Overheid heeft een nieuwe uitdaging

Maatschappelijke informatievoorziening: digitaal toerusten van participerende burger

door: Bert Mulder en Martijn Hartog, 14 mei 2016

Er ontstaat een digitaal inrichtingsvraagstuk waar de overheid nog niet echt over heeft nagedacht: het breed faciliteren van de informatiepositie van de participerende burger. Nieuwe standaarden en regelgeving zijn nodig om de nieuwe ‘digitale burger’ van dienst te kunnen zijn, stellen Bert Mulder en Martijn Hartog.


‘Maatschappelijke informatievoorziening’ is een nieuw thema dat de komende decennia een belangrijke rol zal spelen in overheidsinformatie. Met de ontwikkeling van de participatiesamenleving zal de burger een steeds sterkere stempel drukken op de inrichting van informatiesystemen, wanneer hun coördinerende rol in het organiseren van kwaliteit van leven rond openbaar bestuur, zorg en veiligheid toeneemt. Tegelijkertijd zorgen demografische ontwikkelingen ervoor dat de uitvoeringsmacht van deze domeinen afneemt.

Een kleinere overheid en actievere bevolking dwingt tot het realiseren van de participatiesamenleving en nieuwe taken voor burgers, hetgeen leidt tot een convergentie van digitale diensten rond burgers. Om zelf verantwoordelijkheid te kunnen nemen voor gezondheid en veiligheid in een wijk hebben burgers goede informatie nodig. Dergelijke informatie is voorhanden bij overheden en maatschappelijke organisaties, maar niet in een vorm die voor burgers geschikt is. Over enige tijd zijn burgers met een chronische ziekte afhankelijk van meerdere portals, online diensten en digitale toepassingen om hun ziekte te kunnen managen. Goede communicatie tussen die verschillende oplossingen is op dit moment niet of nauwelijks voorhanden. In die situatie is een samenhangend stelsel van informatievoorzieningen noodzakelijk. Leven in de participatiesamenleving is kennisintensief en sterk afhankelijk van informatie over gezondheid, veiligheid en openbaar bestuur.

Dergelijk intensief gebruik van digitale diensten creëert een digitale infrastructuur van een nieuwe schaal, kwaliteit en complexiteit en leidt tot een digitaal inrichtingsvraagstuk. Het nieuwe thema ‘maatschappelijke Informatievoorziening’ brengt de noodzaak en omvang van die nu nog weinig bekende uitdagingen in kaart en adresseert deze. Door deze te plaatsen in een programmatische context ontstaat bewustwording en motivatie rond de inspanningen die de komende jaren van maatschappelijke stakeholders gevraagd worden. Daarbij schetst maatschappelijke informatievoorziening de volgende fase in de ontwikkeling van de informatiesamenleving, waarin burgers zelf centraal staan.

Digitale burgers

Decennia van stimulerend beleid op de informatiesamenleving leiden tot een hoge score van Nederland op verschillende indices en hebben de interactie tussen overheden en burgers fundamenteel veranderd. Burgers die de komende jaren steeds actiever participeren, faciliteren die eigen regie en eigen verantwoordelijkheid opnieuw met toenemend gebruik van digitale middelen. Een digitale infrastructuur rond burgers vormt de basis voor hun samenwerking in sociale netwerken bij individuele en maatschappelijke gezondheid, zorg, welzijn, openbaar bestuur en veiligheid. Overheden moeten inspelen op die nieuwe ‘digitale burger’ die eigen en nieuwe eisen stelt aan de kwaliteit van systemen en informatie die instellingen, maatschappelijke organisaties en overheden bieden. Deze digitale burger is niet dezelfde als de klant uit het ‘klantgericht werken’ of de burger uit ‘burgerparticipatie’. We moeten daarbij denken aan een samenhangende digitale infrastructuur waarvan 18 miljoen inwoners in 7,5 miljoen huishoudens intensief en structureel gebruik maken. De activiteiten in die digitale netwerken zijn essentieel voor de kwaliteit van leven.

Deze digitale burger is niet die van het ‘klantgericht werken’ of de ‘burgerparticipatie’

Om in de participatiesamenleving zelf in staat te zijn beslissingen te nemen, activiteiten in te richten, te coördineren en taken uit te voeren, zijn burgers sterk afhankelijk van digitale informatie en kennis. Maar zij stellen eigen eisen aan digitale voorzieningen – ze spreken een eigen taal (leefwereld), hebben een eigen motivatie, emotionele betrokkenheid, sterk wisselend begripsvermogen, gebruiken informatie op een eigen wijze en richten hun digitale omgeving anders in dan professionals (de systeemwereld). Daarom moeten burgers in staat worden gesteld om een eigen informatiepositie op te bouwen die ze perspectief geeft en in staat stelt actief te participeren.

Een samenhangend stelsel van digitale voorzieningen

Digitale afhankelijkheid ontstaat wanneer senioren gedwongen zijn om gebruik te maken van portals met specialisten, huisartsen, andere behandelaars en apotheken, van verschillende e-health-apparaten en toepassingen en de zorg met familie, buren en andere betrokkenen moeten afstemmen. Dergelijke producten en diensten communiceren vandaag niet of nauwelijks met elkaar. Noch de huidige processen, noch de kwaliteit van informatiesystemen zijn daarop ingericht. Daarom vraagt het goed kunnen faciliteren van digitale burgers om het ontwerpen, ontwikkelen, implementeren en beheren van nieuwe standaarden en regelgeving die de juiste randvoorwaarden scheppen voor de tienduizenden digitale toepassingen die de komende jaren zullen ontstaan. Omdat burgers zelf niet in staat dergelijke randvoorwaarden te realiseren – die manifesteren zich op schaalniveaus boven hen – is het een inrichtings- en ordeningsvraagstuk waarin overheden en maatschappelijke partners een rol hebben. Door de schaal en intensiteit van activiteiten van burgers in een participatiesamenleving is deze digitale infrastructuur een essentiële en structurele bijdrage aan de maatschappelijke kwaliteit van leven en is zij van strategische betekenis. Een integrale visie bij de ontwikkeling daarvan is onontbeerlijk.

Maatschappelijke Informatievoorziening: een programma

De publicatie ‘maatschappelijke informatievoorziening’ vraagt aandacht voor deze complexe uitdagingen rond de digitalisering van burgers. Uitdagingen die niet alleen door de markt of burgers kunnen worden opgelost en die vragen om extra bewustwording en aandacht van alle partijen. Vaak worden oplossingen in de verschillende sectoren apart aangepakt maar rond burgers worden oplossingen uit verschillende sectoren samen gebruikt. Waarom is het zoeken in een gemeentelijk Raads Informatie Systeem anders dan in een provinciaal Staten Informatie Systeem? Waarom is een aanvraag bij de politie anders dan bij de gemeente? Waarom is het aanvragen van diensten bij het Kadaster anders dan bij de jeugdzorg? De bredere context van maatschappelijke informatievoorziening maakt duidelijk dat een boven-sectorale visie kan leiden tot betere randvoorwaarden en dat een multidisciplinaire integrale aanpak kan leiden tot tot meer toekomstvaste oplossingen.

Burgers zijn zelf niet in staat de benodigde randvoorwaarden te realiseren

Als programma verlegt ‘maatschappelijke informatievoorziening’ de invalshoek naar die van burgers in een coördinerende rol in eigen netwerken waarin professionals mede kunnen participeren. Het zet in op het conceptualiseren van een nationale infrastructuur die aansluit bij behoeften van burgers en daarmee verder gaat dan een infrastructuur die werkt voor professionals en waar burgers in participeren.

Nieuwe rol voor de overheid

In de huidige fase van de informatiesamenleving richten overheden, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties hun eigen informatie en processen optimaal in voor burgers. De volgende fase richt zich op informatievoorziening rond de burger zelf. Dat vormt een nieuwe uitdaging waarvoor de overheid bewustwording kan creëren en maatschappelijke partijen stimuleren tot het creëren van oplossingen. Als ‘launching customer’ kan de overheid haar eigen activiteiten zo vormgeven dat burgers beter geïnformeerd hun eigen regie en eigen verantwoordelijkheid kunnen inrichten.

De publicatie ‘Maatschappelijke Informatievoorziening: burgers toerusten voor een participatiesamenleving’ beschrijft een integrale visie om de beschreven problematiek aan te pakken. Ze is kosteloos als pdf te downloaden .

Bert Mulder en Martijn Hartog zijn respectievelijk lector Informatie, Technologie en Samenleving en onderzoeker bij het eSociety Instituut van De Haagse Hogeschool.

tags: , ,

- - - - -

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie.