Discussies over digitale autonomie zijn vaak abstract, maar tijdens de sessie over de digitale werkomgeving van de overheid werd er aan een goed gevulde zaal concreet zichtbaar gemaakt wat er nu al mogelijk is. In de getoonde omgeving Mijn Bureau, een initiatief van het Rijk, Digilab, VNG Realisatie en gemeente Amsterdam, komen een aantal essentiële functionaliteiten samen als samenhangende werkplek: documenten delen, documenten bewerken en videobellen. Een digitaal soevereine werkplek is dus niet alleen een beleidsdoel of toekomstbeeld, maar krijgt in de praktijk al vorm.
De autonome digitale werkomgeving van de overheid
Geen beleidsnota of toekomstvisie, maar een echt werkende digitale autonome werkplek. Jacco Brouwer (VNG Realisatie ) en Boris van Hoytema (BZK) toonden op het congres Soevereiniteit & Overheid met Mijn Bureau aan hoe de overheid zélf haar digitale werkomgeving kan organiseren.
Brouwer en Van Hoytema lieten zien hoe Mijn Bureau is opgebouwd uit verschillende componenten. Het gaat om bestaande oplossingen, waaronder open source-technologie en Europese initiatieven. Het uitgangspunt is om die bouwstenen zo te combineren dat een functionele en bruikbare werkomgeving ontstaat waarmee ambtenaren hun dagelijkse taken kunnen uitvoeren zonder afhankelijk te zijn van enkele dominante leveranciers.
Strategisch vraagstuk
Na de demonstratie volgde een panelgesprek waarin de bredere betekenis van dit soort initiatieven werd besproken. Digitale autonomie werd daarbij neergezet als een strategisch vraagstuk. Aan tafel zaten Ids Dijkstra (SSC-ICT), Jacqueline Rutjes (Open Overheid), Tanja van Burgel (ministerie van Financiën) en Peter Giskens (BZK en VRO). Hun bijdragen maakten duidelijk dat digitalisering inmiddels zo fundamenteel is geworden dat vrijwel geen enkel overheidsproces er nog zonder kan. Daarmee wordt ook de vraag naar controle over die digitale omgeving onvermijdelijk.
De urgentie daarvan wordt versterkt door zowel geopolitieke ontwikkelingen als eerdere ervaringen met informatiehuishouding. Tegelijkertijd spelen financiële overwegingen een grote rol. Bij de overheid gaat het om zo’n 400.000 werkplekken. Met licentiekosten van rond de 500 euro per gebruiker per jaar lopen de totale kosten op tot honderden miljoenen euro’s.
Nederland mist de Europese boot
Volgens het panel maakt juist die schaal duidelijk dat niets doen voor meer digitale autonomie geen optie is. Het ontbreken van een strategische balans en het uitblijven van investeringen in alternatieven brengt namelijk risico’s met zich mee. De panelleden maakten ook duidelijk dat de uitdaging complex is: technisch is er veel mogelijk, maar de grootste uitdaging ligt in samenwerking. Overheden werken nu vaak langs elkaar heen, voeren dezelfde analyses afzonderlijk uit en ontwikkelen parallel vergelijkbare oplossingen. Dat leidt tot inefficiëntie en vertraagt de voortgang. Ook werd verwezen naar samenwerking met andere landen, zoals Frankrijk en Duitsland, waar vergelijkbare bouwstenen worden ontwikkeld, maar waar Nederland om onduidelijke reden weinig bij aanhaakt.
Medewerkers zijn nu vaak vertrouwd met specifieke software; een overstap betekent investeren in kennis en verandering.
Hoewel de getoonde digitale werkplek Mijn Bureau veelbelovend lijkt, brengt de stap van demonstratie naar brede toepassing nieuwe vraagstukken met zich mee. Systemen moeten voldoen aan strikte eisen op het gebied van privacy, security en compliance. Daarnaast moeten ze passen binnen bestaande IT-landschappen en integreren met andere systemen. Ook organisatorisch is de impact groot. Een andere digitale werkomgeving vraagt om andere vaardigheden en werkwijzen. Medewerkers zijn nu vaak vertrouwd met specifieke software; een overstap betekent investeren in kennis en verandering. Open source werd genoemd als kansrijke richting, maar ook als een traject dat alleen werkt als organisaties daar actief in investeren.
Nieuwe afhankelijkheden
Het panel waarschuwde bovendien voor het risico van nieuwe afhankelijkheden. Autonomie vraagt om bewuste keuzes en voortdurende aandacht, niet om het simpelweg vervangen van de ene leverancier door de andere. Volgens Rutjes blijft een belangrijk knelpunt financiering. Hoewel het besef van urgentie breed aanwezig is, is het lastig om structurele middelen vrij te maken. Onzekerheid over opbrengsten en eerdere ervaringen zorgen voor terughoudendheid. Tegelijkertijd werd gewezen op mogelijkheden voor gezamenlijke investeringen en cofinanciering.
Rol voor Defensie
Tot slot kwam op initiatief van de zaal ook de rol van Defensie bij de uitdaging rondom digitale onafhankelijkheid aan bod. Is grote digitale afhankelijkheid geen kwestie van staatsveiligheid? En zou Defensie, waarin momenteel enorm geïnvesteerd wordt, geen rol kunnen spelen bij het verminderen van digitale afhankelijkheid van de overheid? Een interessant gedachtenexperiment dat mogelijk snel vervolg krijgt. De sessie maakte al met al duidelijk dat snelle verandering hard nodig is om digitale autonomie te bereiken, maar ook dat die verandering al verder in gang is gezet dan menigeen denkt. De uitdaging ligt nu voornamelijk in het opschalen en verbinden.

Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.