zoeken binnen de website

Vertrouwen in de (digitale) toekomst?

door: Evert-Jan Mulder | 24 oktober 2017

Voor de digitale overheid biedt het nieuwe regeerakkoord in de kern weinig nieuws. Positief is dat er volop aandacht is voor de risico’s van de digitale samenleving. Het slechte nieuws is dat er onvoldoende aandacht is voor de kansen in termen van bestuurlijke innovatie, terwijl de kwaliteit en legitimiteit van het bestuur juist daar in de toekomst vanaf zal hangen.

Eerst maar het positieve nieuws. Jaarlijks loopt de Nederlandse economie circa tien miljard schade op als gevolg van cybercrime, volgens berekeningen van Deloitte. Niet alleen de systemen van bedrijven, maar ook die van de overheid zijn kwetsbaar. Met de komst van een technologie als het Internet of Things (IoT) neemt die kwetsbaarheid alleen maar toe. Vandaar dat het goed nieuws is dat dit kabinet cybersecurity meer aandacht geeft. Dat gebeurt door meer geld, een nationale cyber security agenda, een belangrijke rol voor de ‘digitale brandweer’ van Nederland (het Nationale Cyber Security Centrum) en meer voorlichting. Of het allemaal genoeg is, moeten we maar afwachten. In ieder geval zal het kabinet op dit punt volop de samenwerking binnen Europa moeten opzoeken, om kostbare kennis en expertise te delen en om effectieve standaarden te ontwikkelen. Dit staat nu niet in het akkoord vermeld.

Dan het slechte nieuws. Lees de paragraaf over Bestuur en Koninkrijksrelaties, in het bijzonder de sub paragrafen over de Vernieuwing van het openbaar bestuur en ICT dienstverlening, het Kiesstelsel, en Goed overheidspersoneel. Hier wordt de nodige oude wijn in nieuwe zakken gepresenteerd, in combinatie met volstrekte onduidelijkheden. Een paar voorbeelden:

• ‘Het kabinet hecht eraan dat de overheid transparant en open is’ , maar dat mag vanzelfsprekend niet tot te hoge kosten voor de organisatie en de uitvoering leiden;
• ‘De dienstverlening van MijnOverheid.NL wordt meer servicegericht’, inclusief een functie om pushberichten te versturen om proactief te waarschuwen. Waarvoor dan? Een virus, een milieuramp, een wegopbreking?
• ‘Grote ICT-projecten worden standaard getoetst door het Bureau ICT-Toetsing (BIT)’. Sinds de instelling van het BIT in (sic!) 2015 zijn er al 24 toetsen uitgevoerd. En met de discussie rondom het laatste BIT-advies op de operatie BRP is het misschien nog maar de vraag of dit instrument de beste manier is om het falen van ICT-projecten te voorkomen.
• ‘De basisregistratie Personen wordt gemoderniseerd’. Daar zijn ze toch al tien jaar mee bezig en is recent niet besloten om de stekker eruit te trekken na het BIT-advies?
Interessant is verder dat dit kabinet de burger meer regie wil geven over zijn eigen persoonsgegevens. Dit is een vrij wezenlijk punt. Enige uitleg hoe dit verder vorm moet krijgen, wordt niet gegeven.

Ook wil dit kabinet wederom een nieuwe ambitieuze digitaliseringsagenda ontwikkelen voor de overheid. Opvallend is dat daar wel een aantal nadere opmerkingen over worden gemaakt. Deze lijken haaks te staan op de eerdere adviezen van het ministerie van BZK in haar rapport ‘Maak Waar!’.

• ‘Maak Waar!’ wijst op de noodzaak van één overheid, oftewel een integrale en samenhangende aanpak van de digitalisering van de overheid in het bijzonder wat betreft dienstverlening. Het regeerakkoord verwijst naar een ambitieuze agenda ‘voor de verdere digitalisering van het openbaar bestuur op verschillende niveaus’. Deze laatste zinssnede lijkt weer alle ruimte te geven aan een versnipperde aanpak per bestuurslaag.
• ‘Maak Waar!’ bestempelt de digitale basisinfrastructuur (Generieke Digitale Infrastructuur, GDI) als een vitale infrastructuur voor Nederland. Het hele woord GDI komt in het regeerakkoord niet voor, net zo min als de functie van de Digicommissaris, die toch door het vorige kabinet is geïnstalleerd om de GDI te implementeren.
• ‘Maak Waar!’ pleit voor het opbouwen en behouden van een volwaardige ICT-functie binnen de overheid. Letterlijk staat er: ‘de overheid doet in expertise niet onder voor die van de markt; de overheid neemt leiding in ontwikkeling en beheer van de eigen ICT’. Het regeerakkoord daarentegen wil juist kritisch kijken ‘of de markt niet meer activiteiten kan overnemen’.
• ‘Maak Waar!’ wijst op de noodzaak van digitale kennis, ‘van de werkvloer tot de top’. Het regeerakkoord beperkt zich tot de opmerking dat ‘het beloningsniveau bij de overheid zodanig moet zijn dat ook hoogwaardige en schaarse specialisten, bijvoorbeeld met expertise op gebied van ICT, in dienst kunnen worden genomen.’

Verder ontbreekt iedere aandacht voor het concept ‘Smart Cities’, terwijl nota bene begin dit jaar met veel tromgeroffel de NL Smart City Strategie aan de premier himself is overhandigd. Deze ontwikkeling betekent een radicale transformatie op lokaal niveau. Zoals de wethouders van de vijf grote steden recent aan Rutte schreven: ‘De Smart City agenda vraagt grote verandering in rollen, verantwoordelijkheden en leiderschap: voor alle stakeholders. Integraal, silo-overstijgend, met nieuwe business- en governance-modellen’. Een troost is dat de wethouder van Amsterdam die medeondertekenaar was, nu minister van Binnenlandse Zaken wordt.

Tot slot, geen woord over de noodzaak om een digitale ethiek te ontwikkelen. Het Rathenau Instituut heeft in haar advies Opwaarderen een pleidooi gedaan om een ‘digitaliseringsakkoord’ op te stellen. Dit akkoord zou kaders moeten schetsen voor de gewenste inzet van technologie in onze samenleving. Geen overbodige luxe, als we zien hoe ingrijpend de impact van robots, algoritmes en IoT de komende jaren op onze samenleving zal zijn.

Samenvattend.

Dit regeerakkoord is goed nieuws voor alle cybersecurityexperts en partijen die belang hebben bij het digitaal asfalteren van de bestaande overheidsorganisatie. Dit regeerakkoord is slecht nieuws voor diegenen die geloven dat de digitale transformatie in volle gang is en dat ons openbaar bestuur daar een cruciale rol in vervult. Dit kabinet gaat voort op de ingeslagen digitale weg. Het ziet niet in dat er veel meer aandacht nodig is voor innovatie en experiment, en dat drastische ingrepen in bestaand beleid en organisatie onvermijdelijk zijn om op termijn de kwaliteit en legitimiteit van het bestuur te waarborgen.

Evert-Jan Mulder is kritisch burger, betrokken bij de publieke zaak, en directeur van Red Plume, adviesbureau voor de digitale transformatie van de publieke sector.

reacties: 3

tags: , ,

  • Larissa Zegveld #

    24 oktober 2017, 17:37

    Geheel juiste constatering!
    Zo jammer dat we de komende 4 jaar zo ingaan.

  • Dirk-Jan de Bruijn | Innovatiecentrale #

    24 oktober 2017, 18:44

    Mooi geschreven Evert-Jan – complimenten – géén woord Spaans bij – onderstreept dus om veel van ons te laten horen – werk aan de winkel om onze politieke bovenbazen te overtuigen dat het écht anders moet – helemaal als we het koppelen het aan de kansen voor de bv Nederland!

    Goede groet Dirk-Jan

  • Raymond Alexander #

    24 oktober 2017, 23:37

    Mooie analyse en vergelijking. Bij gemeenten waait (gelukkig) een heel andere wind dan datgene wat het regeerakkoord uitstraalt. Veel besef van de urgentie om digitale transformatie echt samen waar te maken. Het regeerakkoord voelt dan helaas inderdaad niet als een steun in de rug.

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.