De digitale nalatenschap is nauwelijks nog een nieuw fenomeen te noemen. We hebben al jaren te maken met wachtwoorden, tweestapsverificatie en socialemedia-acounts. Toch dringt voor veel mensen pas na de dood door dat er naast een testament ook zoiets als een digitaal stappenplan voor nabestaanden nodig is. Al is het maar om te voorkomen dat ze de vingerafdruk van de overledene denken nodig te hebben om een smartphone te ontgrendelen.
Aandacht voor digitale nalatenschap laat op zich wachten
Na de zomer dient Progressief Nederland (PRO) een plan in om digitale nalatenschap op te nemen in landelijk beleid. Tweede Kamerlid Barbara Kathmann roept op tot een grote bewustwordingscampagne, om schrijnende taferelen in de toekomst te voorkomen.
‘Digitale nalatenschap, Laat het niet na’
Bij het commissiedebat over digitale inclusie van woensdag 24 juni stond het onderwerp op de agenda. Tweede Kamerlid Barbara Kathmann (PRO) kondigde bij die gelegenheid aan dat haar partij na de zomer een plan indient om digitale nalatenschap ‘een vast onderdeel van landelijk beleid te maken’. Ze is geïnspireerd door de oproep van de Alliantie Digitaal Samenleven aan de politiek, onder de titel ‘Digitale nalatenschap, Laat het niet na’.
Ga maar na: na de dood laten we ontzettend veel data na, van foto’s tot documenten en online berichten tot digitale bezittingen, zoals crypto en digitale tegoeden. Mensen moeten zelf kunnen bepalen wat daarmee gebeurt, betoogt de Alliantie. Onbeheerde accounts leveren bovendien een veiligheidsrisico op: ze kunnen bijvoorbeeld worden misbruikt voor identiteitsfraude. Veel mensen vinden het echter ingewikkeld om hun digitale nalatenschap goed te regelen. De Alliantie wijst ook op de politieke relevantie van het onderwerp in verband met digitale autonomie: veel data zwerven rond op platforms van grote, niet-Europese techbedrijven. Is dat wel wenselijk?
Landelijke campagne nodig
Volgens de Alliantie heeft 85 procent van de Nederlanders de digitale nalatenschap niet op orde en heeft 70 procent er nog nooit van gehoord. Uit onderzoek van SeniorWeb blijkt dat slechts 23 procent van de ondervraagde senioren hun digitale nalatenschap heeft geregeld. Staatssecretaris Willemijn Aerdts behoort tot de 15 procent die haar zaakjes wel op orde heeft, zo verklapt Kathmann tijdens het debat. Ze heeft het haar voorafgaand aan het debat gevraagd.
Kathmann wil dat er op korte termijn een grootschalige campagne komt om meer bewustzijn over dit onderwerp te creëren. Aerdts onderschrijft de noodzaak van beleid voor digitale nalatenschap, maar wacht een beleidskompastraject af dat onlangs is gestart bij het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV). Ze belooft de oproep van de Alliantie onder de aandacht te brengen bij haar collega-staatssecretaris.
Daar neemt Kathmann geen genoegen mee, want volgens haar is slechts een deel van het probleem juridisch van aard. Denk aan vragen als: wie mag in welke sociale media-accounts? Wat gebeurt er met de crypto’s van de overledene? In 2021 is in een Kamerbrief aangekondigd dat een regeling op Europees niveau de voorkeur heeft, vult haar collega Ruud Verkuijlen (VVD) aan. Voor zover bekend wordt daar nog steeds op gewacht.
Wie mag in welke sociale media-accounts? Wat gebeurt er met de crypto’s van de overledene?
Checklists en stappenplannen
Maar digitale nalatenschap is niet alléén een juridisch onderwerp. Het gaat ook en misschien wel vooral om het vergroten van bewustzijn dat mensen op tijd dingen moeten regelen. Op de website Datanadedood.nu heeft de Alliantie in 2024 informatie over het onderwerp verzameld. Je vindt er onder meer een stappenplan en een checklist om de digitale nalatenschap goed te regelen. Ook Veiliginternetten.nl biedt een stappenplan. Nu is het nog zaak om te zorgen dat iedereen de weg naar de beschikbare informatie kan vinden.
Er is geen reden om te wachten op de conclusies van JenV voordat digitale nalatenschap kan worden opgenomen in cursussen digitale vaardigheden, betoogt Kathmann. Aerdts zegt toe dat het kabinet het onderwerp oppakt. In eerste instantie belooft ze het in de strategiebrief van na het zomerreces op te nemen, maar daar moet ze bij nader inzien op terugkomen, aangezien het traject bij J&V pas net is begonnen.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.
Dit is geen vraagstuk dat je als op zichzelf staand project op zou moeten pakken. Het is veel eerder een voorbeeld van een casus die zich uitstekend op laat lossen binnen een Data Space architectuur. Niemand zit te wachten op nog meer puntoplossingen, want als iemand sterft is er veel meer te regelen dat de digitale nalatenschap. Er is iemand dood! Er moet van alles geregeld worden door de nabestaanden, dus ontzorg ze. Om te beginnen is de dierbare overledene van alle zorgen af, die liggen bij de nabestaanden en die hebben dan wel wat anders aan hun hoofd. Er moeten misschien nog studiekosten afgelost worden, parkeerboetes en belastingen afgehandeld, hypotheken en abonnementen afgerond (handig in de huidige huizenmarkt, want als dat is afgehandeld kan die hut misschien verkocht worden -het leven gaat door). Die data WIL je niet centraal hebben, want hij ligt nu ook overal en in allerlei vormen en maten ... en daar ligt ook de oplossing. De arts kan de sterftecasus verifiëren (AVG2). De Notaris kan verifiëren welke afspraken gemaakt zijn. De bank kan dan in beweging komen etc.
Dat moet je niet centraliseren, standaardiseren en harmoniseren, maar je moet dit afhandelen met DLT ledgers, Verifiable Claims, Smart Contracts en vooral met Electronic Attestations of Attributes (EAAs) wat niet voor niets cruciaal onderdeel uitmaakt van het European Digital Identity (EUDI) ecosysteem. Het gebruik van Verifiable Claimsbiedt tal van voordelen. Ze zorgen voor een veilige en verifieerbare manier om persoonlijke gegevens op te slaan en te delen. Dit betekent dus dat burgers hun identiteit en rechten prima kunnen aantonen zonder hun privacy in gevaar te brengen met een simpele digitale verificatie en zonder dat gevoelige gegevens telkens opnieuw moeten worden vrijgegeven. Dat werkt niet alleen om zaken 'aan' te zetten, maar ook 'uit'.
Gevalletje 'if this-than that'. Verifiable Claims kunnen naadloos worden geïntegreerd met Electronic Attestations (EAA) en Distributed Ledger Technology (DLT) en we moeten er dan ook sterk op letten dat omdat het hier om abstracte begrippen gaat de businesscase niet gekaapt worden door oude centrale modellen, zoals platforms en eenduidige Identity Access Management (IAM) platforms. Het voordeel is dat deze trieste levensgebeurtenis vanuit data perspectief niets meer is dan een trigger op een actie binnen een proces, waarvoor specifieke data op een specifieke wijze moet worden afgehandeld. Dat kan ZONDER lock-in en in alle transparantie en betrouwbaarheid en het biedt ook meteen de toegang aan externe partijen, zoals banken, verzekeraars, notariaat en zorgverleners. Hierdoor kunnen deze partijen snel en betrouwbaar toegang krijgen tot de benodigde gegevens, met expliciete toestemming van de burger (liefst toen er nog wat leven in zat). Het gebruik van DLT en Smart Contracts zorgt ervoor dat deze processen ook spotgoedkoop geautomatiseerd en veilig kunnen verlopen. Zodra een bepaalde voorwaarde is vervuld, zoals een goedkeuring van de gebruiker, kunnen gegevens automatisch worden gedeeld met vooraf aangewezen derden.
Door Verifiable Claims en bovenal EAA's VANAF HET BEGIN te koppelen aan de EU ID Wallet en EU Business Wallet, wordt het voor burgers nog eenvoudiger om hun identiteit en zakelijke gegevens te beheren en delen. Dit alles draagt bij aan een verhoogde efficiëntie, een betere businesscase en veel minder bureaucratie binnen overheidsdiensten, (die toch al sterk kampen met vergrijzing), terwijl de veiligheid en betrouwbaarheid van gegevens gewaarborgd blijven. Bovendien versterkt het de digitale autonomie van burgers, want zij krijgen zo meer controle over hun eigen gegevens. Alle juridische en ethische aspecten, zoals privacy en gegevensbescherming zijn nog nooit zo goed geregeld, want het probleem is NIET de techniek, maar het inzicht in de mogelijkheden.