Toen Robert Kamphuis vorig jaar begon bij Uniserver, stond het debat over digitale autonomie al voorzichtig op de politieke agenda. Inmiddels is het onderwerp uitgegroeid tot een bestuurlijk vraagstuk dat raakt aan geopolitiek, economie en de continuïteit van publieke dienstverlening.
Digitale autonomie moet chefsache worden
Volgens Robert Kamphuis, Director Public Affairs bij Uniserver, is digitale autonomie allang geen technisch vraagstuk meer. ‘Digitale infrastructuur is net zo essentieel geworden als water of elektriciteit.’
‘Vroeger werd digitalisering behandeld alsof het ging om kantoorartikelen inkopen’, zegt hij. ‘Maar zonder digitalisering functioneert een organisatie niet meer. Als digitale systemen uitvallen, ligt alles stil. ’ ‘Het moet chefsache worden. Bestuurders moeten zelf besluiten nemen over digitale afhankelijkheid en weerbaarheid. Het hoort niet meer alleen thuis bij ICT of inkoop.’
Van Bermudadriehoek naar politiek podium
Kamphuis kent de wereld van bestuur en politiek goed. Hij werkte eerder in Den Haag en Brussel en deed daarna public affairs voor telecombedrijven. Bij Uniserver onderhoudt hij de contacten met politiek en Rijksoverheid. Wat hem opvalt, is hoe snel het politieke klimaat rond digitalisering verandert. ‘De commissie Digitale Zaken werd lang gezien als een digitale Bermudadriehoek. Wie lid was, verdween politiek in een zwart gat. Dat beeld kantelt nu. Digitalisering wordt steeds politieker. Bij een rondetafelgesprek over digitale soevereiniteit eerder dit jaar waren uiteindelijk drie zalen nodig. Dat had ik in al die jaren nog niet meegemaakt.’
Toch vindt hij dat het nog hoger op de politieke agenda moet komen. ‘Er is een staatssecretaris Digitale Economie en Soevereiniteit, maar eigenlijk moet ook de premier zich hier actiever mee bemoeien. Dit gaat over de weerbaarheid van Nederland.’
Een uitgestoken hand aan de overheid
Die urgentie leidde ook tot de oprichting van de Open Cloud Alliantie, die Uniserver samen met Centric, Intermax, KPN, Info Support, Nebul en Previder oprichtte. ‘Nederlandse bedrijven staan sterker als ze samen optrekken richting overheid en politiek’, zegt Kamphuis. ‘Niet ieder afzonderlijk, maar als collectief.’
Het gaat hierbij niet om een anti-Amerikaans verhaal. ‘We hebben niet de illusie dat honderd procent van alle overheidssystemen straks alleen nog op Nederlandse technologie draait. Een hybride model met Europese én Amerikaanse partijen blijft realistisch.’
Maar juist voor kritieke processen en gevoelige informatie moeten overheden volgens hem bewuster nadenken over afhankelijkheden. ‘Je wilt voorkomen dat alle data, kennis en infrastructuur uiteindelijk bij een klein aantal partijen geconcentreerd raken.’
'Nederlandse bedrijven staan sterker als ze samen optrekken richting overheid en politiek.'
Niet één partij, maar een ecosysteem
‘Het gaat niet om een Nederlandse staatscloud’, benadrukt Kamphuis. Het gaat om samenwerking, interoperabiliteit en keuzevrijheid.’ De markt heeft volgens hem te lang geleund op een beperkt aantal dominante aanbieders. ‘De Solvinity-casus liet zien hoe kwetsbaar afhankelijkheid kan zijn. Daarom bouwen we aan een ecosysteem waarin partijen elkaar kunnen opvangen.’
Binnen de alliantie wordt bijvoorbeeld gekeken hoe continuïteit gewaarborgd kan blijven als een partij zou wegvallen of worden overgenomen door een buitenlandse speler. ‘Dan moeten andere partijen data van elkaar kunnen overnemen. Die samenwerking is essentieel.’
Dat het initiatief ook buiten Nederland aandacht trekt, verbaast hem niet. ‘De discussie speelt in heel Europa. Andere landen kijken inmiddels mee naar hoe wij dit organiseren.’
Van praten naar doen
Hoewel de urgentie groeit, ziet Kamphuis dat publieke organisaties nog voorzichtig bewegen. Dat vindt hij deels begrijpelijk. ‘Mensen zijn van nature gewoontedieren. Als je dertig jaar met een systeem werkt dat goed functioneert, voel je de noodzaak om te veranderen niet direct. Hij verwacht daarom ook geen abrupte omslag. ‘We nemen niet binnen een paar jaar afscheid van Amerikaanse hyperscalers. Dat gaat stap voor stap.’
Hij pleit voor een pragmatische aanpak. ‘Begin klein. Laat bijvoorbeeld een kleinere uitvoeringsorganisatie overstappen naar een Europees alternatief. Laat zien dat het werkt.’
Daar ligt ook een verantwoordelijkheid voor de overheid zelf, stelt Kamphuis. ‘Er is het afgelopen jaar veel gesproken over digitale autonomie. Met marktpartijen, toezichthouders en ministeries. Dat was nodig. Maar de volgende fase vraagt om keuzes maken.’ Die keuzes raken ook aanbestedingen. ‘Aanbestedingen draaiden jarenlang vooral om prijs. Maar digitale onafhankelijkheid heeft ook waarde.’
Hij vergelijkt het met defensie. ‘Digitale weerbaarheid kost geld. Net als veiligheid of defensie-investeringen. Als je zegt dat digitale autonomie belangrijk is, moet je dat ook laten meewegen in je inkoop.’
Bestuurlijk lef
Kamphuis is uiteindelijk optimistisch over de positie van Nederland en Europa. ‘We onderschatten onszelf soms. Kijk naar ASML. Zonder ASML draait de mondiale chipindustrie niet. We hebben de kennis en bedrijven om digitaal weerbaarder te worden. Maar dan moeten we wel durven handelen.’
Als hij morgen één beleidskeuze zou mogen maken, weet hij het antwoord direct: ‘Toon bestuurlijk lef. Kies eens bewust voor Nederlandse partijen bij een grote aanbesteding, mits ze aan de eisen voldoen. Laat zien dat het kan.’
Het gaat ook om vertrouwen. ‘Nederlandse bedrijven investeren fors. Dan moeten ze er ook op kunnen rekenen dat de overheid bereid is om die strategische keuzes daadwerkelijk te ondersteunen en zijn inkoopmacht te gebruiken’
De discussie zal volgens Kamphuis voorlopig niet verdwijnen. ‘Je moet je niet fixeren op één politieke situatie of één persoon in het Witte Huis. Ook als geopolitieke spanningen veranderen, blijft dit relevant. Het gaat uiteindelijk over de structurele weerbaarheid van Nederland.’
Zijn slotboodschap is helder: ‘De tijd dat we maanden konden praten, is voorbij. De concurrentie is stevig. We moeten nu acteren.’
Meer weten?
Neem gerust contact op met Robert Kamphuis.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.