zender van het bericht wordt uitgenodigd op het gemeentehuis of het politiebureau voor tekst en uitleg.”

Meest effectief

Deze (offline) manier van ingrijpen werkt het meest effectief, geven de deelnemers aan het onderzoek aan. Uit de voorbeelden die ze noemen, blijkt dat volgens burgemeesters het ‘uit de anonimiteit halen’ van zenders en het ontmoedigen van hun gedrag effectief is. “Burgemeesters zijn terughoudend als het gaat om online communicatie met de afzenders”, merkt Bantema op. “Ze zijn bang dat ze daarmee hun neutraliteit en opschalingsmogelijkheden verliezen.”

Dat social media nauwelijks worden ingezet voor het aangaan van het gesprek, is niet te wijten aan de afwezigheid van burgemeesters online. Driekwart van de bevraagde burgemeesters geeft aan gebruik te maken van LinkedIn en Twitter. De helft plaatst berichten op Facebook. “Waar Twitter met name geschikt is voor het snel bereiken van de klassieke media, leent Facebook zich vooral voor contact met inwoners”, weet Bantema. “Wanneer burgemeesters actief zijn op social media schept dat tegelijkertijd ook verwachtingen in crisissituaties. Online zichtbaarheid wordt verwacht in voor- én tegenspoed. Dat is niet altijd eenvoudig.”

Niets doen als beste optie

In zijn publicatie geeft Bantema gezagsdragers een aantal adviezen voor online crisiscommunicatie. De meest opvallende in het rijtje met tips: niets doen is ook een interventie (en in veel gevallen het beste). Bantema: “Het grootste dilemma bij online reageren betreft de vraag of een reactie helpt om te de-escaleren of dat je daarmee juist wrijft in een olievlek en de zaak nog erger maakt. Wanneer je als burgemeester reageert op een online ordeverstoring is er geen weg meer terug. Oftewel: het neemt je opschalingsmogelijkheden weg. In veel gevallen is niets doen daarom het beste advies.”

‘Niet bevoegd, wel verantwoordelijk’

Op maandag 21 september komt het boek ‘Niet bevoegd, wel verantwoordelijk’ uit bij Boom Bestuurskunde. In deze publicatie brengt onderzoeker Willem Bantema in kaart op welke manier Nederlandse burgemeesters worden geconfronteerd met hedendaagse online aangejaagde ordeverstoringen. In aanloop naar de Week van de Veiligheid (5 tot en met 11 oktober) verschijnt een aantal blogs die inspelen op de actualiteit of nieuwsgierige feiten delen uit het nieuwe onderzoek. Deze eerste bijdrage zoomt in op de rol van de burgemeester bij nepnieuws over lokale zaken of inwoners.

Zie ook: Is de burgemeester onze online hoeder van betrouwbaar nieuws?

tags: , , ,

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.