zoeken binnen de website

Herinnering aan Peter Tas

door: Evert-Jan Mulder | 28 januari 2019

Een eerbiedwaardig gezelschap toog die avond in het voorjaar van 1998 naar het fameuze Indonesisch restaurant Palembang in Den Haag, om daar met een rijsttafel een afscheid te vieren.

Het gezelschap bestond uit het bestuur en de medewerkers van Het Expertise Centrum of HEC, zoals het binnen de kringen van de overheidsinformatievoorziening werd genoemd. Ik was mijn carrière net begonnen en was één van de jongsten onder het gezelschap. HEC was een BIT (Bureau ICT-toetsing) avant la lettre. In 1998 werd het door het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) opgericht om te zorgen voor risicomanagement op grote ICT-projecten. Net als het BIT ging aan de oprichting van HEC politieke reuring over ICT-mislukkingen vooraf. C’est l’histoire qui se répète. HEC bestaat inmiddels niet meer, maar leeft nog voort in het DNA van adviesbureau PBLQ.

De persoon waarvan afscheid werd genomen was de inmiddels 65-jarige oprichter en eerste directeur van Het Expertise Centrum: Peter Tas. Een markante man en dat kwam niet alleen door zijn witgrijze haar en dito snor. Peter had wat ze nu noemen de X-factor in overheid en ICT. In de eerste plaats was hij zeer deskundig en had hij een enorme staat van dienst: oprichter van het Gemeentelijk Rekencentrum van Amsterdam, directeur Informatiebeleid in Amsterdam, directeur Overheidsorganisatie en Automatisering bij BZK, en daarnaast nog hoogleraar bij Nijenrode en later de TU Eindhoven. Verder was hij messcherp in zijn analyse en kon hij zeer complexe vraagstukken in Jip-en-Janneke taal uitleggen. Altijd handig aan de bestuurstafel. Last but not least wist hij heel goed welk een taai ongerief ICT in overheidsland kon veroorzaken, en poogde met zijn praktische adviezen bestuurders grip te geven. Mede daardoor kreeg HEC een belangrijke positie bij het uitvoeren van diverse politiek-gevoelige onderzoeken.

Wat ook bijdroeg aan die X-factor was zijn onconventionele manieren van denken, zijn vermogen om leuke mensen om zich heen te verzamelen en, niet te vergeten, zijn enorme gevoel voor humor. Ik herinner me als jong broekie geholpen te hebben bij een onderzoek naar de ICT-systemen voor rekeningrijden, ook zo’n politiek gevoelig dossier. Peter en senior-adviseur Jan Perlee hadden het merendeel van het werk gedaan. Voordat onze rapportage naar de minister zou gaan, wilde we de toenmalig voorzitter van het HEC-bestuur, Loek Hermans, om commentaar op ons concept vragen. Dat zou gebeuren tijdens een dineetje. Terwijl wij op de heer Hermans zaten te wachten, zegt Peter: “Hee Jan, die jongen oogt mij veel te relaxt. Als wij hem nou eens het verhaal laten toen tegen Loek, dan kunnen wij rustig eten”. En zo geschiedde.

Dit soort anekdotes, verpakt in talloze lof- en dankbetuigingen voor Peter, gingen tijdens het afscheidsetentje in Palembang over de tafel. In die zin was dit afscheid een intieme voortzetting van wat zich de middag ervoor had afgespeeld in de Nieuwe Kerk in Den Haag. Daar had Peter voor een groot gezelschap, bestuurders en ICT managers, voor het laatst zijn visie op de overheid en ICT uiteengezet én en passant nog eens gewaarschuwd voor dat vermaledijde Internet. Dat was niet veilig, het was alleen maar voor de commercie, en het was – zeker in die tijd – ook niet erg snel. De vergelijking van de internetgekte met de tulpenmanie door Peter deed het goed tegen de zeventiende-eeuwse achtergrond van de Nieuwe Kerk en zorgde voor instemmend geknik in de kerkbanken.

De rijsttafel naderde zijn einde. Aan de serie bedankspeeches leek een einde te zijn gekomen, toen er nog een vork tegen een glas klonk. De zoon van Peter Tas vroeg het woord. Het kan zijn dat ik me na al die jaren de precieze woorden niet meer herinner, maar zijn eerste zin luidde zoiets als: “Pap, het is goed dat je ermee ophoudt, want je begrijpt er geen zak meer van”. Afijn, na deze introductie was iedereen gespitst op wat komen zou. Wat volgde was een korte, maar indrukwekkende schets van de impact die Internet op ons werk en leven zou krijgen. De zoon bleek werkzaam voor een Amerikaans bedrijf en was zeer goed op de hoogte van de ontwikkelingen in Silicon Valley. Hij liet ons daar aan tafel bij Palembang zien hoe ICT de wereld van de back-offices zou overstijgen en in alle werkprocessen een rol zou gaan spelen. Ik had tijdens mijn studie wel eens gelezen over een paradigmawisseling, maar hier zag ik er eentje voor mijn neus plaatsvinden.

De zoon werkt inmiddels als Chief Innovation Officer bij Philips. Peter is helaas niet meer. Hij is vlak voor de jaarwisseling gestorven, 85 jaar oud. Langs deze weg wil ik Peter bedanken voor al zijn wijze lessen en zijn bijzonder prettige kijk op het leven.

Evert-Jan Mulder is oprichter en directeur van Red Plume, adviesbureau voor de digitale transformatie van de publieke sector.

reacties: 1

tags: ,

  • Jan Willem Boissevain #

    28 januari 2019, 11:34

    Hi Evert-Jan,
    Mooi te lezen jouw verhalen uit de goede oude tijd, schitterend eerbetoon aan Peter Tas en prachtige anekdotes! Volgens mij werd HEC in 1988 opgericht. Hetzelfde jaar trad ik toe tot het mooie bedrijf CMG, dat inmiddels ook niet meer bestaat (maar via Logica voortleeft binnen CGI). Jeroen Tas is nog altijd een bevlogen spreker, zie www.pega.com/insights/resources/pegaworld

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.