Waarom Europa moet investeren in een eigen AI-ontwikkelplatform
Met de voorgenomen overname van Hugging Face door chipgigant NVIDIA komt een van de laatste onafhankelijke ontwikkelaarsplatforms voor AI onder invloed van een groot Amerikaans bedrijf. Wat gaat dit betekenen voor de kansen van ‘Europese’ hardware, software en AI-toepassingen?
Om de overname te begrijpen, moeten we kijken naar de ontwikkeling van AI als een stapel van verschillende technologische en bedrijfseconomische lagen. De zogenoemde AI-stack bestaat grofweg uit hardware, software en algoritmen, modellen en datasets, toepassingen en de cloudinfrastructuur waarop alles draait – schematisch weergegeven hieronder.
NVIDIA is vooral bekend als leverancier van de meest geavanceerde chips waarop AI wordt getraind en uitgevoerd (laag 2). Met de overname van Hugging Face krijgt NVIDIA toegang tot een groter deel van de stack (laag 5) en tot kennis en informatie over de ontwikkeling van AI-modellen, -gereedschappen en -toepassingen.
Hugging Face vormt een gemeenschap (ecosysteem) die indirect medebepalend is voor welke modellen, tools en technieken – dus ook hardware – in de praktijk worden gebruikt
Hugging Face kan met de investeringen van NVIDIA doorgaan met het verder uitbouwen van de dienstverlening van het platform. Het is al lang veel meer dan een opslagplaats voor AI-modellen. Hugging Face strekt zich met de dienst Spaces zelfs uit tot laag 3. Het is een uitgebreide infrastructuur waar ontwikkelaars terecht kunnen voor de volledige geïntegreerde ontwikkeling van AI-toepassingen: modellen vinden, aanpassen, combineren, testen met beschikbare datasets, verbeteren en opnieuw delen. Het vormt een gemeenschap (ecosysteem) die indirect medebepalend is voor welke modellen, tools en technieken – dus ook hardware – in de praktijk worden gebruikt. Precies daar zit de strategische waarde van het platform, zeker voor NVIDIA.
Waarom NVIDIA Hugging Face wil
De concurrentie in AI gaat niet alleen over wie de snelste chip heeft. Bedrijven concurreren om complete ecosystemen: hardware, software, modellen, cloudinfrastructuur én ontwikkelaars. Met andere woorden: de concurrentie rond de ontwikkeling van AI vindt plaats op de AI-stack tussen diverse platforms.
AI-bedrijven OpenAI, Anthropic en ook Microsoft en Google hebben elk hun eigen AI-platforms voor de ontwikkeling van AI-toepassingen in hun eigen ecosystemen. Amazon (AWS) en Oracle leveren vooral clouddiensten met AI. Een groot deel van deze bedrijven is inmiddels ook bezig met de ontwikkeling van eigen AI-chips en er komt concurrentie aan – van andere chipfabrikanten en van de Big Tech-bedrijven uit China (al probeert de VS deze met regelgeving tegen te houden).
De waarde van een platform wordt bepaald door het gebruik en het aantal beschikbare toepassingen, zo zagen we eerder. Dat was een belangrijke troef voor Google (Android) en Apple (iOS) bij de ontwikkeling van mobiele toepassingen en smartphones waarmee zij de gevestigde spelers Nokia en Microsoft wisten te verslaan.
Voor NVIDIA is Hugging Face daarom een belangrijke schakel tussen zijn technologie en de mensen die AI bouwen en toepassen
Wie ontwikkelaars aan zich weet te binden, kan indirect ook invloed krijgen op de technologie (lees: AI-chips) die zij gebruiken. Lessen uit het gebruik en de toepassing kunnen gebruikt worden bij de ontwikkeling van nieuwe generaties hardware.
Voor NVIDIA is Hugging Face daarom een belangrijke schakel tussen zijn technologie en de mensen die AI bouwen en toepassen. Die enorme potentiële waarde laat zich moeilijk berekenen, maar het verklaart de hoge overnamesom van bijna 13 miljard dollar – voor NVIDIA als meest waardevolle bedrijf ter wereld eenvoudig te betalen.
Daarmee kan Hugging Face zijn dienstverlening verder uitbouwen: van het ontwikkelen en testen van AI-modellen tot het beschikbaar maken ervan voor daadwerkelijk gebruik, met aandacht voor snelheid, betrouwbaarheid en veiligheid. Zo kan Hugging Face ook in de toekomst een belangrijk platform blijven en mogelijk zelfs zijn positie versterken.
Platformlessen uit het verleden
De overname van Hugging Face roept bij velen een déjà-vu op van de overname van GitHub door Microsoft in 2018. GitHub begon eveneens als een open en onafhankelijk platform voor software, ontwikkelgereedschappen en data. Precies waar Hugging Face nu staat.
GitHub is stapsgewijs steeds verder geïntegreerd in het Microsoft-ecosysteem (met de Azure cloud en Copilot AI)
Mede door de overname kon GitHub (Microsoft betaalde ruim 7 miljard dollar) de dienstverlening aan ontwikkelaars steeds verder uitbreiden: van een plaats waar softwarecode kon worden gedeeld naar een infrastructuur waar toepassingen, modellen en via de cloud ook simulaties kunnen worden gedaan.
Ontwikkelaars hebben nog steeds een keuzevrijheid en er is nog steeds open source-software beschikbaar. Tegelijkertijd werd GitHub stapsgewijs steeds verder geïntegreerd in het Microsoft-ecosysteem (met de Azure cloud en Copilot AI). Het platform draait inmiddels op een Microsoft-cloud en er zijn inmiddels veel (meer) bruikbare toepassingen te vinden die naadloos werken met de Microsoft-producten en -diensten. Hiermee wist Microsoft dus handig zijn ecosysteem te versterken. GitHub is momenteel zelfs een onderdeel van het AI-platform waarmee Microsoft de ontwikkeling van AI wil versnellen. Hiermee is het in feite een belangrijke concurrent voor Hugging Face.
De uitgebreide en stabiele dienstverlening van GitHub is nuttig voor ontwikkelaars en de compatibiliteit met het ecosysteem van Microsoft is relevant gezien de dominantie van Microsoft bij bedrijfstoepassingen. Toch zijn niet alle ontwikkelaars even blij met de toegenomen invloed van Microsoft. Ontwikkelingen op andere cloudplatformen zijn voor een deel stil komen te liggen.
Vaker nemen grote gevestigde bedrijven ontwikkelaarsgemeenschappen rond open hardware en software over; zo zagen we vorig jaar nog QualComm dat Arduino overnam. Zie enkele voorbeelden in het plaatje hieronder.
Soms ging het om fanatieke doe-het-zelfgemeenschappen, soms om communities met een kwijnend bestaan, of communities waar de ontwikkeling versnipperd is over vele vertakkingen (‘forges’ genaamd), communities met amper geld om te investeren in betere infrastructuur en dienstverlening. Een overname door een grote partij kan dit vlottrekken, maar gaat vaak wel ten koste van een bepaalde mate van openheid en vrijheid. Niet iedereen is hier blij mee. Voor sommige ontwikkelaars is het een aanleiding om het platform te verlaten en soms om zelf een nieuw initiatief te starten.
Een Europees belang
De overname van Hugging Face is ook relevant voor ‘Europa’. Interessant detail is dat Hugging Face oorspronkelijk een belangrijke Franse investeerder en medeoprichter had. Ook het Franse Mistral, een grote Europese ontwikkelaar van LLM, heeft er een belangrijke plek.
De ontwikkeling van AI is op dit moment nog open. Hoewel Amerika en China een voorsprong claimen, is het nog te vroeg om al te spreken van een ‘winnaar’, iemand die de hele markt naar zich toetrekt – hoe graag bedrijven als OpenAI en NVIDIA ons dit laten geloven. Het is niet ondenkbaar dat over vijf tot tien jaar de kaarten anders geschud zijn.
Er staat voor NVIDIA veel op het spel: het bedrijf is op dit moment nog de grootste leverancier van de meest geavanceerde AI-chips.
Echter, dit wordt onwaarschijnlijker als de huidige Amerikaanse en Chinese Big Tech-spelers hun platforms en ecosystemen alsmaar kunnen inzetten om de ontwikkeling van AI in een voor hen gunstige richting te ‘sturen’, waarbij hun producten en diensten meer gebruikt worden of ze (door eigenaar te zijn van een ontwikkelplatform) over kennis beschikken waarmee ze op voorsprong kunnen blijven.
Er staat voor NVIDIA veel op het spel: het bedrijf is op dit moment nog de grootste leverancier van de meest geavanceerde AI-chips. Hierdoor is de vraag groot, zijn de verkoopprijzen hoog en is NVIDIA het meest waardevolle bedrijf op de beurs. Natuurlijk is het nog niet te zeggen hoe NVIDIA zal omgaan, maar het is bijvoorbeeld wel in het belang van het bedrijf dat ontwikkelaars veel gebruik blijven maken van NVIDIA’s hardware (GPU’s).
Er is een Europees belang dat er naast de meest populaire platforms van dit moment, zoals NVIDIA-hardware, Microsoft Azure-applicaties (CoPilot), Google Gemini-apps en Amazon-clouddiensten, ook toepassingen worden ontwikkeld voor Europese hardware en clouddiensten en voor open source-software zoals Linux. Zou NVIDIA dit blijven toestaan of op den duur ontmoedigen? Of zou het op den duur Hugging Face overbrengen naar de eigen hardware, zoals Microsoft deed met GitHub?
Het Chinese DeepSeek slaagde erin om AI-taalmodellen (LLM) te laten draaien op goedkopere en breder beschikbare computerchips die minder duur en geavanceerd waren dan die van NVIDIA. Chinese big tech is eveneens bezig met de ontwikkeling van eigen hardware en goedkopere AI. AI op goedkope hardware is ook voor Europa belangrijk, zodat de toegevoegde waarde in de zelf ontwikkelde diensten en toepassingen kan zitten en niet blijft hangen bij de platformeigenaren.
Europa zal bereid moeten zijn om fors te blijven investeren in AI in alle lagen van de stack
Bovendien is het vooral in Europa belangrijk dat een platform laagdrempelig toegankelijk blijft voor kleine ontwikkelaars en open source-modellen en -gereedschappen – dat betekent ook goedkope abonnementen. Wanneer één platform op den duur zo groot en belangrijk wordt, kunnen de abonnementen worden vergroot als een platform onmisbaar is geworden.
Vanuit Europees perspectief zijn er dus serieuze kanttekeningen te plaatsen bij de overname van Hugging Face door NVIDIA. Toch is het blokkeren van een overname of het reguleren ervan (bijvoorbeeld openhouden van het platform) deels een achterhoedegevecht. Amerikaanse bedrijven spelen het spel van de hele AI-stack en zijn bereid mede daarom miljarden te investeren. Europa zal bereid moeten zijn om fors te blijven investeren in AI in alle lagen van de stack. Dit zou zelfs kunnen betekenen: miljarden investeren in een eigen open AI-ontwikkelaarsplatform à la Hugging Face en GitHub.
De Verenigde Staten deden het Chinese Huawei in de ban – vanwege vermeende overheidsspionage – maar vooral vanwege concurrentie. Huawei’s licentie voor Google’s versie van Android werd ingetrokken. Dat was destijds ook een moment geweest om vanuit Europa te gaan investeren in de open source-tak van Android (met eventueel een eigen appstore). Ik pleitte daarvoor in dit artikel. Inmiddels is in Europa de houding ten aanzien van Chinese leveranciers ook kritischer geworden.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.