Digitalisering en democratie
Artikel

Meer burgers dan politieke partijen willen een minister van Digitale Zaken

Zicht op ministerie van Justitie
Bij welk ministerie zou je een minister van Digitale Zaken moeten plaatsen? | Beeld: Shutterstock

Voor de tweede keer konden kiezers bij de afgelopen Tweede Kamerverkiezingen de Technologie Kieswijzer invullen. Over de uitkomsten en betekenis van de Technologie Kieswijzer ging initiatiefnemer Rudy van Belkom voor iBestuur in gesprek met Tweede Kamerlid Barbara Kathmann, die eind december verkozen werd tot IT-politicus van het jaar. “Meer burgers dan politieke partijen willen een minister van Digitale Zaken.”

Rudy van Belkom was kritisch over de in zijn ogen veel te beperkte aandacht voor digitale technologie, zowel in de aanloop naar de verkiezingen als in partijprogramma’s. “Tekenend vond ik dat er een nieuwe datawet werd aangenomen op dezelfde dag dat het rapport ‘Ongekend onrecht’ werd gepresenteerd over de toeslagenaffaire. De opkomst bij de bespreking van die wet was laag, terwijl we op hetzelfde moment elders geconfronteerd werden met de heftige consequenties van ontspoord databeleid.”

Portret Barbara Kathmann

GroenLinks/PvdA Kamerlid Barbara Kathmann kon niet anders dan het eens zijn met Van Belkom. “De kennis en aandacht voor het onderwerp is er gewoon niet; niet bij ambtenaren, niet bestuurlijk en niet in de Tweede Kamer.” De politiek moet een sturende rol pakken als het gaat om bijvoorbeeld de macht van Big Tech en de hoeveel haat en het nepnieuws dat digitaal over ons wordt uitgestort aan banden te leggen.

De kennis en aandacht voor digitalisering is er gewoon niet; niet bij ambtenaren, niet bestuurlijk en niet in de Tweede Kamer.
Barbara Kathman, Tweede Kamerlid voor GroenLinks/PvdA en voorzittter Commissie Digitale Zaken

Kathmann: “We zijn afhankelijk van digitalisering in ons werk, in de zorg, op school, maar ook privé, bij het aanvragen van toeslagen bijvoorbeeld. Dat werkt ongelijkheid in de hand. Please laat er een minister van Digitale Zaken komen. Daarmee wordt het onderwerp meteen een stuk zichtbaarder en dus belangrijker. De Kamer moet bovendien meer expert worden, en dat kan ook; kijk maar naar het stikstofdossier, daar hebben we ook veel meer kennis dan eerst.”

Het pleidooi van Kathmann komt Van Belkom bekend voor. “Veel gebruikers zijn het met Barbara eens en pleiten voor een minister van Digitale Zaken. Wat ik interessant vind: er zijn meer burgers dan politieke partijen die dit willen – in het merendeel van de partijprogramma’s vind ik dit punt nauwelijks terug.” En dat geldt voor meer punten die Kathmann noemt. “Het beteugelen van Big Tech is ook zo’n vraagstelling waar veel kiezers het mee eens zijn. Je ziet dat mensen zich zorgen maken. En het in bescherming nemen van leerlingen in het onderwijs – daar mag de overheid best een rol in spelen van de kiezers. Door het stimuleren van inclusie, maar ook door de privacy van mensen te waarborgen.”

Portret Rudy van Belkom

Rudy van Belkom ziet dat het draagvlak voor zo’n minister aan terrein wint. “Het idee is in opkomst, maar stuit nog wel op praktische vraagstukken. Waar plaats je zo’n minister bijvoorbeeld? Hoort die bij Binnenlandse Zaken? Economische Zaken? Dat is belangrijk, want los van hoe je iets agendeert, zegt het iets over je morele kompas als overheid. Zet je digitalisering in voor economische doeleinden, of is het een maatschappelijk vraagstuk waarin je optreedt als beschermer van mensen?”

Waar je een minister van Digitale Zaken plaatst zegt het iets over je morele kompas als overheid.
Rudy van Belkom, directeur van Stichting Toekomstbeeld der Techniek (STT)

Grondrechten beschermen

“Uit de Technologie Kieswijzer bleek dat kiezers het enorm belangrijk vinden dat de manier waarop de overheid digitalisering inzet voldoet aan de grondrechten. Dat is misschien gemakkelijker gezegd dan gedaan. Hadden we de toeslagenaffaire voorkomen als we strenger gemonitord hadden op de grondrechten van mensen? Ik durf het niet te zeggen. Ook dat komt weer voort uit een heel morele en politieke keuze: zet je algoritmes in vanuit wantrouwen of vertrouwen? Hoe belangrijk maak je pakkans en controle? Maar wat die keuze ook is: je moet er transparant over zijn. En dat is niet gebeurd.”

Kathmann valt hem bij: “Precies, daar heb je het politieke debat voor nodig. Je moet met elkaar bepalen hoe je algoritmes inzet. Doe je dat überhaupt als je weet dat het in de basis discriminatoir is? Het is heel gek dat dit soort discussies niet gevoerd wordt, terwijl dit hele onderwerp zo politiek als de neten is.”

Het gehele verslag kunt u lezen in iBestuur Magazine #49, dat 18 januari verschenen is.
Nog geen gratis (online) abonnement? Klik HIER.

Lees ook:

  • Vincent Hoek | 25 januari 2024, 15:21

    De voortdurende digitalisering van onze maatschappij en de daarmee gepaard gaande uitdagingen hebben geleid tot een interessante beleidsdiscussie: hebben we een minister van Digitale Zaken nodig, of niet? Hieronder zet ik de argumenten voor en tegen deze nieuwe ministerpost uiteen, in de context van de hedendaagse informatiehuishouding.

    Argumenten tegen een minister van Digitale Zaken:
    – Overlap met bestaande ministeries: De introductie van deze rol zou kunnen leiden tot bureaucratische verwarring en conflicten over de verdeling van verantwoordelijkheden.
    – Kosten en tijd: Het opzetten van een nieuw ministerie is een kostbaar en langdurig proces zonder gegarandeerd resultaat.
    – Kern van het probleem: De focus dient niet te liggen op de infrastructuur, maar op de omgang met data.
    – Data Governance: Het afdwingen van data compliance en het implementeren van een robuust Data Governance-beleid kan efficiënter zijn dan het creëren van een nieuwe positie.
    – Business Continuity Management: Dit zorgt voor de continuïteit van kritieke processen zonder de noodzaak van een specifieke minister.

    Argumenten voor een minister van Digitale Zaken:
    – Zichtbaarheid: Een minister zou ervoor kunnen zorgen dat digitale kwesties een prominentere plek op de politieke agenda krijgen.
    – Expertise: Een specialistische minister kan de kennis binnen de regering verhogen en zorgen voor een beter begrip van complexe technologische vraagstukken.
    – Bescherming van grondrechten: Een minister kan zich specifiek richten op de bescherming van burgerrechten in het digitale tijdperk.

    Echter, de rol van de CIO binnen de overheid biedt wellicht een meer pragmatische benadering. Door de CIO direct verantwoordelijk te maken voor de volgende zaken:
    – Data compliance en bescherming: Zorgen dat organisaties zich houden aan relevante wet- en regelgeving.
    – Data Governance: Implementeren van beleid voor het beheren en veiligstellen van data.
    – BCM: Het waarborgen van de operationele continuïteit bij digitale verstoringen.

    Informatiehuishouding dient niet enkel bekeken te worden als een verzameling van systemen en processen, maar als levende data die adequaat beheerd moet worden. Het afrekenen van de CIO op deze verantwoordelijkheden zou een heldere en directe aanpak betekenen voor het managen van de digitale transitie binnen de overheid.

    Dus hoewel de aanstelling van een minister van Digitale Zaken op het eerste gezicht een logische stap lijkt voor het benadrukken van het belang van digitalisering, biedt de versterking en duidelijke positionering van de CIO’s van elk Ministerie een veel praktischer en waarschijnlijk effectievere oplossing voor het beheren van onze digitale toekomst. Het gaat niet om de infrastructuur, maar om de Data. Niet om de applicaties content, maar om de data context. Uiteindelijk willen we Fact Based Policy. Als een feit een verifieerbare claim op de werkelijkheid is, dan zullen we toch de data moeten hebben. Dat kan uitstekend met moderne middelen. De JSF-35 is ook niet ontworpen met een pen en een gummetje.

Plaats een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.
Registreren