Overslaan en naar de inhoud gaan
(advertentie)

Nieuwe energie op Open Data Conferentie 2026

Paul Suijkerbuijk en Mark de Boer tijdens de Open Data Conferentie
Paul Suijkerbuijk en Mark de Boer tijdens de Open Data Conferentie | Beeld: Nina Schollaardt

De Open Data Conferentie 2026 markeert een belangrijk moment: vernieuwde aandacht voor open data binnen de overheid. Wat jarenlang vooral een technisch en bedrijfsvoeringsvraagstuk leek, werd in Den Haag neergezet als een beleidsvraagstuk en maatschappelijke opgave. Onder beleidsmakers, data-experts, wetenschappers en hergebruikers van data stond één vraag centraal: hoe brengen we vraag en aanbod van open data dichter bij elkaar, en hoe vergroten we de publieke waarde ervan?

Dagvoorzitter Paul Suijkerbuijk opende de middag in het auditorium van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) met een knipoog naar zijn eigen voorspelling uit 2011: ‘Toen zei ik dat in 2016 alle open data “gefikst” zou zijn. Dat bleek toch iets optimistischer dan de werkelijkheid.’ Tegelijkertijd, benadrukt hij, is de maatschappelijke betekenis van open data groter dan ooit. Toonzettend voor de conferentie was het rapport van Open State Foundation en het Instituut Maatschappelijke Innovatie (IMI), dat de economische waarde van open data op 3,5 miljard euro per jaar schat.

Mark de Boer, plaatsvervangend secretaris-generaal BZK, noemde de conferentie - een initiatief van het programma Open Overheid (BZK) – zelfs een scharnierpunt. Open data valt onder zijn verantwoordelijkheid: ‘De afgelopen jaren lag de nadruk sterk op aanbod: meer datasets, meer portals, meer standaarden. Dat was noodzakelijk. Maar het is niet voldoende gebleken. Wat nu centraal moet staan, is betekenisvol gebruik. De wereld is veranderd. AI, dataspaces, desinformatie, geopolitieke spanningen en Europese regelgeving stellen nieuwe eisen aan hoe wij omgaan met publieke data. Openheid is uiteindelijk een bestuurlijk gesprek. Publieke waarde door open data gaat over de vraag: voor wie stel je de data beschikbaar, onder welke voorwaarden en met welke publieke waarborgen?’

Zeven position papers

Uit handen van de dagvoorzitter ontving Mark de Boer een set position papers. Deze papers zijn - op uitnodiging van BZK - geschreven door zeven relevante organisaties: ODECO-TU Delft, Geonovum, Waag Futurelab, Open State Foundation, Vereniging Open NL, maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken, SURF-ODISSEI-Open Data.

Gezamenlijk schetsen de stukken dat open data alleen maatschappelijke waarde oplevert wanneer het wordt ingezet als democratisch en bestuurlijk instrument én als onderdeel van een publiek ontworpen en gefinancierde data-infrastructuur die dienstbaar is aan maatschappelijke opgaven. Daarvoor is governance nodig die inclusiviteit, rechtvaardige verdeling van baten, cocreatie en interbestuurlijke samenwerking centraal stelt in plaats van louter wettelijke verplichting of economische exploitatie. Deze publieke waarde komt pas vrij wanneer overheid, samenleving en kennisgemeenschappen samenwerken vanuit gebruiksvragen, ondersteund door consistent beleid, vakmanschap en heldere structuren voor houderschap en financiering. Zo niet, dan stagneert open data in beschikbaarheid, vindbaarheid en hergebruik.

Van open data naar publieke waarde

De eerste keynote kwam van David Graus (ICAI OpenGov Lab). Hij liet zien dat open data pas echt impact heeft als het aansluit op wat burgers nodig hebben. Niet alleen het publiceren van open data telt, maar vooral dat informatie op een laagdrempelige manier beschikbaar is voor hergebruik.

Graus schetste het contrast tussen publieke data-infrastructuren en commerciële platforms zoals TikTok of Spotify, die hun gebruikers door en door kennen en actief content aanbevelen. ‘De vraag is niet: hoe maken we meer data openbaar? Maar: hoe zorgen we dat mensen de informatie vinden die voor hen betekenisvol is, zónder dat ze er expliciet om vragen?’

‘Hoe zorgen we dat mensen de informatie vinden die voor hen betekenisvol is?’

David Graus

De uitdaging zit volgens Graus in de datakwaliteit (dus niet: gescande documenten, zwartgelakte pdf’s, ontbrekende metadata, et cetera), toegankelijkheid (denk aan: type documenten, gecombineerde pdf’s of decentrale bronnen) en de vraag: wie wordt er eigenlijk bereikt?

Die laatste is de grootste uitdaging, volgens Graus. ‘De wetenschappelijke literatuur laat zien: open data empowers the empowered,’ waarschuwt hij. ‘Als we willen dat open data recht doet aan publieke waarden, moeten we meer doen dan alleen publiceren.’

Hoe delven we het nieuwe datagoud?

Daarna nam Stephan Okhuijsen (ook wel bekend als Datagraver) de zaal mee in een tijdreis langs vijftien jaar open data. Van het optimisme rond 2010, toen open data de nieuwe goudmijn leek, tot de realiteit van nu: open data als fundament van economie en democratie. Open overheidsinformatie is doorgesijpeld in apps die we dagelijks gebruiken.

‘Zonder intermediairs blijft veel data ongebruikt’

Stephan Okhuijsen

Hij liet inspirerende voorbeelden zien waarin hij en anderen met open data maatschappelijke problemen blootlegden of oplosten. Of denk aan een ludieke toepassing waarin je kunt zien of er nog zon is op je favoriete terras, of van hoe ver je de Domtoren in Utrecht nog kan zien. Die voorbeelden illustreerden de kern van de middag: open data werkt, maar alleen als data bruikbaar, vindbaar en toegankelijk is.

Break-outsessie: AI en open data

In zeven break-outsessies (zie kader) onderzochten deelnemers concrete dilemma’s en kansen. Vooral de sessie van Open State Foundation over open overheidsdata in het AI-tijdperk trok veel aandacht. Tim Vos-Goedhart maakte duidelijk dat open data ook input vormt voor taalmodellen, zoals het Nederlandse taalmodel in ontwikkeling: GPT-NL.

Volgens Vos-Goedhart maken we open data AI‑ready door voldoende kwantiteit én diversiteit aan data. betrouwbare bronnen, rijke metadata, waaronder ook het menselijke aspect (wie verzamelt de data?) en organisatorische randvoorwaarden, zoals duidelijke juridische kaders.

Ook de vraag wat open data betekent voor transparantie van AI-systemen kwam aan bod. Wanneer AI wordt getraind op publieke data, moet helder zijn wélke data is gebruikt, hóé modellen werken en wélk proces leidt tot een gegenereerd antwoord. Hiermee zorg je dat je foutieve informatie door hallucinaties of misleiding van het taalmodel sneller herkent.

Naast de nadruk op AI, was ook de spanning tussen openbaarheid en de risico’s voor de nationale veiligheid een duidelijk aanwezig thema op de conferentie. Defensie hostte er een sessie over. Kun je geodata zomaar delen? En wat betekent dat voor onze veiligheid? Hoewel deze spanning snel kan uitlopen op een zwart-witdiscussie tussen open en gesloten data, was het antwoord vaak genuanceerder: het vraagt steeds opnieuw om een zorgvuldige afweging.

De fifty shades of no

Tijdens de plenaire paneldiscussie kwam het vaak voorbij: de fifty shades of no. Er zijn genoeg redenen voor overheden om data niet beschikbaar te maken voor hergebruik. Techdenker Bert Hubert werkte vroeger als ambtenaar: ‘Veel ambtenaren willen niet met de billen bloot. Het is altijd ongemakkelijk als data beschikbaar wordt gemaakt voor hergebruik. Dan wordt bijvoorbeeld duidelijk dat je al een jaar de politiecijfers van een bepaalde regio niet hebt bijgehouden.’

‘Door data beschikbaar te maken voor hergebruik gaat de kwaliteit van data omhoog’

Bert Hubert

Maar data beschikbaar maken voor hergebruik heeft een positief bijeffect: betere datakwaliteit. Hubert: ‘De standaard voor open data is vele malen hoger dan voor gesloten data. Wanneer de overheid data beschikbaar maakt voor hergebruik, verzetten we meer werk om het allemaal kloppend en overzichtelijk te krijgen. De kwaliteit van die data gaat er dus mee omhoog.’

Intermediairs: smeerolie van het open data‑ecosysteem

Bastiaan van Loenen (TU Delft) legde uit hoe belangrijk intermediairs zijn. Organisaties zoals Buienradar, 9292.nl of bedrijven die kadasterdata toegankelijker maken, vervullen een sleutelrol tussen overheid en burger. Ze begrijpen gebruikers vaak beter dan de overheid en kunnen ruwe data omzetten in bruikbare toepassingen. Van Loenen: ‘Zonder intermediairs blijf veel data ongebruikt. Ze verbinden aanbod en vraag.’

Daar komen wel ethische vragen bij kijken, vulde politicoloog en filosoof Gijs van Maanen (Tilburg University) aan. Wie mag wat doen met welke data? En hoe voorkom je dat die data, die bedoeld zijn voor publieke waarde, worden ingezet voor doelen die niet bijdragen aan het algemeen belang?

De menselijke maat

Duidelijk thema in het panel was de rol van burgers en lokale gemeenschappen. Sofie Berns (ministerie van Defensie) vertelde hoe ze actief zoekt naar manieren om kennis en data uit de samenleving te benutten. En dit ondanks het vaak gesloten karakter van Defensie.

Ze gaf voorbeelden van projecten waarbij Defensie samenwerkt met burgers, bedrijven en kennisinstituten, en zelfs manieren zoekt om de strikte regels rond veiligheid en screenings niet in de weg te laten staan van innovatie. Daarnaast is het belangrijk om te blijven reflecteren: ‘Je moet soms afstappen van het idee dat alles vooraf dichtgetimmerd moet zijn. We vragen onszelf vaak af: kan het wat we doen? Doen we het nog goed met de data die we hebben verzameld? Zo blijven we dynamisch.’

Een zorgelijke trend: meer geslotenheid, minder technische kennis

Tegelijkertijd geven de panelleden een waarschuwing. Volgens Bert Hubert neemt de technische expertise binnen de overheid in sneltreinvaart af. Slechts een klein deel van de vacatures vraagt nog om extra digitale vaardigheden. Dat maakt de implementatie van ambitieuze plannen met open data lastiger.

'Openheid is uiteindelijk een bestuurlijk gesprek’

Ook zien de panelleden een trend richting meer gesloten data, onder andere door angst voor misbruik, bijvoorbeeld door AI‑systemen die massaal data scrapen. Hergebruikers en ICT’ers als panellid Bob Coret herkennen dat: ‘Die angst is begrijpelijk, maar mag nooit een reden zijn om de deur dicht te gooien. De maatschappelijke en economische waarde van open data blijft enorm. Om maar een voorbeeld te noemen: ik verdien er mijn brood mee.’

BZK aan zet

Aan het einde van de paneldiscussie kreeg Jesse Renema, open‑data‑coördinator bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), enkele heldere boodschappen mee voor een herijkte open datastrategie die hij wil opstellen.

Voor BZK is het belangrijk om specifiek te zijn: beschrijf welke publieke waarden open data moet versterken en voor wie, raadde Gijs van Maanen aan. Bastiaan van Loenen en Bob Coret waren eensgezind: begrijp de hergebruiker beter en betrek hen structureel. Sofie Berns benadrukte vooral het eerlijke gesprek: ‘Niet alles hoeft gelijk perfect, begin met data die misschien iets minder belangrijk is.’ Bert Hubert sloot af: ‘Succes en hou vol, ondanks de vele redenen om juist niet open te zijn.’

Renema noemde het ‘fijn om te merken dat we niet de enigen zijn die zich zorgen maken over hoe open data wordt geagendeerd’. Maar hij ziet vooral nieuw momentum: ‘Het helpt enorm dat dit onderwerp opnieuw breed aandacht krijgt. De waarde van open data mogen we niet onderschatten.’

Een symbolische wisseltrui

Het programma werd afgesloten met de overhandiging van een symbolische ‘open-data-wisseltrui’ aan Paul Suijkerbuijk. Met de input uit de sessies, het panel en de position papers werkt BZK nu aan de herijking van het open‑databeleid. 

Eén ding klonk overal in het auditorium door: open data is geen doel op zich. Het is een middel om maatschappelijke vooruitgang mogelijk te maken. En daarvoor is moed nodig en bovenal samenwerking. Zoals Stephan Okhuijsen zei: ‘Open data is het goud dat we al in handen hebben. De vraag is alleen: wat gaan we ermee doen?’

Tijdens de conferentie waren er zeven break-outsessies verdeeld over drie thema’s:

Aanbod & kwaliteit

  • Open overheidsdata & AI
    Tim Vos‑Goedhart (Open State Foundation) over de kansen en risico’s van open data in AI‑toepassingen.
  • Nationale veiligheid & data
    Rogier Broekman en Erik van der Zee (Defensie) over de spanning tussen open geodata en veiligheid.

Platform & federatief data delen

  • Veilig delen van beschermde data
    Lucas van der Meer (ODISSEI) en Maarten Bloem (CBS) over het veilige hergebruik van gevoelige data.
  • Publieke datainfrastructuur bouwen
    Imme Ruarus en Danny Lämmerhirt (Waag Futurelab) met lessen uit Hollandse Luchten voor het bouwen van een publieke datainfrastructuur.
  • Gezamenlijke gebruikersvisie
    Johan Groenen en Maarten Geraets (Tiltshift) presenteerden eerste concepten voor de toekomst van Data Overheid en de Stelselcatalogus.

Vraag, hergebruik & innovatie

  • Waarde, risico’s en grijstinten
    Britt de Vries en Daan Smolders (Tweede Kamer) over wie overheidsdata hergebruikt en welke barrières zij ervaren.
  • Lessen uit open science & erfgoed
    Maarten Zeinstra (Vereniging Open Nederland) en Arjan Schalken (SURF) over wat overheden kunnen leren van sectoren die al langer met open data werken.

Plaats een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

(advertentie)

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heb je al een account? Log in

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heb je al een account? Log in