Aanleiding is de groeiende afhankelijkheid van een klein aantal dominante marktpartijen. Volgens Universiteiten van Nederland (UNL) brengt die afhankelijkheid serieuze risico’s met zich mee. ‘Zo ontstaat een vendor lock-in met onberekenbare prijsverhogingen (via o.a. monopoliemisbruik), gebrek aan transparantie en moeilijkheden bij het overstappen naar andere leveranciers. Daarnaast gaat het ook om verlies van controle over digitale infrastructuren en data, verlies van intellectueel eigendom en vrees voor onwenselijke beïnvloeding vanuit commerciële partijen en sommige overheden’, schrijven ze in hun bericht.
Commissie Digitale Autonomie Universiteiten van start
Nederlandse universiteiten nemen zelf het initiatief om hun digitale afhankelijkheid terug te dringen en richten daarvoor een nieuwe Commissie Digitale Autonomie Universiteiten (DAU) op. In plaats van te wachten op Europese of nationale maatregelen, willen zij versneld eigen stappen zetten richting meer controle over hun digitale infrastructuur en data.
Eigen regie in plaats van afwachten
De universiteiten benadrukken dat ze niet willen wachten tot overheden met oplossingen komen. De urgentie is daarvoor te groot, mede omdat digitale systemen steeds vaker botsen met academische kernwaarden. ‘Steeds vaker zien we dat digitale systemen op gespannen voet staan met de academische waarden (als academische vrijheid en autonomie, wetenschappelijke integriteit en openheid) die het fundament zijn onder het Nederlandse wetenschappelijke onderwijs en onderzoek.’
De nieuwe commissie, waarin bestuurders van universiteiten, SURF en de directeur CIO Rijk zitting hebben, moet de regie voeren op de koers naar meer digitale autonomie. Daarbij gaat het niet alleen om visieontwikkeling, maar juist om concrete keuzes en prioritering.
Van analyse naar actie
De aanpak begint met een gezamenlijke analyse van de huidige situatie. ‘De Universiteit Utrecht heeft daar een hulpmiddel voor gemaakt’, zegt commissievoorzitter Van Huffelen in een interview in het FD. ‘Het idee is dat alle universiteiten het gaan gebruiken en verbeteren. Zo moet er een nulmeting komen.’
Op basis daarvan werkt de commissie aan gerichte maatregelen, waaronder een digitaal noodpakket. ‘Hiermee zorgen we dat onze organisaties voorbereid zijn op de grootste risico’s. Wat moeten managers doen als onderzoekers niet meer bij hun data kunnen of als de systemen plat gaan?’
Het doel is een fundamenteel andere inrichting van het digitale landschap binnen universiteiten.
De kwetsbaarheid is volgens voormalig staatssecretaris voor Digitalisering Van Huffelen reëel: ‘Onze onderzoekers zijn ongelooflijk afhankelijk van al die data, die zij ergens digitaal hebben opgeslagen.’ Ze wijst op recente situaties waarin toegang tot cruciale datasets plotseling wegviel: ‘Daarom werken we in Nederland mee aan het opslaan van Amerikaanse klimaatdata, omdat onderzoekers daar ineens niet meer bij hun gegevens konden.’
Structurele verandering nodig
De commissie kijkt nadrukkelijk verder dan korte termijnmaatregelen. Het doel is een fundamenteel andere inrichting van het digitale landschap binnen universiteiten. ‘We willen niet overstappen van de ene grote aanbieder naar de andere grote aanbieder,’ zegt Van Huffelen.
In plaats daarvan wordt gewerkt aan een modulair model met ‘bouwblokjes’, waarbij instellingen gebruikmaken van verschillende leveranciers en makkelijker kunnen overstappen. Om dat mogelijk te maken, kijkt de commissie ook naar aanpassingen in aanbestedingsregels en gezamenlijke inkoopkracht.
De universiteiten zoeken daarbij nadrukkelijk samenwerking met andere publieke partijen, die vergelijkbare zorgen hebben over afhankelijkheid van Big Tech. Door gezamenlijk op te trekken hopen zij sneller alternatieven te ontwikkelen en hun positie richting de markt te versterken.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.