zoeken binnen de website

Getut

Dirk Jan de Bruijn

door: Dirk-Jan de Bruijn | 26 januari 2016

Met uitzicht over de besneeuwde toppen van de Alpen hebben onze wereldleiders recent op het World Economic Forum in het feeërieke Davos de balans opgemaakt. Unaniem is men het er over eens: we staan aan de vooravond van de vierde industriële revolutie1. Met werkelijk een ongeëvenaarde tsunami aan technologische veranderingen: robots, kunstmatige intelligentie, geavanceerde hersenwetenschap, genetica, nanotechnologie, quantumcomputers, etc.

En wie zou denken dat deze wind ook wel weer overwaait moet ik ernstig teleurstellen. De eerste economiebijlage van dit jaar van het NRC was daar heel duidelijk over: Uber en Airbnb zijn nog maar het begin! Onderstreept als geen ander dat de wedstrijd wordt gespeeld in het digitale netwerk. Kind kan begrijpen dat dit niet gaat werken zonder een goed functionerende Generieke Digitale Infrastructuur (GDI).

Maar als ik dan de kritische speech van onze Digicommissaris Bas Eenhoorn op me in laat werken, dan denk ik: waar gaat dit eigenlijk over? Wat zijn we met z’n allen toch aan het doen? Eenhoorn maakt melding van drie showstoppers: centen, doorzettingsmacht en onderlinge samenwerking. Ik pel ze even af. Geld. Ik sla het Global Wealth Report van de Duitse verzekeraar Allianz open en lees: ‘Nederland is het op drie na rijkste land ter wereld’. Oeps. Weet zeker als je een goede businesscase – wél graag op niveau van de BV Nederland – maakt de boekhouders in een mum van tijd overtuigd zijn. Nog los van het feit dat we het wél heel normaal vinden om als overheid fors te investeren in fysieke infra (weg, water, spoor). Als tweede sturing. Niet zoals Elias in ‘Grip op ICT’ pijnlijk duidelijk maakte dat dit land maar liefst vier (!) ministers van informatievoorziening kent – zou by the way het gezicht van Dijsselbloem wel eens willen zien als hij nog drie hulpsinterklazen had. Maar als ik goed ben geïnformeerd is dat met de opmerking van Ronald Plassterk (‘ik ben de minister van de digitale overheid’) tijdens het laatste iBestuur congres ook opgelost. Helemaal als ik de stoere zin (‘je gaat erover of niet’) uit het regeringsakkoord er nog eens bij haal: practice what you preach. En dan de onderlinge samenwerking binnen de overheid, het feit dat we dat denken in instituten en organogrammen het blijkbaar nog steeds wint van het denken in klantwaarde voor de BV Nederland. Tsja. De vraag is hoe dat valt te verenigen met leiderschap en verantwoordelijkheid nemen …

Ik heb met de klassieke verandermanagement-theorie (voor de goede orde: proven technology) in de hand slechts twee adviezen. Eén zet de kachel onder het zogenaamde burning platform eens een paar tandjes hoger. Om zo die sense of urgency (‘wakker worden, je schoenen staat in de hens’) flink op te poken. En twee: ga als de wiedeweerga in cocreatie met je stakeholders aan de slag met het concretiseren toepassingsmogelijkheden in 2020 en verder – als we vandaag schouder aan schouder met elkaar aan de bak gaan. Beperk dat zeker niet tot het publieke domein, de private sector is immers ook een dominante belanghebbende van een flitsende GDI. Leg dan nadrukkelijk de relatie tussen die toekomstige waardecreatie én de GDI: maak zo helder wat het dominante belang is van die adequate digitale infra. Gebruik vervolgens zo’n vergezicht als wenkend perspectief, als sense of excitement. Redeneer dan terug zoals we van Covey hebben geleerd (‘begin met het einde voor ogen’) wat je vandaag moet doen om dáár straks te staan. Iets in mij zegt dat dit geneuzel en micromanagement dan van zelf als sneeuw voor de zon verdwijnt!

Dirk-Jan de Bruijn is programmadirecteur EU Truck Platooning Challenge

1 Eerste industriële revolutie (ca. 1850): introductie stoommachine en stoomturbine; tweede (eind 19e eeuw): komst verbrandingsmotor, aardolie, steenkolen, transistor, stoomturbines, elektriciteit, staal; derde (na WO2): komst nieuwe communicatiemiddelen, globalisering, automatisering en digitalisering.

tags: , ,

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.