Met een brief in antwoord op vragen van Barbara Kathmann (PRO) over de aanpak IDO’s en de regierol van de gemeenten daarin, schrijft staatssecretaris van der Burg dat het kabinet inzet op persoonlijke dienstverlening die op voor inwoners logische plekken kan plaatsvinden, zoals de wijkinloophuizen, bibliotheken, scholen of buurtcentra. Hier moeten mensen direct kunnen worden geholpen of warm worden doorverwezen. 'Zij vervullen een belangrijke brugfunctie voor mensen die (potentieel) kwetsbaar zijn in het contact met de overheid', aldus de staatssecretaris.
De overheid moet naar de mensen toe komen
De overheid moet naar de mensen toe komen (fysiek én digitaal), via lokale netwerken onder regie van gemeenten, met blijvende financiering voor laagdrempelige hulp zoals IDO’s en overheidsbrede loketten.
Voor het daadwerkelijk oplossen van (complexe) vraagstukken moeten overheidsbrede loketten uitkomst bieden. Hij verwijst hierbij naar de beleidsvisie Persoonlijk en Dichtbij: 'Met deze visie wordt nadrukkelijk ingezet op de inrichting van een lokaal ecosysteem, dat zowel gaat over het vinden van overheidsinformatie, persoonlijke hulp en ondersteuning als over het daadwerkelijk regelen van zaken met de overheid.'
Regierol voor gemeenten
Gemeenten krijgen expliciet een regierol om het lokale ecosysteem te organiseren: zij moeten de verbinding verzorgen tussen formele en informele netwerken en bestuurlijke afspraken maken over het lokale dienstverleningsniveau.
Proeftuinen
De staatssecretaris gaat proeftuinen financieren om te onderzoeken welke lokale initiatieven bijdragen aan het vergroten van het bereik van (overheidsbrede) publieke dienstverlening. Als voorbeeld noemt hij hierbij de samenwerking tussen de gemeente Amsterdam en de SVB, en de gemeente Assen waarbij welzijnsorganisaties in de wijk mensen doorverwijzen naar een breed overheidsloket.
Begin 2027 komt de staatssecretaris met een strategie om te komen tot een gefaseerde uitrol van de overheidsbrede dienstverlening over gemeenten verspreid over heel Nederland.
IDO's in stand houden
De rol van de IDO's wordt in de beantwoording nadrukkelijk in het kader van de overheidsbrede dienstverlening geplaatst, waarbij vermeld dat de 17 miljoen die de rijksoverheid jaarlijks uittrekt voor de IDO's, overeind blijft. Dit budget blijft structureel beschikbaar en wordt jaarlijks uitgekeerd via een decentralisatie-uitkering in het Gemeentefonds (de 10 procent budgetkorting is gecompenseerd). Waar de dienstverlening wordt uitgevoerd is aan de gemeente, die de regierol vervult. De bibliotheeksector moet daarbij wel betrokken worden, maar zij spelen volgens de staatssecretaris géén exclusieve rol in de uitvoering van deze dienstverlening.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.