zoeken binnen de website

Deltaplan of new deal?

door: Martijn Sasse en Gijs van Schouwenburg | 11 februari 2020

Eind vorig jaar benoemde Daan Rijsenbrij niet alleen de IT-problemen van de overheid, maar hij kwam ook met een IT-Deltaplan. Martijn Sasse en Gijs van Schouwenburg stellen een andere aanpak voor, gestoeld op twee wijzigingen in het denkmodel over digitalisering in de publieke omgeving: digitalisering is een beleidsveld en het IT-fundament voor digitalisering is geen intern vraagstuk van de overheid. Deel 1.

ministeries in Den Haag

“De overheid is nog vrij traditioneel en functioneel georganiseerd. Hoewel in de competentieprofielen van (top) ambtenaren samenwerking en over de grenzen van het eigen domein heenkijken, bovenaan de lijst staan, blijkt de dagelijkse praktijk toch vaak nog silo georiënteerd’. Beeld: F. de Jong / Pixabay

Het probleem lijkt zo eenvoudig te formuleren: de overheid loopt hopeloos achter met haar IT-voorzieningen en is niet in staat om (grote) IT-projecten te laten slagen. Het is de vraag of deze probleemformulering correct is. Sterker nog, door op deze manier de problematiek te simplificeren, werk je er niet aan mee dat échte verbeteringen tot stand komen.

Natuurlijk zijn er voorbeelden van verouderde systemen en falende projectsturing (en waar dat aan de orde is, moet je daar wat aan doen). Maar er is meer aan de hand.

De Digitale Ruimte

We vinden het heel normaal om te denken en te spreken over de economische ruimte, de sociale ruimte en bijvoorbeeld de ecologische ruimte. Onze samenleving kan worden ingedeeld in deze dimensies (People, Planet, Prosperity). Het valt niet meer te ontkennen dat er inmiddels ook sprake is van een digitale ruimte. Deze ruimte is de optelsom van de infrastructuren van de overheid en private partijen waarbinnen we communiceren, gamen, publiceren, transacties doen (kopen, verkopen, ruilen), informeren, rechercheren, et cetera.

De overheid vervult haar rol in al die dimensies. De overheid is expliciet over haar visie op, en rol in, de economische, ecologische en sociale ruimte. Denk aan ministeries, zoals Economische Zaken en Klimaat, Infrastructuur en Waterstaat, Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Volksgezondheid, Welzijn en Sport of Justitie en Veiligheid, die invulling en richting geven aan het functioneren van deze ruimtes. De Nederlandse overheid is echter nog steeds ambigu over en in de digitale ruimte. Deze ruimte is de ‘digital twin’ van onze fysieke samenleving met dezelfde normen- en waardenstelsels die daaraan ten grondslag liggen. Ten onrechte wordt deze Digitale Ruimte nog vooral als een onderwerp van bedrijfsvoering gezien (Binnenlandse Zaken). De toevoeging ‘Wet digitale overheid’ aan het wetsvoorstel dat algemene regels stelt voor elektronisch verkeer in het publieke domein, is een actueel voorbeeld van deze denkfout.

Natuurlijk zijn er voorbeelden van digitaal beleid, die willen wij niet tekort doen. Zo is de afgelopen tijd door het kabinet aandacht besteed aan de Digitale Ruimte, zoals bijvoorbeeld in de Strategische AI Agenda (SAPAI), de Nederlandse Digitaliseringsstrategie of de Nationale Data Agenda. Het wordt tijd om op te schalen naar een samenhangend beleid voor de digitale ruimte, vergelijkbaar met economisch, ecologisch en sociaal beleid. Nu worden in de meeste beleidsomgevingen de vraagstukken, die gepaard gaan met digitale ruimte, nog steeds als een IT-dingetje gezien. Het gevolg is dat daar waar een proactieve houding vereist is, een reactieve houding prevaleert. Wat ook opvalt is dat als het gaat over de IT-problemen van de overheid, dat dan wordt gesproken over een bedrijfsvoerings- en beheersingsprobleem.

In onze opinie is het functioneren van de Digitale Ruimte een beleidsterrein!

Wij adviseren om expliciet onderscheid te maken in twee perspectieven: waar gaat het over het IT-fundament van de overheid (middel) en waar gaat het over de digitale ruimte waarin de overheid een rol vervult (beleidsterrein). Een belangrijke reden waarom veel ‘IT-‘projecten en programma’s zo complex en omvangrijk zijn, is dat tegelijk een IT-fundament wordt gemaakt én een verandering in het functioneren van overheid en samenleving in de digitale ruimte wordt nagestreefd. Daarbij is vaak ook nog eens onduidelijk welk deel van dat IT-fundament het ‘intern functioneren van de overheid’ dient (zo dat überhaupt nog kan bestaan) en waar dit IT-fundament een middel is voor een publieke functie.

Fusie van fysieke, biologische en digitale ruimte

Terwijl velen van ons nog worstelen met de digitaliseringsopgave (zo ook de overheid) is de volgende revolutie al gaande: de 4de industriële revolutie, waarin de digitale ruimte, de fysieke ruimte en de biologische ruimte met elkaar fuseren. We koppelen digitalisering en informatietechnologie met de fysieke wereld (Internet of Things en nanotechnologie) en met de biologische wereld (biotechnologie en medische technologie), waardoor wereldwijd een fusieproces optreedt van ruimtes: dat is de essentie van de 4de Industriële Revolutie.

Anno 2019 is de maatschappelijke en economische betekenis van digitalisering voor de meesten onder ons wel duidelijk. Het debat komt nu op gang over de betekenis van IT en digitalisering voor een circulaire economie, voor een inclusieve maatschappij, voor het behalen van klimaatdoelen en voor het behoud van biodiversiteit. Kortom, we beschouwen de bijdrage van digitalisering en IT aan de sustainable development goals als opvolger van millenniumdoelen en maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Die bijdragen blijken rechtstreeks samen te hangen met de bijdrage die digitalisering en IT leveren aan de veilige omgeving van een democratische rechtsstaat en met de bijdrage aan het vermogen van een samenleving om in samenwerking met elkaar een duurzame toekomst te realiseren (individuen en organisaties, triple helix: publiek, privaat en wetenschap, alle schaalniveaus: lokaal, regionaal, nationaal en internationaal). De overheid (in brede zin) zit nog in de awareness fase van deze ontwikkeling.

De volgende achterstand lijkt zich daarmee al weer aan te dienen, terwijl er dus juist een opgave voor de overheid ligt om nu het voortouw te pakken: zie ook het artikel van Carlota Perez in NRC van 22 november 2019: ‘Overheid moet ons leiden naar een nieuw Gouden Tijdperk’.

De digitale ruimte en de politiek

Het gewenste opereren van de overheid in de huidige tijd, waarin er een digitale ruimte bestaat, is fundamenteel anders dan in de periode dat de fysieke ruimte nog leidend was. De organisatiestructuur, de managementstijl, de interactiepatronen, het proces van wet en regelgeving: overal is meer agility nodig. De duidelijke scheidslijnen en het maakbare karakter van de fysieke wereld bestaan niet op gelijke wijze in de digitale omgeving.

Deze ontwikkelingen zijn volatiel, complex, onvoorspelbaar en voltrekken zich in hoog tempo. Dat vraagt om een agile houding en organisatie. Tegelijk is het juist de rol van de overheid om stabiliteit en zekerheid te bieden. Internationaal is dit vraagstuk bekend als Agile Governance. Onder diverse namen is ook bij diverse Nederlandse overheden al veel van dit gedachtengoed te vinden. Een deel van dit gedachtegoed is ook terug te vinden in het proefschrift van Mariëtte Lokin ‘Wendbaar Wetgeven’.

In de meeste beleidsomgevingen worden de vraagstukken die gepaard gaan met digitale ruimte, nog steeds als een IT-dingetje gezien

De overheid is nog vrij traditioneel en functioneel georganiseerd. Hoewel in de competentieprofielen van (top) ambtenaren samenwerking en over de grenzen van het eigen domein heenkijken, bovenaan de lijst staan, blijkt de dagelijkse praktijk toch vaak nog silo georiënteerd. De beleidsomgeving is daarenboven vooral gericht op managen en coördineren binnen de kolom en minder op het verbinden van de inhoud. Wij denken dat in toekomstig leiderschap hier meer aandacht voor moet zijn: stop met managen en ga leiden! De notie die Roel Bekker recent publiceerde in De Hofvijver van 25 november spreekt ons daarbij zeer aan.

Dat geldt dus ook voor het proces van wet- en regelgeving en het functioneren van de Tweede Kamer. Doe dat wel in de context van het functioneren van de democratische rechtsstaat als geheel. Minder wet- en regelgeving van een aard die meer richtinggevend en normstellend is, in plaats van voorschrijvend hoe uitvoering te geven of te administreren helpt agility te creëren. Er zijn vaak betere vormen mogelijk om regelkringen te vormen dan wetgeving van bovenaf. Bijvoorbeeld door met informatie feedbackloops te creëren, door samen aan normenstelsels te werken (NEN) en door het zelfreinigend vermogen van sectoren te organiseren. Maar de essentie is dat ook de Digitale Ruimte een robuuste leefomgeving wordt.

Dinsdag 18 februari, deel 2: Het IT-fundament van de Digitale Ruimte

Martijn Sasse is vakgroepvoorzitter informatiemanagement en business analyse bij IVO Rechtspraak. Gijs van Schouwenburg werkt, via I-interim Rijk, als programmamanager voor het IenW brede programma ‘Anders omgaan met Data’.

Bovenstaande tekst is een samenvatting van de tekst die de auteurs zonden aan Daan Rijsenbrij. De volledige tekst is hier te vinden.

reacties: 1

tags: , ,

  • Daan Rijsenbrij #

    16 februari 2020, 21:36

    Met behulp van en geïnspireerd door een groot aantal opmerkingen in een aantal blog’s over de IT bij de overheid, heb ik herfst vorig jaar een discussiestuk geschreven onder de titel ‘een aanzet tot een IT-Deltaplan voor de overheid’.

    Dit is als eerste gepubliceerd in iBestuur, vervolgens is het gepubliceerd in het eMagazine ‘IT-Executive’: itexecutive.nl/it. Op die webpagina staan inmiddels 75 waardevolle notities. Het is de moeite waard om eens te kijken naar die notities, en indien je je geroepen voelt daar een notitie aan toe te voegen.

    De originele publicatie van de aanzet tot een IT-Deltaplan had als ondertitel ‘versie 0.3’. Analyse van die 75 notities kan leiden tot een ‘versie 0.6’. Het is mijn wens ‘versie 1.0’ te schrijven samen met een aantal toppers uit de overheid zelf. Ben jij een mogelijke kandidaat, laat het mij dan weten: daan@rijsenbrij.eu.

    Na de ‘aanzet 1.0’ kan er, zo de overheid dat wenst, een IT-Deltaplan geformuleerd worden, mede op grond van enkele diepte-onderzoeken.

Reactieformulier

De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht. U ziet eerst een voorbeeld en daarna kunt u uw bijdrage definitief plaatsen. Uw e-mailadres wordt niet op de site getoond. Reacties zonder achternaam worden verwijderd. Anoniem reageren alleen in uitzonderlijke gevallen in overleg met de redactie. U kunt bij de vormgeving van uw reactie gebruik maken van textile en er is beperkt gebruik van html mogelijk.