Volgens de auteurs raakt een wettelijke leeftijdsgrens niet alleen de bescherming van kinderen, maar ook hun recht op privacy en hun vrijheid om informatie te ontvangen en te delen. Bovendien zouden leeftijdscontroles niet alleen voor minderjarigen gelden, maar gevolgen hebben voor alle gebruikers van sociale media. Daardoor ontstaat volgens het rapporteen spanningsveld tussen kinderbescherming enerzijds en grondrechten anderzijds.
‘Grondrechten bij minimumleeftijd sociale media in geding’
Een minimumleeftijd van 15 jaar voor sociale media is juridisch mogelijk, maar brengt aanzienlijke risico’s mee voor privacy en andere grondrechten. Dat concluderen onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam in een juridische verkenning die in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken is uitgevoerd.
Proportionele maatregelen
Het kabinet-Jetten I wil een handhaafbare Europese minimumleeftijd van 15 jaar voor sociale media’ invoeren zolang platforms onvoldoende veilig zijn voor jongeren. De onderzoekers concluderen dat zo'n leeftijdsgrens verenigbaar kan zijn met grondrechten, maar alleen wanneer de maatregel proportioneel wordt uitgevoerd en leeftijdsverificatie zo privacyvriendelijk mogelijk wordt ingericht.
De studie wijst erop dat sociale mediaplatforms onder de Europese Digital Services Act (DSA) nu al verplicht zijn om minderjarigen beter te beschermen. Volgens de onderzoekers bestaat er daarom geen gebrek aan wetgeving. Het grootste probleem is volgens hen de handhaving van bestaande regels.
Privacyrisico’s en kosten
Tegelijkertijd waarschuwen de auteurs voor een algemene verificatieplicht voor alle gebruikers. Zo'n systeem zou aanzienlijke privacyrisico’s met zich meebrengen, extra kosten veroorzaken en kwetsbare groepen kunnen uitsluiten van deelname aan online diensten. Daarnaast blijft omzeiling mogelijk, bijvoorbeeld via VPN-diensten of door gebruik te maken van accounts van volwassenen.
Ook ervaringen in Australië laten volgens het rapport zien dat handhaving lastig is. Ondanks een wettelijke minimumleeftijd gebruikt een meerderheid van de 14- en 15-jarigen daar nog altijd sociale media. De onderzoekers benadrukken daarom dat een minimumleeftijd niet als enige oplossing kan worden gezien. Veiligere platformontwerpen, betere moderatie, ouderlijk toezicht en andere beschermingsmaatregelen blijven volgens hen noodzakelijk.
Mogelijke rol voor gemeenten
De auteurs zien ruimte voor ondersteuning via bewustwording en digitale geletterdheid. Zij noemen expliciet scholen, bibliotheken en andere overheidsinstellingen als partijen die ouders kunnen helpen bij het gebruik van bestaande ouderlijke controlemiddelen. Ook wijzen zij op het beperkte bewustzijn over de leeftijdsgrenzen die op basis van bestaande wetgeving en platformvoorwaarden nu al gelden.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.