Overslaan en naar de inhoud gaan
(advertentie)

Ambtshalve verstrekking hoort in de Wet proactieve dienstverlening

Vrouw op rood klees maakt notities naast stapel geldstukken
Ambtshalve toekenning van een uitkering kan niet-gebruik van uitkeringen verminderen. - Shutterstock

Op 7 september behandelt de Kamercommissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid het wetsvoorstel  over de Wet proactieve dienstverlening. Maar deze wet gaat niet over ambtshalve verstrekking, zo blijkt uit de Memorie van Toelichting. Dat is een gemiste kans. Het wetsvoorstel is juist ingediend om niet-gebruik van inkomensondersteuning terug te dringen en de bestaanszekerheid te vergroten. Ambtshalve verstrekking is volgens Guido Enthoven van de Maatschappelijke coalitie 'Over Informatie Gesproken de meest effectieve manier om niet-gebruik terug te dringen.

Het wetsvoorstel Wet proactieve dienstverlening geeft UWV, SVB en gemeenten een wettelijke basis om burgers proactief te informeren over mogelijke rechten en om aanvragen te faciliteren. Het doel is het verminderen van niet-gebruik van uitkeringen en voorzieningen en het vergroten van bestaanszekerheid.

Niet-gebruik is een hardnekkig probleem

De aanleiding voor die wet ligt voor een groot deel in het niet-gebruik van inkomensvoorzieningen. In 2021 werd het niet-gebruik van zorgtoeslag geschat op bijna 12 procent, gelijk aan bijna 600.000 huishoudens. Bij de algemene of aanvullende bijstand en de Aanvullende Inkomensvoorziening Ouderen (AIO) wordt het niet-gebruik geschat op 30–35 procent (Memorie van Toelichting, p. 7). Oorzaken van niet-gebruik zijn: onbekendheid met de regeling, complexiteit van de aanvraag, angst voor terugvordering en een beperkt vertrouwen in de overheid.

Niet-gebruik is bovendien vaak hardnekkig. Van de huishoudens die tussen 2018 en 2021 recht hadden op huurtoeslag, vroeg 45 procent vier jaar lang geen toeslag aan. Dat betekent dat niet-gebruik niet slechts een tijdelijk informatieprobleem is, maar voor een substantiële groep een structureel uitvoerings- en stelselprobleem.

Ambtshalve toekenning van een uitkering of voorziening betekent dat betrokkene geen aanvraag hiervoor hoeft te doen

Ambtshalve toekenning is meest effectief

Ambtshalve toekenning van een uitkering of voorziening betekent dat betrokkene geen aanvraag hiervoor hoeft te doen. Er zijn regelingen die nu reeds ambtshalve worden toegekend, zoals het kindgebonden budget (door de Dienst Toeslagen) of de verdubbeling van de kinderbijslag voor kinderen met een Wlz-indicatie.

Overheden kunnen burgers informeren over het bestaan van een regeling. Ze kunnen aanvraagprocedures eenvoudiger maken. Maar het is veel lastiger om angst voor terugvordering weg te nemen of het vertrouwen in de overheid te vergroten. Daarom is ambtshalve toekenning de meest effectieve vorm om niet-gebruik tegen te gaan.

Pleidooi VNG en de Landelijke Cliëntenraad 

De VNG pleit er dan ook voor om ambtshalve toekenning in deze Wet Proactieve dienstverlening mogelijk te maken. ‘Veel gemeenten proberen al om het niet-gebruik van regelingen terug te dringen, maar lopen hierbij tegen belemmeringen aan. Veel methodes die nu gebruikt worden om het niet-gebruik aan te pakken, zoals algemene en persoonlijke communicatie en het verlagen van administratieve drempels voor het doen van een aanvraag, hebben een te beperkt effect. Ambtshalve verstrekken zou in bepaalde gevallen een oplossing kunnen zijn, maar dit mag nu nog niet.’ De kosten van het benaderen van inwoners en aanreiken van dienstverlening zijn volgens de uitvoeringstoets betrekkelijk hoog, terwijl gemeenten te maken hebben met arbeidsmarktkrapte. De VNG vraagt daarom om ambtshalve verstrekken van regelingen mogelijk te maken. De Landelijke Cliëntenraad steunt de wet en stelt expliciet dat sommige lokale voorzieningen, zoals kwijtscheldingen en minimaregelingen, ambtshalve zouden moeten worden toegekend.

Politieke steun

In de motie Hamstra c.s., mede ondertekend door Lahlah en Biekman, wordt geconstateerd dat veel mensen inkomensondersteuning mislopen door complexiteit en angst voor terugvorderingen. De regering wordt verzocht in kaart te brengen wat nodig is voor automatisch uitkeren, waaronder uitbreiding van de polisadministratie tot een volledig inkomensregister, harmonisatie van begrippen en betere gegevensuitwisseling. De motie kreeg oordeel Kamer en is aangenomen. Op 19 juni 2026 zei CDA-leider Bontenbal in een lezing over armoede dat veel mensen toeslagen nodig hebben, maar dat aanvragen een drempel is. Hij concludeert: ‘Daarom moeten we gaan toewerken naar het automatisch uitkeren van toeslagen, zonder het risico op terugvorderingen.’ Via het spoor “Participatiewet in balans” is recent een amendement aangenomen om te regelen dat de individuele inkomenstoeslag ambtshalve kan worden uitgekeerd aan mensen die langdurig in de bijstand zitten.

Laten we ambtshalve toekenning niet op voorhand uit te sluiten voor regelingen waarbij overheden wél over de benodigde gegevens beschikken.

Onvoldoende of onbetrouwbare gegevens?

Toch vindt de regering het tot dusver geen goed idee om ambtshalve toekenning op te nemen in de wet Proactieve dienstverlening. De regering motiveert dit met verschillende argumenten. De overheid beschikt zelf meestal niet over alle benodigde gegevens. Voor uitvoering zijn daarom vaak specifieke gegevens nodig over de situatie van de belanghebbende, en soms ook diens huishouden. (Memorie van Toelichting). Dat argument is op zichzelf valide, maar het is geen argument tegen een experimenteergrondslag. De oplossing is dus niet om ambtshalve verstrekking buiten dit wetsvoorstel te houden, maar om haar niet op voorhand uit te sluiten voor regelingen waarbij overheden wél over de benodigde gegevens beschikken. Hierbij is van belang dat proactieve dienstverlening in het wetsvoorstel altijd een discretionaire bevoegdheid is. Overheden zijn niet verplicht over te gaan tot ambtshalve toekenning, maar kúnnen daartoe beslissen.

De aanvraagprocedure is een wettelijk vereiste?

Volgens de Memorie van Toelichting is 'ambtshalve verstrekken niet mogelijk als de aanvraagprocedure een wettelijk voorgeschreven vereiste is'. Dit argument is op zichzelf genomen valide. Daarom is het wenselijk dat in de Wet proactieve dienstverlening een bepaling wordt opgenomen dat indien een bestuursorgaan besluit om over te gaan tot ambtshalve toekenning, de geldende aanvraagprocedure niet van toepassing is. 'Het staat gemeenten vrij om voor regelingen die zij zelf vormgeven, geen aanvraagprocedure voor te schrijven', aldus de Memorie van Toelichting.

Datzelfde geldt natuurlijk ook voor het Rijk: het staat de wetgever vrij om voor regelingen die zij zelf vormgeeft, geen aanvraagprocedure voor te schrijven.

Vereenvoudiging van regelgeving noodzakelijk?

De Memorie van Toelichting stelt: ´Ambtshalve toekenning vergt dat de hoeveelheid en het detailniveau van de benodigde gegevens drastisch worden teruggebracht.´ Hiermee wordt ook gedoeld op de problematiek van samenloop van regelingen, namelijk dat de effecten van extra inkomen gevolgen kan hebben voor rechten op toeslagen (inkomen maar ook huur-, zorg- en kinderopvang). Inderdaad is vereenvoudiging wenselijk; via de Staat van de Uitvoering pleiten organisaties als UWV en SVB al jaren voor vereenvoudiging van regelgeving in het sociaal domein. Een experimenteergrondslag voor ambtshalve toekenning kan hier juist aan bijdragen, omdat alleen regelingen die eenvoudig genoeg zijn voor ambtshalve verstrekking in aanmerking komen.

In de wet moet worden opgenomen dat terugvordering nooit plaatsvindt van hetgeen ambtshalve toegekend wordt

Fundamentele keuzes nodig

Volgens de Memorie van Toelichting vereist ambtshalve toekenning ‘fundamentele keuzes rondom het opleggen van verplichtingen aan ontvangers van regelingen, hoe wordt omgegaan met onterechte toekenning en voor de inzet van toezicht en handhavingsmaatregelen, waaronder terugvorderingen.´ In de parlementaire en uitvoeringsdiscussie is terecht opgemerkt dat sommige uitkeringen niet enkel een recht scheppen, maar ook verplichtingen met zich meebrengen. Een aanvraag is dan een impliciete aanvaarding van die verplichtingen. Toch is ook dit geen reden om experimenten op voorhand uit te sluiten. Het is aan het betrokken bevoegd gezag om bijvoorbeeld te kiezen voor een inhoudelijke afbakening. Pilots worden dan uitsluitend op regelingen toegepast wanneer data voldoende actueel en betrouwbaar zijn. Regelingen zoals toeslagen, waaraan geen aanvullende plichten voor ontvangers zijn verbonden, zijn geschikt(er) voor ambtshalve verstrekking. In de wet moet worden opgenomen dat terugvordering nooit plaatsvindt van hetgeen ambtshalve toegekend wordt. Het is niet verdedigbaar dat een burger geconfronteerd wordt met terugvorderingen van regelingen waar hij/zij niet om gevraagd heeft.

Afbakening is ambivalent

Opvallend is ook dat de regering het idee van ambtshalve toekenning niet principieel afwijst. In het coalitieakkoord 2026-2030 staat nota bene dat het kabinet niet-gebruik en terugvorderingsrisico wil verkleinen door proactieve dienstverlening, ‘waaronder toewerken naar automatisch uitkeren van toeslagen.’ In de beantwoording van Kamervragen verwijst zij naar België als inspiratie, noemt zij de Nederlandse gegevensknooppunten BKWI en BIDN als functionele equivalenten van de Belgische Kruispuntbank en schrijft zij expliciet bereid te zijn om voor de middellange en lange termijn beleidsopties uit te werken voor proactieve dienstverlening en automatische toekenning bij meer uitkeringen en voorzieningen.

Conclusie

Een amendement om experimenten met ambtshalve verstrekking in het kader van de Wet proactieve dienstverlening mogelijk te maken is wenselijk. Het sluit aan bij het doel van het wetsvoorstel zelf: niet-gebruik terugdringen en bestaanszekerheid vergroten. Een dergelijk voorstel maakt geen overhaaste systeemsprong, maar creëert een gecontroleerde en begrensde route. Het voorkomt dat de Wet proactieve dienstverlening al bij haar geboorte een te beperkte wet wordt: nuttig voor attenderen, maar blind voor de gevallen waarin de overheid op basis van eigen gegevens méér zou kunnen doen, bijvoorbeeld voor gezinnen die meerjarig een inkomen onder de armoedegrens hebben. Experimenten moeten wel goed doordacht worden; bij de keuze voor experimenten en de opschaling daarvan spelen afwegingen op het gebied van organisatie, gegevensdeling/ICT en financiën een belangrijke rol. Ambtshalve toekenning past bij de kabinetslijn rond een slagvaardige overheid, waarin minder regels, harmonisatie en betere publieke dienstverlening centraal staan. De inzet daarbij is klein beginnen, goed evalueren en vervolgens opschalen waar dit mogelijk is.

Plaats een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

(advertentie)

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heb je al een account? Log in

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heb je al een account? Log in