De vaste Kamercommissie voor Digitale Zaken vroeg de verantwoordelijke bewindspersonen om tekst en uitleg over de huidige staat van de digitale werkplekken en de plannen voor vernieuwing. De antwoorden laten een rijksoverheid zien die tegelijk versneld wil bewegen richting digitale soevereiniteit en weerbaarheid, maar nog werkt aan basisvoorwaarden als crisisorganisatie, kosteninzicht en samenhang tussen dienstverleners. De komende proof‑of‑concepts en onderzoeken naar samenwerking en de Digitale Dienst worden daarmee cruciaal voor de vraag of de soevereine digitale werkplek uitgroeit tot één sterk, uniform fundament onder de digitale rijksdienst of een optelsom van deelsystemen blijft.
Rijk stuurt op soevereine digitale werkplek, maar fundament nog niet op orde
De rijksoverheid werkt aan een meer weerbare en soevereine digitale werkplek voor ambtenaren, maar cruciale randvoorwaarden als bedrijfscontinuïteit, harmonisatie tussen dienstverleners en transparante kosten blijven achter bij de ambities. Dat blijkt uit de antwoorden van het ministerie van BZK naar aanleiding van het Verantwoordingsonderzoek 2025 van de Algemene Rekenkamer.
Digitaal soevereine werkplek
Het Rijk zet stappen richting digitale soevereiniteit, onder meer via het sinds 2020 geldende Open tenzij beleid voor overheidssoftware. De huidige werkplekken zijn echter nog sterk afhankelijk van Microsoft componenten in de cloud. Ze zullen stapsgewijs vervangen wordendoor autonome alternatieven. SSC-ICT, DICTU en DUO hebben opdracht gekregen een soevereine digitale werkplek te ontwikkelen, waarbij de eerste testgebruikers volgend jaar moeten worden overgezet. In 2026 worden proof of concepts uitgevoerd voor een rijksbrede soevereine werkomgeving en autonome cloudvoorzieningen.
Schaalvergroting tot één centrale, digitaal onafhankelijke werkplek moet zowel kostenvoordelen als meer standaardisering en efficiëntere inzet van schaars ICT‑personeel opleveren.
Bestaande autonomie‑initiatieven, zoals MijnBureau en andere Europese projecten, worden expliciet meegenomen in de zoektocht naar een rijksbrede soevereine werkplek. MijnBureau is opgezet als modulaire, open source samenwerkomgeving waarin Europese bouwstenen zoals La Suite en OpenDesk, plus Nextcloud, worden gecombineerd tot een autonome digitale werkomgeving. Daarmee fungeert het als praktische proeftuin voor de type oplossingen die in de rijksbrede soevereine werkplek kunnen landen.
Versnippering
De digitale werkplek is intussen organisatorisch versnipperd: zeven departementen kopen hun werkplek bij SSC-ICT in, twee bij DICTU en drie – waaronder Algemene Zaken, Defensie en OCW – beheren een eigen voorziening, zonder dat hun beweegredenen centraal in beeld zijn. Harmonisatie moet komen van een gezamenlijke soevereine werkplek van SSC-ICT, DICTU en DUO, gericht op tien departementen. Volgens het kabinet kan schaalvergroting tot één centrale, digitaal onafhankelijke werkplek zowel kostenvoordelen als meer standaardisering en efficiëntere inzet van schaars ICT‑personeel opleveren, wat past bij de ambitie van een “slagvaardige overheid”.
Prijsverschillen
Opmerkelijk is dat er nog geen verklaring kan geven voor de grote prijsverschillen tussen werkplekken bij SSC-ICT en DICTU; de organisaties gaan samen nader onderzoek doen naar het tariefverschil. Wel is duidelijk dat de tarieven worden opgebouwd uit kosten voor personeel, huisvesting, licenties en hardware, maar een fijnmazige uitsplitsing ontbreekt in de beantwoording.
Bedrijfscontinuïteit
Uit de beantwoording blijkt dat SSC-ICT een formele hersteltijd van maximaal 16 werkuren hanteert voor reguliere verstoringen, maar dat voor grote incidenten geen gegarandeerde hersteltermijn geldt. De Algemene Rekenkamer waarschuwt bovendien dat een vastgesteld bedrijfscontinuïteitsbeleid en crisismanagementplan ontbreken, waardoor de rijksoverheid kwetsbaar is bij langdurige uitval. Pas sinds 2025 loopt een programma om dat gat te dichten, met herstelplannen die in 2026 nog moeten worden uitgewerkt en getest.
Samenwerking interne dienstverleners
De vraag of rijkbrede samenwerking ook moet leiden tot daadwerkelijke samenvoeging van dienstverleners, zoals SSC-ICT en DICTU, blijft bewust open. Het politieke vizier richt zich op “optimale samenwerking” in plaats van fusies, omdat samenvoeging zou afleiden van de grote digitale opgaven. Wel lopen verschillende onderzoeken: een verdiepingsonderzoek naar samenwerking tussen SSC-ICT en DICTU, er ligt een een advies van de NDS‑Raad over de beoogde Digitale Dienst, en er loopt een ADR‑onderzoek naar de samenwerking tussen rijksbrede ICT‑dienstverleners en mogelijke schaalvoordelen bij samenvoeging. De uitkomsten daarvan volgen in 2026 en 2027 en moeten mede bepalen hoe de Nederlandse Digitale Dienst wordt gepositioneerd.
Plaats een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.