Advocaat en bestuurslid van Stichting Gelijkwaardig Herstel (SGH) Derk-Jan van der Kolk noemt het ‘een van de grootste pijnpunten’ dat bepaalde groepen worden uitgesloten van de herstelroutes. ‘Tot op de dag van vandaag is het antwoord dat mensen met het label O/GS niet mee mogen doen’, vertelt Van der Kolk. 'Dat betekent dat je dus een bepaalde groep op dit moment uitsluit van een redelijk eenvoudige (forfaitaire) route. Die moeten op dit moment in andere routes, of bij de rechter, hun herstel zien te krijgen.'
Het stempel Opzet
De essentie van het toeslagenschandaal is dat veel ouders onterecht werden aangemerkt als fraudeur. Nog steeds zijn er ouders met het "stempel Opzet/Grove schuld" (O/GS) en blijkt het moeilijk om informatie te krijgen over waarom zij dit stempel hebben, terwijl zij wettelijk recht hebben op die uitleg. Mede hierdoor zijn herstelregelingen voor sommige ouders niet toegankelijk. Staatssecretaris Palmen moest afgelopen week uitleg geven in de Tweede Kamer.
De Dienst Herstel Toeslagen zegt in een reactie: ‘Voor een aantal specifieke groepen geldt dat zij wel een aanvraag kunnen indienen voor schade, maar dat een forfaitaire route op dit moment niet zonder meer geschikt is. Voor deze groepen worden andere oplossingen uitgewerkt’.
Een complicerende factor daarbij is dat deze ouders geen informatie krijgen over de vraag waarom zij zijn aangemerkt met het label O/GS. Recent kwam een intern memo naar buiten waaruit bleek dat de dienst Toeslagen die informatie niet wil verstrekken, waarbij de schrijvers van het memo zich bewust toonden dat die weigering voor een rechter geen stand zal houden.
Op 31 maart sluit de overheid haar aanmeldportaal voor erkend gedupeerde ouders die hiervoor in aanmerking willen komen.
De Dienst Herstel Toeslagen ontkent dit: ‘Het is onjuist dat de overheid geen informatie wil verstrekken aan ouders over de zogeheten O/GS kwalificatie. In een recente brief aan de Tweede Kamer is nogmaals uitgelegd dat ouders alle stukken kunnen krijgen die zij nodig hebben om hun schade vast te stellen’, aldus een woordvoerder. Overigens blijkt uit stukken die afgelopen week aan de Kamer zijn gestuurd wel degelijk dat de dienst het ‘niet mogelijk’ acht om informatie over het stempel O/GS te verstrekken. De volledige reactie van de Dienst Herstel Toeslagen op dit artikel staat onder dit artikel.
Ook ex-partners kunnen niet zelfstandig meedoen in de eenvoudige routes. Daarnaast mist er een route voor ondernemers die hun bedrijf zijn verloren. 'Als je een onderneming bent kwijtgeraakt, vergt dat een heel andere benadering’, legt Van der Kolk uit. 'De fiscale implicaties van een vergoedingensysteem voor een ondernemer zijn volstrekt anders dan voor een niet-ondernemer.' Voor hen wordt nu gedacht aan een soort maatwerktafel waar individuele schade berekend kan worden.
SGH maakt zich zorgen over de deadline die is gesteld voor aanmelding voor de aanvullende schadevergoeding. Op 31 maart sluit de overheid haar aanmeldportaal voor erkend gedupeerde ouders die hiervoor in aanmerking willen komen. Maar volgens SGH bereikt die boodschap veel te weinig mensen. 'Wij zien dat het ministerie daarvan tot op heden onvoldoende werk maakt,' zegt advocaat en SGH-bestuurslid Derk-Jan van der Kolk. 'Elke dag spreken we gedupeerde ouders die de deadline van 31 maart niet kennen’. Het missen van de deadline kan betekenen dat werkelijk geleden schade niet wordt gecompenseerd.
SGH heeft een operatie opgezet om ouders te begeleiden en is hierin ook behoorlijk succesvol. Desondanks ziet SGH fundamentele knelpunten die de hersteloperatie bemoeilijken.
Twee routes, één schadekader
Sinds eind vorig jaar zijn er twee routes voor herstel: de onafhankelijke SGH-route en de overheidsroute 'MijnHerstel', een digitale doe-het-zelfvariant. Beide gebruiken hetzelfde schadekader, dat gebaseerd is op het door SGH ontwikkelde forfaitaire systeem. Maar daar houdt de gelijkenis op.
'Het gros van de ouders zegt: 'Het gaat mij na meer dan 20 jaar niet meer om alleen schadevergoeding. Het gaat mij om erkenning.'
Harriët Garvelink, SGH
'In de ogen van de fiscalisten zou de uitkomst van beide routes hetzelfde zijn', zegt Harriët Garvelink, communicatieadviseur van SGH. 'Wij zeggen: dat is niet zo. Het schadekader mag dan wel hetzelfde zijn, maar de manier waarop jij als ouder door een route heen gaat is volledig anders.' Dat verschil zit hem vooral in wat SGH 'procedurele rechtvaardigheid' noemt. 'Het gros van de ouders zegt: 'Het gaat mij na meer dan 20 jaar niet meer om alleen schadevergoeding', aldus Garvelink. 'Het gaat mij om erkenning. Het gaat mij er om dat mijn kinderen en mijn kleinkinderen weer gelijkwaardige inwoners van Nederland kunnen zijn.' Bij veel getroffen ouders is er groot wantrouwen tegenover een overheidsroute, want door toedoen van diezelfde overheid zijn zij onterecht bestempeld als fraudeur, met alle gevolgen van dien.
SGH houdt er rekening mee dat zich in totaal misschien zo'n 10.000 tot 20.000 mensen kunnen aanmelden. Of dat aantal uiteindelijk wordt gehaald, is onduidelijk. Ook is het nog onduidelijk hoeveel mensen voor welke route kiezen.
Juridisering versus aannemelijkheid
De houding van de overheid is volgens Van der Kolk in de loop der tijd wel verbeterd. 'Ik zie een meer coöperatieve houding komen in de gesprekken,' zegt hij. Maar er blijft een grondhouding bestaan die hij omschrijft als 'juridisering'. 'De reflex is nog steeds: als jij geld wilt voor een bepaalde schadepost, dan moet je die schade bewijzen. Aannemelijkheid zou een ruimhartiger houding zijn; als het aannemelijk is op grond van je verhalen en omstandigheden en tijdstippen, dan moet dat voldoende zijn.'
SGH werkt met dat principe van aannemelijkheid. Natuurlijk worden cruciale zaken wel gecheckt. Voor een uithuisplaatsing van kinderen is bijvoorbeeld een rechterlijke uitspraak nodig. Maar het uitgangspunt is het Feitenrelaas van de ouder.
'Wat mij nogal stoort', zegt Van der Kolk, 'is dat sommigen beweren dat wij cadeautjes zouden uitdelen. Wij leggen de gehele puzzel op basis van het Feitenrelaas, waarbij we de ouder helpen met het vinden van ondersteunende overheidsdocumenten.' Hij wijst erop dat bijvoorbeeld het werkverleden bij het UWV als ondersteunend document fungeert: 'Niks cadeautjes dus.'
Nieuwe schulden en onduidelijkheid
Terwijl SGH samen met ouders hard werkt aan emotioneel en financieel herstel, worden ouders opnieuw geconfronteerd met problemen. De zogenaamde "pauzeknop" die schuldeisers verbiedt betaling af te dwingen, is weggevallen. Hierdoor moesten mensen die dachten dat ze na een vaststellingsovereenkomst klaar waren, ineens weer gaan afrekenen. 'Voor mensen die met steun van de gemeente hun verdere leven weer aan het opbouwen waren, zijn dit natuurlijk hele harde klappen', aldus Van der Kolk.
De woordvoerder van de Dienst Herstel Toeslagen zegt hierover: ‘Alle publieke schulden die zijn opgebouwd tijdens de toeslagenaffaire zijn juist kwijtgescholden en private schulden zijn aangepakt. Het gaat hier om nieuwe schulden, zoals bijvoorbeeld teveel ontvangen toeslagen na de start van de hersteloperatie. Ook nu geldt dat iedereen die moeite heeft met terugbetalen een betalingsregeling kan aanvragen.’
'Het vraagstuk voor de gedupeerden is tot op de dag van vandaag actueel.'
Derk-Jan van der Kolk, SGH
Ook is er nog veel onduidelijkheid over wat er met de Commissie Werkelijke Schade gebeurt. Die commissie kan zonder wetswijziging niet worden opgeheven, maar haar rol in het nieuwe herstellandschap is onduidelijk. Wellicht wordt ze ingezet voor de maatwerktafel voor complexe gevallen, maar concrete plannen ontbreken vooralsnog.
In het coalitieakkoord van het huidige kabinet staat weinig dat specifiek houvast biedt. Van der Kolk is voorzichtig optimistisch dat er ten minste een staatssecretaris blijft die het toeslagendossier als aandachtspunt heeft. 'Want het probleem is er gewoon, dat is er al heel lang en daarmee heeft het ook het risico dat de aandacht verslapt, terwijl het vraagstuk voor de gedupeerden tot op de dag van vandaag actueel is.
Kan dit weer gebeuren?
De grote vraag die boven het hele dossier hangt, is of er in Nederland voldoende is veranderd om te voorkomen dat zoiets opnieuw gebeurt. Van der Kolk is daar niet gerust op: 'Ik heb echt niet de indruk dat wij in Nederland nu mechanismen hebben dat dit niet weer gebeurt. Ik ben daar gewoon bang voor.'
Daarom, zo stelt hij, is het belangrijk dat mensenrechtenbewegingen hun werk blijven doen. 'Zodat de overheid toch beter luistert, maar vooral ook beter uitlegt en leert wat zij nu anders moet doen.' Want dit was niet zomaar een fout in een systeem. Het is, zoals uit de Feitenrelazen van duizenden ouders blijkt, een fundamentele schending van basale rechtvaardigheid.’
Integrale reactie Dienst Herstel Toeslagen
‘De hersteloperatie toeslagen is bedoeld om gedupeerden ouders en hun kinderen, die door toedoen van de overheid ongekend onrecht hebben ervaren, zo goed mogelijk te ondersteunen bij hun herstel. Voor alle ouders is de integrale beoordeling inmiddels afgerond en voor een groot deel van de ouders is daarmee ook het financiële herstel afgerond. Zij hebben alle onterecht ingevorderde kinderopvangtoeslag teruggekregen en daarnaast hebben zij materiële en immateriële compensatie ontvangen. Gemiddeld gaat het om meer dan 40.000 euro. Daarnaast zijn hun schulden aangepakt en krijgen zij gerichte ondersteuning van gemeenten en gratis rechtsbijstand.
Nu we zijn aangekomen bij de afrondende fase van de hersteloperatie, is het belangrijk om te kijken wat er nodig is om ook de laatste ouders voorbij het onrecht te helpen. Voor een deel van de ouders is de financiële compensatie en schadevergoeding niet voldoende om recht te doen aan de schade die zij hebben ondervonden. Het verlies van bijvoorbeeld een baan, een eigen huis, gezondheid of dierbaar bezit proberen we zo rechtvaardig en ruimhartig mogelijk te compenseren via een van de beschikbare routes voor aanvullende schade: de SGH-route en de MijnHerstel-route.
Beide routes werken vanuit hetzelfde ruimhartige schadekader. Ouders ontvangen na het doorlopen van een van deze routes een forfaitair aanbod, met als inzet om met de ouder een vaststellingsovereenkomst te sluiten. Beide routes gaan uit van aannemelijkheid. Voor de uitkomst maakt het dus niet uit welke route ouders kiezen; het verschil zit in de manier waarop.
In MijnHerstel kunnen gedupeerde ouders met hulp van een advocaat of andere ondersteuner een vergoeding voor aanvullende schade aanvragen. Zij kunnen de route op eigen tempo doorlopen en krijgen daarbij zowel persoonlijke als digitale ondersteuning. Informatie die al bekend is bij de overheid wordt vooraf ingevuld, zodat ouders deze alleen nog maar hoeven te verifiëren. Net als bij de SGH-route kan voor sommige gebeurtenissen gevraagd worden om ondersteunende stukken aan te leveren. Ook daarin is er geen verschil.
Het is onjuist dat bepaalde groepen met aanvullende schade worden uitgesloten. Voor een aantal specifieke groepen geldt dat zij wel een aanvraag kunnen indienen voor schade, maar dat een forfaitaire route op dit moment niet zonder meer geschikt is. Voor deze groepen worden andere oplossingen uitgewerkt. Het is eveneens onjuist dat de overheid geen informatie wil verstrekken aan ouders over de zogeheten O/GS-kwalificatie. In een recente brief aan de Tweede Kamer is nogmaals uitgelegd dat ouders alle stukken kunnen krijgen die zij nodig hebben om hun schade vast te stellen. Het is wederom onjuist dat gedupeerde ouders na de pauzeknop voor schulden nu opeens ‘weer gaan afrekenen’. Alle publieke schulden die zijn opgebouwd tijdens de toeslagenaffaire zijn juist kwijtgescholden en private schulden zijn aangepakt. Het gaat hier om nieuwe schulden, zoals te veel ontvangen toeslagen na de start van de hersteloperatie. Ook nu geldt dat iedereen die moeite heeft met terugbetalen een betalingsregeling kan aanvragen.
Bij de opening in november van het informatie- en aanmeldportaal, waar ouders zich kunnen aanmelden voor aanvullende schade en een keuze kunnen maken voor de SGH-route of de MijnHerstel-route, is aangegeven dat ouders zich nog tot 1 april kunnen aanmelden voor aanvullende schade. Ouders die pas recent een integrale beoordeling hebben ontvangen, krijgen overigens nog langer de tijd; tot zes maanden na hun integrale beoordeling. Bovendien betreft dit alleen de aanmelding voor aanvullende schade. Ouders hebben vervolgens opnieuw zes maanden de tijd om een keuze te maken tussen de route van SGH of MijnHerstel.
Het is belangrijk dat ouders voldoende in staat zijn geweest om een keuze te maken over het aanvragen van aanvullende schade. Hoewel elke ouder daarover al is geïnformeerd bij de uitslag van de integrale beoordeling, worden ouders hier op dit moment nogmaals op gewezen met socialmediaberichten en via de kanalen van alle betrokken uitvoerders binnen de hersteloperatie en verschillende ouderorganisaties.’

Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.