ENISA krijgt na maanden onderhandelen toegang tot een krachtig Amerikaans cybermodel. Maar niet tot de nieuwste versie (Mythos 5.1), Anthropic houdt die versie voorlopig voor een beperkte groep gecontroleerde Amerikaanse organisaties. Voor toegang tot de meest gevoelige systemen blijft Europa nog steeds afhankelijk van Amerikaanse bedrijven en exportcontrole.
ENISA mag AI-model Mythos 5 gebruiken
De Europese Commissie bevestigt dat ENISA, het EU-agentschap voor cyberbeveiliging, toegang heeft gekregen tot Claude Mythos 5, een AI-model van Anthropic, en het model nu test.
Anthropic had in juni al in beginsel toegezegd ENISA toegang te geven, maar de feitelijke ingebruikname bleef uit. De partijen moesten eerst afspraken maken over onder meer de veilige onboarding, veiligheidscriteria en de grenzen van het gebruik. Pas nu, circa drie maanden later, is die toegang operationeel.
Waarom dit model gevoelig ligt
Mythos 5 wordt beschreven als een model met bijzonder sterke cybercapaciteiten: het kan helpen bij het identificeren, analyseren en mogelijk exploiteren van kwetsbaarheden in software, systemen en netwerken. Daarmee kunnen sneller zwakke plekken opgespoord worden in de eigen infrastructuur. Echter aanvallers kunnen dezelfde kennis benutten om aanvalspaden te ontdekken, kwetsbaarheden te ketenen of technische barrières te omzeilen.
De Amerikaanse blokkade
In juni legde de Amerikaanse regering Anthropic nog een exportcontrolerichtlijn op. Die verplichtte het bedrijf de toegang tot Mythos 5 en het verwante Fable 5 op te schorten voor alle buitenlandse staatsburgers, ongeacht of zij zich binnen of buiten de Verenigde Staten bevonden. De maatregel gold zelfs voor buitenlandse medewerkers van Anthropic. De Amerikaanse blokkade lijkt formeel te zijn ingetrokken.
Wat ENISA eraan heeft
Voor ENISA is toegang vooral waardevol als onafhankelijke evaluatie- en verdedigingscapaciteit. Het agentschap ondersteunt EU-instellingen en lidstaten bij cyberweerbaarheid, kennisdeling, oefeningen, certificering en beleidsontwikkeling. Een testomgeving voor een hoogwaardig cybermodel kan helpen om beter vast te stellen welke nieuwe risico’s zulke modellen in de praktijk creëren voor publieke en private organisaties en of bestaande maatregelen tegen misbruik werken, bijvoorbeeld toegangsbeperkingen, logging, monitoring en menselijke beoordeling.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.