De Maatschappelijke Coalitie Over Informatie Gesproken (MCOIG) is opgericht vanuit de breed gevoelde behoefte om de informatierelatie tussen burger en overheid te verbeteren. Het toeslagenschandaal vormde de directe aanleiding om deze coalitie bijeen te brengen. Burgers bleken weinig grip te hebben op voor hen relevante informatie en de overheid kon opereren in betrekkelijke duisternis. Biedt het coalitieakkoord openingen voor verbetering?
Over het coalitieakkoord gesproken
Coalitiepartijen D66, VVD en CDA publiceerden vorige week hun coalitieakkoord. Dit stuk bestaat uit een verzameling intenties en maatregelen en vormt daarmee het fundament voor de regering die voor het invoeren van beleid meerderheden moet zoeken in de Tweede en Eerste Kamer. Bij intenties ontbreekt vaak het ‘hoe’ en bij voorgenomen maatregelen ontbreekt altijd de uitwerking maar toch is het nuttig om zowel de toon als de inhoud te analyseren alsook de vraag wat dit akkoord niet behandelt.
Vertrouwen
Een van de zeven zorgen die de MCOIG in haar manifest heeft opgenomen is het onderlinge wantrouwen tussen overheid, burgers en bedrijven voortkomend uit digitalisering.
De regeringspartijen zijn zich hiervan bewust: “Vertrouwen in burgers wordt weer het vertrekpunt: minder wantrouwen, eenvoudiger regels, maar als het vertrouwen wordt beschaamd, handhaven we streng.” En ook: “De overheid en de politiek kunnen meer doen om vertrouwen te vergroten, door een menselijk gezicht en een overheid die zich transparant opstelt.”
Het vertrouwen moet worden hersteld door het recht op vergissen te verankeren en het recht op begrijpelijke taal te garanderen. Ook moeten uitvoerders meer maatwerk kunnen bieden door eenvoudiger regelgeving waarin niet in elke uitzondering wordt voorzien en er dus geleund moet worden op professionele afwegingen van uitvoerders. Over het recht van burgers om te weten welke informatie de overheid over hen heeft, rept het stuk niet.
Wet open overheid (Woo)
De MCOIG pleit voor het verbeteren van actieve en passieve openbaarheid zoals vastgelegd in de Woo, overigens een speerpunt van D66. Het regeerakkoord houdt alle opties open: “De Wet Open Overheid gaan we beter toepasbaar maken. Op basis van de evaluatie (verwacht in 2026) bezien we of aanpassing wenselijk is. In de tussentijd werken we aan de uitvoerbaarheid, onder andere door de informatiehuishouding beter op orde te krijgen en beter gebruik te maken van kunstmatige intelligentie.”
Deze alinea laat zien dat de regeringspartijen vertrouwen op AI en het verbeteren van informatiesystemen om de efficiëntie te verbeteren. De inzet van CDA-leider Bontenbal om de Woo te beperken, is daarmee voorlopig afgeslagen. Hij noemde het beeld van honderden ambtenaren die zich bezighouden met Woo-verzoeken ‘een doorn in het oog’. Hopelijk zal het onderzoek dat de baten van transparantie inventariseerde – die vele malen groter zijn dan de kosten – nadrukkelijk worden meegewogen in de evaluatie.
Het regeerakkoord beschrijft wel een voornemen dat een lang gekoesterde wens van onder andere de Open State Foundation: “We voeren een lobbyregister in. Daarbij zorgen we er voor dat dit praktisch en werkbaar is voor zowel overheid als belangenbehartigers.” Een lobbyregister is een specifieke vorm van overheidstransparantie: het maakt duidelijk welke gesprekspartners politici en ambtenaren hebben gehad met het doel om beleid te beïnvloeden. Open State Foundation voerde een jarenlange lobby voor dit lobbyregister – en is daar buitengewoon transparant over geweest.
Digitalisering
De MCOIG ziet digitalisering en de informatiehuishouding van de overheid zowel als probleem en als oplossingsrichting in het verbeteren van de informatierelatie tussen overheid en samenleving. Digitalisering betekent het gebruik van data en van algoritmes en stelt dus hoge eisen aan zorgvuldigheid. Goed gebruik van digitalisering kan leiden tot betere dienstverlening en hogere toegankelijkheid. Onzorgvuldig gebruik schaadt het vertrouwen en leidt tot ongelukken. In oktober 2024 constateert de Autoriteit Persoonsgegvens bijvoorbeeld dat de Belastingdienst gebruikmaakt van een groot aantal ondeugdelijke algoritmes. Het woord ‘algoritme’ komt in het regeerakkoord alleen voor in de context van sociale media, niet het gebruik hiervan door de overheid zelf.
De regeringspartijen zien kansen in een centrale organisatie die digitalisering in goede banen moet leiden, overigens zonder verwijzing naar de Nederlandse Digitaliseringstrategie (NDS) waarin een integrale visie staat voor de informatiehuishouding van de overheid. “We richten een Nederlandse Digitale Dienst op: compact, deskundig en met doorzettingsmacht. Deze dienst ondersteunt de digitalisering Rijksbreed, stelt kwaliteitsstandaarden op en borgt goede ontwerpkeuzes. We verminderen afhankelijkheid van externe IT-leveranciers door meer IT-talent in dienst van het Rijk te nemen. We maken verantwoorde inzet van data en AI binnen de overheid mogelijk.” Niet duidelijk is of er een minister van (of voor) Digitale Zaken wordt aangesteld. Wel wil de nieuwe coaltie “...een flinke inhaalslag (maken) op digitale dienstverlening voor burgers en bedrijven. De dienstverlening van Estland is het voorbeeld. Alle overheidsdiensten moeten online toegankelijk zijn.” Ook vermeldt het stuk dat er ‘voldoende telefonische en fysieke loketten’ zullen zijn om overheidsdiensten toegankelijk te houden voor iedereen.
De regeringspartijen besteden veel aandacht aan de geopolitieke onzekerheden. Waar diverse overheidsinstanties recent nog kozen voor Amerikaanse leveranciers geeft de nieuwe coalitie zichzelf een enorme ambitieuze opdracht: “De grote afhankelijkheid van Amerikaanse techplatforms wordt gezien als een onaanvaardbaar risico. Digitale autonomie moet het uitgangspunt zijn voor de overheid. We kiezen voor een Europese digitale infrastructuur, bouwen strategische afhankelijkheden in cloud, data en cruciale systemen doelgericht af.”
Samenwerking
Het coalitieakkoord zet op verschillende plaatsen nadrukkelijk in op samenwerking met maatschappelijke organisaties. “Er komen uitwisselingsprogramma’s tussen departementen, uitvoeringsorganisaties en maatschappelijke organisaties.” Ook zijn de coalitiepartijen van plan om in debat te gaan met de samenleving hoe het onderlinge vertrouwen kan worden bevorderd: “We organiseren vaste trilogen tussen politiek, beleid en uitvoering voor snelle feedback en bijsturing”. De coalitiepartijen realiseren zich dat ze met een minderheidskabinet alleen door samenwerking met andere partijen en organisaties hun doelen kunnen bereiken. De maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken pakt deze handschoen graag op. Alleen samen kunnen we de informatierelatie tussen burger en overheid verbeteren.

Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.