De Nederlandse overheid heeft tijdens de digitale transitie te veel macht uit handen gegeven aan private technologiebedrijven. Daardoor staat niet alleen de digitale autonomie onder druk, maar ook de democratische legitimiteit van het openbaar bestuur. Dat schrijft de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) in de discussienota Digicratie bedreigt de democratie.
'Digicratie' bedreigt democratische beslissingsmacht van de overheid
De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) slaat alarm over de invloed van grote technologiebedrijven op het openbaar bestuur. In een nieuwe discussienota introduceert de raad het begrip 'digicratie': een machtsvorm waarbij digitale systemen de beslissingsmacht van democratische instituties beperken.
Volgens de raad is de invloed van digitale technologie inmiddels zo groot geworden dat sprake is van een nieuwe machtsvorm. De ROB noemt die 'digicratie': "een machtsvorm die de beslissingsmacht van democratische instituties beperkt door digitale systemen." Daarbij wijst de raad erop dat deze systemen tegenwoordig grotendeels in handen zijn van private bedrijven.
Publieke waarden onder druk
De ROB stelt dat digitalisering lange tijd vooral werd beschouwd als een vraagstuk van bedrijfsvoering en efficiëntie. Inmiddels is duidelijk geworden dat de digitale transitie veel verder reikt en ingrijpende gevolgen heeft voor de samenleving en het functioneren van de overheid. Daarbij noemt de raad onder meer privacyschendingen, datalekken, afnemend vertrouwen in de overheid, discriminatie door algoritmen, minder zinvol contact met burgers en verstoringen van cruciale processen.
Volgens de raad is het openbaar bestuur er onvoldoende in geslaagd om publieke waarden als privacy, uitlegbaarheid, maatschappelijke waardecreatie, menselijke waardigheid en strategische autonomie te beschermen. Ambities om dat te veranderen bestaan al jaren, maar 'het lukt overheden niet om de benodigde bestuurlijke slagkracht te organiseren.'
Big Tech
De discussienota legt een direct verband tussen de dominante positie van grote technologiebedrijven en de afnemende handelingsruimte van overheden. Door schaalvoordelen, netwerkeffecten en uitbesteding is volgens de ROB een klein aantal internationale technologiebedrijven bepalend geworden voor de inrichting van het digitale domein. Tegelijkertijd opereren deze bedrijven deels buiten de invloedssfeer van Nederlandse en Europese wetgevers en is hun publieke verantwoording beperkt.
Daardoor hebben commerciële belangen volgens de raad steeds vaker de overhand gekregen boven democratisch-rechtsstatelijke publieke waarden. De ROB noemt als voorbeelden onder meer afhankelijkheid van leveranciers, lock-in-effecten, oplopende softwarekosten en een groeiende concentratie van macht bij technologiebedrijven.
Digitale autonomie
Volgens de raad is Nederland de zeggenschap over essentiële digitale processen en de data van burgers grotendeels kwijtgeraakt. Digitale autonomie is volgens de ROB noodzakelijk om weer democratische controle te krijgen over digitale processen, maar vormt slechts één van de publieke waarden die aandacht vragen. Ook rechtsgelijkheid, uitlegbaarheid, toegankelijkheid, privacy en zinvol menselijk contact moeten beter worden geborgd.
De ROB wijst erop dat veel oplossingen al jarenlang bekend zijn, zoals open standaarden, opensource-oplossingen, interoperabiliteit en betere regulering van technologiebedrijven. Toch blijven daadwerkelijke veranderingen volgens de raad vaak uit, ondanks breed gedragen steun voor dergelijke maatregelen.
Voorbeelden uit Europa
In de discussienota verwijst de ROB naar verschillende Europese landen die volgens de raad verder zijn met digitale autonomie en bescherming van publieke waarden. Zo noemt de raad de overstap van de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein naar opensource-software, Franse investeringen in digitale autonomie, de Estse voorzieningen waarmee burgers kunnen zien wie hun persoonsgegevens heeft geraadpleegd en het Spaanse Observatorium voor Digitale Rechten.
Volgens de ROB ontbreekt het Nederland niet aan plannen of ambities, maar vooral aan voldoende bestuurlijke coördinatie, budget en doorzettingsmacht om deze daadwerkelijk uit te voeren. Ook de Nationale Digitaliseringsstrategie en eerdere programma's bevatten volgens de raad goede voornemens, maar hebben nog niet geleid tot de noodzakelijke veranderingen.
Discussienota
De publicatie is nadrukkelijk een discussienota en bevat nog geen aanbevelingen. De ROB wil de komende maanden met deskundigen in gesprek over mogelijke oplossingsrichtingen. Op basis daarvan verschijnt later dit jaar een definitief adviesrapport. Daarin wil de raad zich nadrukkelijk richten op de bestuurlijke kant van digitalisering, omdat juist die volgens de ROB tot nu toe onderbelicht is gebleven.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.
Precies dit in evenwicht brengen van techno-push en reality-pull is de essentie van de Digitale Transformatie. Het ontbreekt niet aan plannen of ambities nee, of aan voldoende bestuurlijke coördinatie, budget en doorzettingsmacht, maar wel aan daadwerkelijk om-denken. Je kunt namelijk alleen maar Out-of-the-Box denken als je begrijpt hoe The Box eruit ziet! Ook daar zijn bewezen modellen voor, zoals Service Design Thinking. Mensen missen momenteel de woorden om de concepten te kunnen begrijpen die je vervolgens ook nog eens in onderlinge correlatie moet brengen. Als je het concept achter de wallet niet eens genuanceerd kunt interpreteren, of tokens, of Electronic Attestations, als je inkoopmethodologie niet is ingericht op het tijdelijk huren en kortstondig combineren van digitale diensten, als vakministers zelf dat vak nooit gevolgd hebben, als impliciet nog gedacht wordt in input-throughput-output modellen en niet in data ecosystemen .. wat verwacht je dan? Een Digicratie toeschrijven aan techniek is net zo onzinnig als stellen dat de koeien zure melk geven als de trein langs komt. Alle techniek is politiek. The Medium is the Message. Democratie is een PROCES. Kun je prima inregelen. De technologieën zijn geen losse instrumenten, maar zij vormen de bouwstenen voor een soevereine, veerkrachtige en transparante digitale publieke ruimte en die moet je dus niet zien als iets 'wat je koopt', maar iets 'wat je bent'. Dat moet je systematisch opbouwen, dus op principes. Een technologische architectuur gebaseerd op de een bepaalde, beperkte set principes kan de informatie-asymmetrie die onze democratie ondermijnt absoluut significant verminderen. Als de kern van de gepercipieerde democratische crisis ligt in de controle over data en informatie, omdat een klein aantal buitenlandse, commerciële platformen fungeert als de facto poortwachter van ons publieke debat die opereren als black boxes, optimaliseren voor engagement (wat vaak polarisatie betekent) en kwetsbaar zijn voor manipulatie door statelijke en niet-statelijke actoren dat is dat één constatering. Als je echter niet wilt dat geverifieerde feiten moeten concurreren met doelbewuste desinformatie dat het vertrouwen in instituties, media en zelfs de wetenschap erodeert dan moet je zorgen dat dat niet kan door de informatieruimte zelf soeverein te maken. Het gaat om de Data niet om de Infra. Men kan 'Microsoft' of whomever wel 'de schuld' geven, maar wie services inhuurt blijft ZELF verantwoordelijk voor de content en de gebruikscontext en onder de EU Data Act en NIS2 wordt dat nog vele malen heftiger dan alleen de AVG.
De oplossing is dus niet het bestrijden van symptomen (zoals het factchecken van individuele berichten), maar het bouwen van een fundamenteel ander systeem. Een decentraal, betrouwbaar en door publieke waarden gedreven informatie-ecosysteem. Technisch zonder meer mogelijk als we data gaan zien als Grondstof en niet langer als iemands Product. Alleen, die technieken en principes kunnen pas effectief worden als we de naïeve aanname loslaten dat een beter informatiesysteem ook automatisch leidt tot een betere democratie. De echte uitdaging is politiek: het organiseren van bestuur, het managen van conflicten, het opbouwen van vertrouwen en het voeren van een actieve strijd tegen de krachten die baat hebben bij chaos. Pas als we die realiteit onder ogen zien en de kennis opdoen die je daarvoor nodig hebt, dus SNAPPEN hoe de technieken werken en de organisatie filosofie begrijpen hoe je die technieken in allerlei combinaties en om allerlei redenen in kunt zetten, kunnen we technologie inzetten als het krachtige instrument dat het kan zijn. Zonder dat helpt 'Open Source' brullen niet. Zonder dat blijft dit een snipper discussie.