Overslaan en naar de inhoud gaan
(advertentie)

Opensource: het idealisme voorbij?

zakelijke mensen aan een tafel, daarboven een groot scherm met een afbeelding van creatief werkende mensen.
De open source-beweging is geboren uit idealisme, maar de wereld is veranderd. - Shutterstock

Ik heb al meer dan 25 jaar te maken met de open source community in al haar verschillende vormen. Ik heb de gloriedagen meegemaakt: gedreven ontwikkelaars die tot diep in de nacht code schreven uit pure overtuiging, een rock-and-roll mentaliteit, en een bijna religieus geloof dat software vrij moest zijn. For the people, by the people. Dat was mooi. En het heeft de wereld veel gegeven. Maar de wereld is veranderd. En ik maak me zorgen dat de mensen die het hardst blijven roepen over de zegeningen van open source, dat het minst hebben gemerkt.

In Nederland geldt inmiddels de regel "open source, tenzij" voor overheidsinstellingen. De EU overweegt open source actief te subsidiëren. De argumenten zijn bekend: het is “gratis”, van hoge kwaliteit, het is transparant, het bevordert onafhankelijkheid van grote Amerikaanse techbedrijven en het is goed voor de maatschappij.

Jongere ontwikkelaars zijn niet minder capabel, maar wel anders gemotiveerd. Ze willen betaald worden voor hun werk.

Die argumenten zijn niet verkeerd. Maar ze zijn onvolledig en in sommige gevallen misschien zelfs wel een beetje naïef. Want terwijl overheden en beleidsmakers opensource omarmen als een kosteloos en onafhankelijk alternatief, is de realiteit aan de andere kant van het scherm een stuk grimmiger geworden.

Altruïsme heeft een houdbaarheidsdatum

De open source beweging is geboren uit idealisme. Ontwikkelaars die hun werk deelden omdat ze geloofden in openheid, samenwerking en collectieve vooruitgang. Dat idealisme was echt en het heeft buitengewone dingen voortgebracht: Linux, Apache, Python, PostgreSQL. Stuk voor stuk pijlers van de moderne digitale infrastructuur.

Maar dat was twintig, dertig jaar geleden. De mensen zijn veranderd. De generatie die tot 02:00 's nachts aan een open source project werkte voor niets anders dan de voldoening, is aan het uitsterven. Jongere ontwikkelaars zijn niet minder capabel, maar wel anders gemotiveerd. Ze willen betaald worden voor hun werk. Dat is terecht maar dat schuurt met het model waarop open source is gebouwd.

Het resultaat is een stille crisis die al jaren sluimert. Projecten die miljarden apparaten aandrijven, worden onderhouden door één of twee vrijwilligers. Het beroemde voorbeeld van Curl, een tool die door 47 automerken gebruikt wordt, van Tesla tot Rolls-Royce, wordt bijgehouden door een handvol mensen zonder structurele financiering. Dat is geen duurzaam model. Dat is een tijdbom.

AI maakt het erger, niet beter

Dan is er AI. De nieuwe heilsboodschap is dat AI open source juist zal versterken: meer bijdragen, snellere ontwikkeling, democratisering van softwareontwikkeling. De praktijk pakt anders uit.

Open source projecten worden overspoeld door AI-gegenereerde bijdragen. Pull requests die erop het eerste gezicht goed uitzien, maar bij nadere inspectie inhoudsloos of zelfs schadelijk zijn. GitHub heeft inmiddels maatregelen moeten nemen nadat maintainers van grote projecten zoals Godot en Blender publiekelijk aan de bel trokken. De projectverantwoordelijke van Godot omschreef het als "increasingly draining and demoralizing". Het Curl-project zette zijn bugbountyprogramma tijdelijk stop om dezelfde reden.

Maintainers, toch al een schaarse en kwetsbare groep, worden nu overspoeld met werk dat hen niets oplevert. De belofte van AI als versneller voor open source blijkt vooralsnog vooral een last.

In een wereld van toenemende geopolitieke spanning, exportbeperkingen op technologie en groeiend wantrouwen tussen grootmachten, is de herkomst van code wél relevant geworden.

De geopolitiek is geen achtergrondgeluid meer

Er is nog een dimensie die tien jaar geleden nauwelijks speelde maar nu niet te negeren is: geopolitiek. Open source was altijd een grenzeloos domein. Het maakte niet uit of een contributor uit Amerika, Brazilië, Korea, Rusland, China of Europa kwam. Code was code. De gemeenschap was de gemeenschap. In een wereld van toenemende geopolitieke spanning, exportbeperkingen op technologie en groeiend wantrouwen tussen grootmachten, is de herkomst van code wél relevant geworden. Overheden en veiligheidsdiensten kijken anders naar software waarvan de ontwikkelaars verspreid zijn over landen met tegengestelde belangen. En terecht: een backdoor hoeft niet met opzet te worden ingebouwd om schade te veroorzaken.

De open source-gemeenschap heeft hier nog geen goed antwoord op. De structuren die ooit de kracht waren van open source, namelijk openheid en mondiale samenwerking, zijn in het huidige klimaat ook een kwetsbaarheid geworden.

De leechers aan het woord

Er is één aspect dat in de discussie over open source zelden wordt benoemd, maar dat iedereen in de community kent: het leecher-probleem.

Organisaties die open source software gebruiken maar niets terug bijdragen. Die profiteren van het werk van anderen zonder dat zij ook maar één regel code, één bugrapport of één euro teruggeven aan de projecten waarop hun bedrijfsvoering steunt. Overheden die open source propageren als kosteloos en maatschappelijk verantwoord, maar die zelden investeren in de duurzaamheid van de projecten waarvan zij afhankelijk zijn.

De EU overweegt open source te subsidiëren. Dat is een stap in de goede richting. Maar het lost het structurele probleem niet op: zolang de incentives niet kloppen, zolang bijdragen leveren niet beloond wordt en consumeren niet gecorrigeerd wordt, blijft open source afhankelijk van een steeds kleinere groep mensen die steeds meer op hun schouders krijgen.

Het dilemma dat u niet langer kunt vermijden

Laten we eerlijk zijn over de keuze die voor u ligt. Want het is een echte keuze, met echte voor- en nadelen aan beide kanten.

Closed source biedt u garanties: professionele support, gegarandeerde releases, een vaste kostenstructuur en een leverancier die aanspreekbaar is als het misgaat. U weet wat u koopt en van wie. De keerzijde is ook reëel: geen inzicht in de broncode tenzij via escrow-regelingen, afhankelijkheid van een leverancier en haar partners in plaats van een community die groot en betrouwbaar of juist klein en risicovol kan zijn, en een commerciële roadmap die niet altijd precies spoort met uw belangen.

Open source biedt u onafhankelijkheid en de mogelijkheid om mee te bouwen aan iets groters. Maar dan wel op eerlijke voorwaarden. Dat betekent: bijdragen aan de projecten waarop u vertrouwt. Ontwikkelcapaciteit terugleveren waar u dat kunt. Actief participeren in de community in plaats van alleen te consumeren. Niet als gunst, maar als structurele verantwoordelijkheid.

De vraag die beleidsmakers, bestuurders en IT-verantwoordelijken zichzelf zouden moeten stellen, is simpel: op wie rekenen wij eigenlijk als wij vertrouwen op open source?

Beide keuzes zijn legitiem. Maar de keuze die níet legitiem is, is de keuze die de meeste organisaties nu maken: open source omarmen vanwege de kostenvoordelen, de verantwoordelijkheden stilzwijgend doorschuiven naar anderen en vervolgens verrast zijn als de kwaliteit, veiligheid of continuïteit tegenvalt. U kunt uw idealen trouw blijven. Maar dan moet u ze ook financieren.

De vraag die niemand wil stellen

Ik geloof nog steeds in de waarde van open source. Ik geloof in transparantie, in samenwerking, in het idee dat kennis gedeeld moet worden. Maar ik geloof niet meer in het sprookje dat open source vanzelf werkt, kosteloze goede wil oplevert en immuun is voor alles wat de rest van de wereld ook beïnvloedt.

De vraag die beleidsmakers, bestuurders en IT-verantwoordelijken zichzelf zouden moeten stellen is simpel: op wie rekenen wij eigenlijk als wij vertrouwen op open source? Op een community die veranderd is? Op maintainers die overbelast zijn? Op projecten die ondergefinancierd zijn? Op een model dat gebouwd is op idealisme dat steeds schaarser wordt?

Dat is geen reden om open source af te schrijven. Het is wel een reden om er met open ogen naar te kijken, in plaats van met de bril van twintig jaar geleden. De idealisten die open source al zo lang promoten verdienen respect voor wat zij hebben bijgedragen. Maar respect betekent ook eerlijkheid. En eerlijkheid betekent dat we de vragen die ongemakkelijk zijn niet langer mogen omzeilen.

Open source is geen oplossing. Het is een instrument. En zoals elk instrument verdient het zorgvuldig gebruik, realistische verwachtingen en structurele investering. Anders wordt het een geloofssysteem. En geloofssystemen zijn zelden goede basis voor technologiestrategie.

Plaats een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

(advertentie)

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heb je al een account? Log in

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heb je al een account? Log in