De discussie over digitale soevereiniteit is het afgelopen jaar steeds urgenter geworden. Overheden kijken kritischer naar hun afhankelijkheid van grote internationale technologiebedrijven. Daarbij gaat het niet alleen om de locatie waar gegevens worden opgeslagen, maar ook om juridische zeggenschap en de continuïteit van publieke dienstverlening.
Europese cloud: van ambitie naar adoptie
Met de herziening van het Rijksbrede cloudbeleid in 2026 krijgt digitale soevereiniteit een prominentere plaats op de agenda van de overheid. Geopolitieke ontwikkelingen, juridische afhankelijkheden en de continuïteit van publieke dienstverlening vragen om bewustere keuzes in cloudtechnologie. De ambitie om in 2029 minimaal 30% van de door het Rijk afgenomen cloudopslagdiensten en -applicaties van Nederlands-Europese bodem te laten komen, onderstreept die beweging. Maar hoe vertalen overheidsorganisaties deze ambitie naar de praktijk? Volgens T-Systems begint dat met het serieus onderzoeken en toepassen van Europese cloudalternatieven.
Met het aangescherpte Rijksbrede cloudbeleid zet het kabinet een duidelijke stap. Het uitgangspunt “Cloud tenzij” maakt plaats voor een afwegingskader waarin rijksorganisaties nadrukkelijker rekening moeten houden met geopolitieke risico’s, leveranciersafhankelijkheden en de mogelijkheden om clouddiensten te verlaten. Ook moeten zij beter voorbereid zijn op situaties waarin een cloudleverancier zijn diensten niet meer kan leveren.
De beleidsrichting is daarmee duidelijker geworden. Maar beleid alleen verandert nog niets aan de afhankelijkheden die in de afgelopen jaren zijn ontstaan. Daarvoor moeten overheidsorganisaties ook daadwerkelijk andere technologische keuzes gaan maken.
Van beleid naar daadwerkelijke toepassing
Volgens Emily Glastra, managing director van T-Systems Nederland, is de Europese cloudmarkt inmiddels volwassen genoeg om een grotere rol te spelen binnen de overheid. Ook diverse IT-partners zijn klaar om overheidsinstanties te begeleiden bij de toepassing van Europese cloudtechnologie.
De uitdaging ligt volgens haar niet alleen bij de beschikbaarheid van technologie, maar vooral bij de bekendheid en het daadwerkelijke gebruik ervan. Europese cloudalternatieven verdienen daarom een volwaardige plaats bij de ontwikkeling van cloudstrategieën, aanbestedingen en architectuurkeuzes. Dat betekent niet dat overheidsorganisaties hun bestaande cloudomgevingen volledig moeten vervangen. Juist binnen een hybride of multicloudstrategie kunnen Europese cloudproviders een aanvullende rol vervullen.
Bij nieuwe applicaties, modernisering van bestaande systemen en toekomstige migraties ontstaan mogelijkheden om bewuster te kiezen waar gegevens en applicaties worden ondergebracht. Daarbij moeten organisaties niet alleen kijken naar functionaliteit en kosten, maar ook naar continuïteit, beheersbaarheid en juridische afhankelijkheden. Dat Europese cloudtechnologie ook binnen de Nederlandse overheid toepasbaar is, laat de gemeente Nijmegen zien. De gemeente heeft haar dataplatform ondergebracht bij T Cloud en de ervaring daarmee eerder gedeeld via iBestuur.
Europese cloud als serieus alternatief
Een voorbeeld van zo'n alternatief is T Cloud, de Europese publieke cloud van T-Systems, onderdeel van Deutsche Telekom. Het platform maakt gebruik van OpenStack als technische basis en wordt aangeboden vanuit Europese datacenters, waaronder in Nederland en Duitsland.
Daarbij gaat het niet alleen om de locatie van data. Ook Europees eigenaarschap, beheer vanuit Europa en de juridische kaders waarbinnen de dienstverlening plaatsvindt, zijn bepalend voor digitale soevereiniteit. Daarmee biedt T-Systems organisaties een Europees alternatief voor hun cloudstrategie. Welke toepassingen hiervoor geschikt zijn, hangt af van de specifieke technische, juridische en operationele eisen.
De overstap naar Europese cloudtechnologie hoeft bovendien geen grootschalig migratieproject te zijn. Organisaties kunnen beginnen met een nieuwe applicatie, een specifieke workload of een beperkte proefomgeving. Zo kunnen zij zelf beoordelen of de technologie aansluit op hun wensen en eisen.
Bestuurders en CIO's zijn aan zet
Voor bestuurders en CIO's ligt hier een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Digitale soevereiniteit raakt immers niet alleen de IT-afdeling, maar ook de betrouwbaarheid en continuïteit van publieke dienstverlening. De vraag is daarom nu welke concrete stappen organisaties op korte termijn kunnen zetten.
Cloudarchitecten en IT partners van de publieke sector spelen daarbij een belangrijke rol. Zij kunnen Europese alternatieven structureel meenemen in architectuurkeuzes en migratieprojecten. Daarmee wordt de digitale soevereiniteit naast een bestuurlijke ambitie, ook een praktisch onderdeel van technologische besluitvorming.
Van bewustwording naar adoptie
Om Europese cloudtechnologie nadrukkelijker op de agenda te zetten, start T-Systems Nederland vandaag, 26 oktober, een zichtbare campagne in Den Haag. Onder de noemer
T Cloud vraagt de IT-dienstverlener aandacht voor Europese alternatieven en de keuzevrijheid die deze organisaties bieden.
"Koudwatervrees is niet nodig. Europese cloudtechnologie is volwassen en wordt al toegepast door organisaties in Europa, waaronder de gemeente Nijmegen. Het is nu aan organisaties om bewust te kiezen welke workloads zij waar onderbrengen. Je hoeft niet alles te veranderen om vandaag stappen te zetten. Begin met een concrete toepassing en ervaar zelf wat Europese cloudtechnologie te bieden heeft.”
Emily Glastra
Minder afhankelijk worden begint met meer keuzevrijheid
Digitale soevereiniteit vraagt om concrete keuzes. Door Europese cloudalternatieven structureel mee te nemen in cloudstrategieën en te beginnen met een eerste toepassing, kunnen overheidsorganisaties stap voor stap hun digitale afhankelijkheden verminderen.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.