zoeken binnen de website

Gemeenten niet blij met verplichte antennes

5G komt er echt aan

door: Fred van der Molen | 30 januari 2020

Voorjaar 2020 is de veiling van de eerste 5G-frequenties. Gemeenten tonen zich bezorgd over de overlast die de uitrol van dit supersnelle mobiele netwerk gaat bezorgen en vrezen maatschappelijke onrust vanwege de extra stralingsbronnen. Ten onrechte zeggen de telecomaanbieders. De impact gaat erg meevallen. De hele discussie heeft een hoog déjà-vu gehalte.

Antenne

Beeld: Shutterstock

In het voorjaar van 2020 vindt de veiling van de eerste 5G-frequenties plaats. En gaan de telecomproviders wederom flink de buidel trekken. De UMTS-veiling leverde het kabinet rond de eeuwwisseling 5,9 miljard gulden (2,7 miljard euro) op. Voor de hoofdprijs kwam de Nederlandse veiling overigens net te laat. Eerder legden telecomaanbieders in andere Europese landen bizarre bedragen neer. In Groot-Brittannië bijvoorbeeld 36 miljard euro. Maar na een aantal veilingen was de grootste gekte wel voorbij. Bovendien rees het inzicht dat die dure veilingen een snelle uitrol in de weg konden staan. Het ‘fiasco’ van de Nederlandse veiling bleek een blessing in disguise toen niet veel later de internetzeepbel knapte.

Diezelfde discussie speelt nu weer, zoals alles in het 5G-dossier een hoog déjà-vu gehalte heeft. Zowel in Duitsland als in Italië bracht de veiling van 5G-frequenties veel meer op dan verwacht, in beide gevallen zo’n 6,5 miljard euro. Topman Wössner van Deutsche Telekom somberde tegen Reuters dat deze hoge kosten de aanleg zal vertragen. En een Vodafone-topman noemde de dure uitkomst daarom zelfs ‘catastrofaal’.

Of de eerste twee Nederlandse veilingen veel zullen opbrengen is koffiedik kijken. Allereerst zijn ze niet vergelijkbaar met de genoemde buitenlandse. Het ging daar om hogere frequentiegebieden (Italië: 3,7 en 26 GHz, in Duitsland 2 Ghz en 3,6 MHz), geschikt voor echt hoge snelheden en capaciteit. In Nederland gaat het nu om 700, 1400 en 2100 Mhz frequenties (de 2100 MHz wordt nu al gebruikt voor 4G). De potentiële capaciteit daarvan is lager, maar het bereik van de antennes veel groter.

Heel veel concurrentie is er niet. Staatssecretaris Mona Keijzer wil minimaal drie landelijke aanbieders. Er zijn eigenlijk ook maar drie partijen die in staat zijn de gewenste landelijke dekking aan te bieden: KPN, Vodafone en T-Mobile. Om nog enige concurrentie op de been te brengen gelden voor nieuwkomers minder stringente eisen.

Vermoedelijk zijn nieuwkomers meer geïnteresseerd in ‘deelkavels’ in de hogere spectrumgebieden. Die komen op zijn vroegst in 2022 op de markt als de gewilde 3,5 Ghz band beschikbaar komt. Dat moet nog even wachten aangezien het ‘afluisterstation’ in het Friese Burum ook van deze frequentie gebruikmaakt. Het kabinet heeft na rijp beraad besloten de schotels van het ‘interceptiestation’ naar het buitenland te verhuizen. Dat duurt nog even.

Waarom 5G?

De introductie van nieuwe communicatietechnologie gaat steevast gepaard met hoopvolle vergezichten: meer contact, minder vereenzaming (seniorenhulp op afstand), minder files, minder reizen naar werk (telewerken) of ziekenhuis (artsen­consult op afstand) of betere zorg (chirurgie op afstand; diagnosestelling in de ambulance). We komen het ook nu weer tegen bij de promotie van 5G.

De belangrijkste reden om nu snel met 5G te starten is echter een minder prozaïsche: het internetgebruik en de capaciteitsvraag nemen zo snel toe dat een volgende generatie netwerk noodzakelijk is om de huidige kwaliteit te garanderen. “Om de huidige diensten te kunnen blijven leveren is 5G gewoon nodig”, stelt Rob Bongenaar, directeur van Monet, de vereniging van de operators met een eigen netwerk (KPN, Vodafone en T-Mobile). Het mobiele dataverbruik groeit namelijk als kool. Steeds meer mensen kijken mobiel naar films, luisteren muziek via streamingdiensten, posten ladingen foto’s en filmpjes op Instagram en Facebook, spelen online games, enzovoort enzovoort.

De lage 5G-frequenties die volgend jaar worden geveild hebben vergelijkbare karakteristieken als de huidige 4G-frequenties: gericht op landelijke dekking met een min of meer vergelijkbare antennedichtheid. Dat het land volgehangen wordt met tienduizenden nieuwe zenders is volgens Bongenaar een indianenverhaal: “Voor de lage frequenties van de eerste veilingen zijn er niet veel meer opstelpunten nodig om landelijke dekking te realiseren. Er zijn nu zo’n 15.000 opstelpunten en daar komen er ongeveer 1.500 bij. De komende jaren zijn de providers hier druk mee bezig, naast het upgraden naar 5G van de huidige antennes.”

Innovatie

Dat wordt anders als in een latere fase de 3,5 GHz en 26 GHz frequenties beschikbaar komen. Dat opent de weg naar nieuwe toepassingen. Welke? Dat moeten we nog zien. De toepassingen waar we de capaciteit van hoogfrequent 5G voor nodig hebben, moeten veelal nog worden bedacht. Dat is de wereld van het Internet of Things (IoT).
Ideeën zijn er genoeg. De huidige 5G-testomgevingen van de providers geven al een indruk van de nieuwe mogelijkheden. KPN is naast 5Groningen betrokken bij een viertal industrie-pilots. In de Automotive Campus in Helmond wordt de communicatie getest tussen zelfrijdende auto’s onderling en met verkeersborden en -lichten.

Gemeenten vrezen ‘graafschade’

In Amsterdam onderzoekt KPN of 5G volgende zomer bij de Europese voetbalkampioenschappen in het Arena-gebied van nut kan zijn om grote bezoekersstromen in goede banen te leiden en de voetballiefhebbers een bijzondere ‘fan experience’ te bezorgen. In Rotterdam loopt een 5G-proef rond geavanceerde transport- en logistiektoepassingen en in Drenthe worden de mogelijkheden van ‘precisielandbouw’ beproefd. In het 5Groningen Fieldlab beproeft KPN ten slotte met andere partijen een waaier van toepassingen, van de ‘smart potato’ tot geavanceerde klimaatbeheersing. iBestuur schreef daar in het vorige nummer over. Daarnaast zijn er in de steden Den Haag (T-Mobile) en Maastricht (Vodafone) al 5G-testnetwerken in de lucht.

Zorgen bij gemeenten

In de nieuwe Telecomwet staat dat overheden kleine 5G-antennes, zogenaamde small cells op openbare gebouwen en publieke infrastructuren, zoals straatmeubilair, moeten toestaan. Dan kun je denken aan lantaarnpalen en verkeerslichten. “Als VNG vinden we deze verplichting jammer”, zegt burgemeester Franc Weerwind (Almere), voorzitter van de VNG-commissie Informatiesamenleving: “Gemeenten waren altijd bereid om samen te werken met aanbieders, als dat voor beide partijen voordelen had. Nu verandert de dynamiek. De gemeenten zijn wettelijk tot medewerking verplicht, tenzij ze een redelijke grond hebben om het af te wijzen. De kernvraag is natuurlijk: wat is een redelijke grond en wie bepaalt dat? Voor de gemeenten is dat duidelijk: dat wordt lokaal bepaald.”

Gemeenten vrezen verrommeling van het straatbeeld en problemen met het beheer van straatmeubilair waaraan antennes worden opgehangen. De Amsterdamse wethouder Meliani legde in haar reactie op het wetsvoorstel omstandig uit wat voor beheerkwesties er allemaal gaan spelen. Zo worden lantaarnpalen collectief aan- en uitgezet, terwijl een 5G-zender altijd stroom moet hebben. Moet de gemeente dan de lantaarnpaal aanpassen? En hoe om te gaan met het verplaatsen of slopen van een bus- of tramhokje? Trouwens: abri’s zijn vaak geen eigendom van gemeenten.

Gemeenten vrezen ook meer ‘graafschade’ omdat al die nieuwe zenders met glasvezel aan elkaar moeten worden gekoppeld: nog meer drukte in de ondergrond.

Regionale overlegtafels

Deze zorgen kwamen ook op tafel bij regionale gesprekstafels die de VNG en de ministeries van EZK en BZK in oktober organiseerden. Weerwind: “De sessies zijn nuttig geweest, omdat ze het beleid in Den Haag en de praktijk in de gemeenten bij elkaar hebben gebracht. Er werden ook best practices tussen gemeenten gedeeld, bijvoorbeeld over de ervaring met minder diep leggen van glasvezel. Als we samenwerken in plaats van samen overleggen komt lokale kennis veel meer tot zijn recht.”

Rob Bongenaar heeft ook tijdens gesprekstafels de impact van de 5G-introductie gerelativeerd. “Het gaat de komende vijf jaar om hooguit 10 procent meer installaties.” De telecombedrijven zullen daar volgens Bongenaar heel terughoudend in zijn, want het is heel duur en niet nodig. “Extra small cells komen alleen op hotspots, plekken waar veel dataverkeer tegelijk moet worden verwerkt, zoals stadions, treinstations en andere drukke plekken waar veel capaciteit wordt gevraagd.”

Gemeenten zien volgens Weerwind heel goed de waarde van een fijnmazige digitale infrastructuur, maar willen zeggenschap houden over de openbare ruimte: “Wij zijn daar verantwoordelijk voor.” De VNG heeft samen met bijna 20 gemeenten en het Gemeentelijk Platform Kabels en Leidingen een aantal tekstaanpassingen in de Telecommunicatiewet voorgesteld. In de concept wettekst werd volgens Weerwind niet concreet gemaakt wat de impact van de wijziging van gedoogplicht naar plaatsingsplicht is. Daarnaast moet volgens de VNG veel duidelijker worden hoe lokale bezwaren en belangen ook echt leiden tot wettelijk houdbare verplichtingen aan de telecomoperators.

En dan zijn er nog de kosten. Weerwind: “Dit gaat gemeenten veel inspanning kosten en anders dan dat ze daar een vergoeding voor mogen rekenen is er nog weinig bekend over hoe dit in de praktijk uitwerkt.”

Bongenaar: “Over al deze beheerkwesties zullen we afspraken moeten maken. Dit alles is voor de telecomproviders ook nieuw. We streven naar een raamovereenkomst voor alle gemeenten. En wat de kosten betreft: gemeenten mogen volgens de wet een redelijke vergoeding vragen voor het beheer. Dat is volgens mij dan een marktconforme.”

Straling

Gemeenten maken zich ook zorgen over maatschappelijke onrust rond de 5G-straling. “Veel burgers zijn bezorgd over de gezondheidseffecten van straling en het gebrek aan sturingsmogelijkheden van de gemeente”, schreef bijvoorbeeld de gemeente Maastricht. Ook dit is niet nieuw natuurlijk. Discussies over de gevolgen van straling lopen al decennia. En er zijn veel individuele gevallen van mensen die een direct verband ervaren tussen hun gezondheidsklachten en de aanwezigheid van elektromagnetische velden.

Niettemin ontbreekt wetenschappelijk bewijs dat radiogolven van antennes, zolang deze onder de blootstellingslimieten blijven, leiden tot gezondheidseffecten. Dat is de conclusie van het Kennisplatform Elektromagnetische Velden. En ook de Gezondheidsraad geeft aan “dat er geen gevaar is voor de volksgezondheid, zolang iedereen zich aan de veiligheidsnormen houdt”. En dat is het geval, zo verklaart het Agentschap Telecom, de instantie die zich met de controle daarvan bezighoudt. Oók bij de eerste 5G-testlocaties. De resultaten van de veldsterktemetingen staan op de site van het antennebureau van het Agentschap.

De boodschap van overheden en van Monet: de eventuele angst van de burger moet worden gepareerd met het verstrekken van de juiste informatie. Of dat in tijden van fake news voldoende is, moet blijken. Anderzijds: bijna iedereen gebruikt onbekommerd een mobiel.

Meer informatie: Overal Snel Internet

Veilingen van nieuwe frequenties voor 5G:


700 MHz 2020
1.400 MHz 2020
3,5 GHz 2020-2026
26 GHz ??? (bij voldoende marktvraag)

Bron: Nota Mobiele Communicatie (2019)

Dit artikel staat ook in iBestuur magazine 33

tags: ,

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.